Ripple is uit een
BIS-werkgroep verdwenen, terwijl BIS-onderzoekers het
XRP Ledger juist voor een technisch experiment gebruikten. Dat klinkt als twee botsende signalen. De openbare stukken wijzen echter eerder op een aflopende termijn dan op een breuk.
De Bank for International Settlements vermeldt Ripple niet meer in de huidige samenstelling van zijn Cross-border Payments Interoperability and Extension-taskforce, kortweg PIE. Op een BIS-ledenlijst uit juli 2024 stond Rene Huijsen van Ripple nog wel als deelnemer vermeld.
Die wijziging krijgt extra gewicht door de timing. Op 2 september 2026
publiceerde de BIS namelijk onderzoek waarin het
XRP Ledger daadwerkelijk werd gebruikt voor een blockchainproef met officiële statistieken.
Ripple verdwijnt uit vernieuwde BIS-groep
De PIE-taskforce bestaat sinds 2023 en valt onder het Committee on Payments and Market Infrastructures, het CPMI. De groep moet private partijen betrekken bij het G20-programma voor snellere, goedkopere en beter gekoppelde grensoverschrijdende betalingen.
Daarbij gaat het onder meer om ISO 20022, snelle betaalsystemen, API's en internationale settlement. De
huidige BIS-pagina voor de PIE-taskforce telt ongeveer veertig leden uit banken, betaalbedrijven en brancheorganisaties. Ripple staat daar niet tussen.
Dat is een verandering ten opzichte van de eerdere groep. De openbare BIS-lijst van 8 juli 2024 noemde Ripple nog expliciet bij de deelnemende financiële partijen.
Belangrijk is wat de huidige voorwaarden daarnaast zeggen. Leden worden benoemd voor een hernieuwbare termijn van twee jaar. De taskforce kan deelname ook beëindigen bij bijvoorbeeld langdurige afwezigheid of belangenconflicten, maar de BIS heeft publiek geen dergelijke reden aan Ripple gekoppeld.
Er is daardoor geen openbaar bewijs dat Ripple uit de groep is gezet. De beschikbare documentatie past ook bij een normale vernieuwing van het ledenbestand na een eerdere termijn.
BIS test XRP Ledger voor officiële data
Juist daardoor valt het technische spoor meer op.
BIS-onderzoekers publiceerden op 2 september het working paper Verifiable official statistics: a blockchain-based approach. Daarin bouwden zij een systeem waarmee gebruikers kunnen controleren of officiële cijfers echt van de oorspronkelijke uitgever komen en later niet zijn gewijzigd.
De data zelf worden niet volledig op een
blockchain gezet. Het systeem maakt een cryptografische vingerafdruk van de dataset en legt een samengevat bewijs vast op het XRP Ledger.
Daarmee kan een gebruiker achteraf controleren of een bestand nog exact overeenkomt met de versie die eerder werd gepubliceerd.
Voor het proof-of-concept gebruikten de onderzoekers XRPL DevNet. Het officiële BIS-project noemt dat netwerk eveneens expliciet als het publieke ledger waarop de proef draaide.
De gemeten snelheid was concreet. Publicatie duurde tijdens de test ongeveer drie tot vijf seconden. Verificatie kostte één tot twee seconden. De BIS waarschuwt wel dat die cijfers uit gecontroleerde proefomstandigheden komen en niet uit een volledig productiesysteem.
Gebruik van XRPL is geen BIS-keurmerk
Daar zit ook de grens van wat uit het experiment kan worden afgeleid.
Het working paper vermeldt expliciet dat de opvattingen van de auteurs niet noodzakelijk die van de BIS of aangesloten centrale banken zijn. Het experiment bewijst dus technisch gebruik van XRPL, maar geen institutionele keuze voor Ripple of XRP.
Ook deelname aan de PIE-taskforce was nooit bedoeld als aanbeveling van producten of diensten van een lid. De voorwaarden van de werkgroep maken dat expliciet duidelijk.
Dat onderscheid telt, omdat Ripple, XRP en het XRP Ledger vaak op één hoop worden gegooid. Ripple is een bedrijf. XRP is het digitale activum. XRPL is het netwerk waarop ook toepassingen kunnen draaien die niet door Ripple zelf worden beheerd.
Het feit dat BIS-onderzoekers XRPL kiezen, betekent daarom niet automatisch dat de BIS een zakelijke relatie met Ripple heeft.
Twee verhalen die niet aan elkaar bewezen zijn
De verleiding ligt voor de hand: Ripple verdwijnt uit een BIS-groep, kort nadat onderzoekers van dezelfde organisatie XRPL gebruiken.
Maar de openbare stukken leggen geen oorzakelijk verband tussen die twee gebeurtenissen.
De taskforce werkt met termijnen van twee jaar en heeft nu een vernieuwde ledenlijst. Het XRPL-project komt uit een aparte onderzoekslijn rond verifieerbare statistieken. Beide lopen binnen de bredere BIS-organisatie, maar hebben een ander doel.
Ook het onderzoek zelf gaat niet over grensoverschrijdende betalingen met XRP. Het gaat om het bewijzen van herkomst en integriteit van data.
Dat maakt het experiment minder spectaculair dan sommige XRP-verhalen suggereren. Technisch is het wel relevant: een instelling die vaak kritisch kijkt naar publieke crypto en
stablecoins heeft voor een concreet prototype een publiek ledger gebruikt.
De formele stoel van Ripple aan de BIS-tafel is dus verdwenen. XRPL ligt op een andere BIS-tafel juist open voor technisch onderzoek. Voorlopig is alleen dát verband hard te maken.