Een lokale stablecoin kan bedoeld zijn als verdediging tegen de digitale
dollar. Volgens het
IMF kan diezelfde munt juist de oprit naar USDT of USDC worden.
Dan Katz, First Deputy Managing Director van het IMF, waarschuwde daar op 7 augustus voor tijdens een
toespraak aan de Universiteit van Kaapstad. Zijn punt is ongemakkelijk voor centrale banken: zodra een lokale munt en een dollar-stablecoin op dezelfde chain staan, wordt wisselen een onchain handeling.
Geen bankloket. Geen klassieke valutahandelaar. Gewoon een swap.
Lokale munt wordt digitale oprit
De redenering van Katz begint bij een beleidsidee dat logisch klinkt. Als dollar-stablecoins populair worden, kan een land een eigen lokale stablecoin toestaan of stimuleren.
Zo blijft gebruik binnen de nationale munt. Tenminste, dat is de hoop.
Maar op een openbare
blockchain bestaan tokens niet in nette beleidsvakken. Een gebruiker kan een lokale stablecoin omzetten naar een dollar-stablecoin via een decentralized exchange, liquiditeitspool of peer-to-peerdeal.
Daarmee verplaatst de valutapoort zich. Vroeger liep die via banken en FX-dealers. Onchain loopt die via software en liquiditeit.
Voor toezichthouders wordt dat lastiger te volgen en moeilijker af te remmen.
IMF ziet paradox rond stablecoins
De paradox is scherp. Een lokale
stablecoin moet de positie van de binnenlandse munt beschermen. Maar zodra er diepe handel met dollarcoins ontstaat, maakt die lokale munt de dollar juist beter bereikbaar.
Een stablecoin probeert zijn waarde vast te houden tegenover bijvoorbeeld de dollar, euro of rand. Daardoor voelt zo’n token voor gebruikers minder riskant dan een munt die hard beweegt.
Dollar-stablecoins hebben daarbij een groot voordeel. Ze hebben meer handelsparen, meer toepassingen en meer vertrouwen in landen waar de eigen munt zwak is.
Dat trekt gebruikers vanzelf naar de munt met de meeste bruikbaarheid. Niet naar de munt die de overheid het liefst ziet.
Zuid-Afrika laat de vraag zien
Katz noemde Zuid-Afrika als vroeg voorbeeld. Dollar-stablecoins hebben daar volgens hem nog geen dominante positie opgebouwd.
Stablecoins die aan de Zuid-Afrikaanse rand zijn gekoppeld, kennen nog minder vraag.
Het IMF trekt daar geen harde eindconclusie uit. Wel wijst Katz op mogelijke oorzaken: dollarcoins hebben diepere markten, sterkere netwerkeffecten en bredere inzet bij internationale betalingen.
Dat kan zichzelf versterken.
Hoe meer handel rond dollarcoins zit, hoe aantrekkelijker ze worden. Hoe aantrekkelijker ze worden, hoe meer liquiditeit daarheen gaat.
Voor lokale stablecoins ontstaat dan een bijrol: digitale tussenstap naar dollars.
Dollarisering kan sneller gaan
Het grotere risico heet dollarisering. Dat betekent dat mensen of bedrijven de
Amerikaanse dollar naast of in plaats van de lokale munt gaan gebruiken.
Dat gebeurt al langer in landen met hoge inflatie, zwakke valuta of lage beleidsgeloofwaardigheid. Stablecoins maken die route alleen makkelijker.
Vroeger had iemand contante dollars, een buitenlandse bankrekening of toegang tot een valutaloket nodig. Nu kan een smartphone genoeg zijn.
In stressperiodes kan dat hard gaan. Gebruikers kunnen sneller uit de lokale munt stappen. Dat kan druk zetten op wisselkoersen, banken en monetair beleid.
Het IMF schreef eerder ook dat stablecoin-instroom meetbare effecten kan hebben op valutamarkten. In een
IMF-working paper wordt stablecoinverkeer beschreven als opkomend onderdeel van wereldwijde valutamarkten.
IMF is niet simpelweg tegen stablecoins
De waarschuwing is geen verbodslijn. Katz maakt onderscheid tussen landen.
In economieën waar dollars al breed worden gebruikt, kan een dollar-stablecoin vooral een digitale vorm zijn van iets dat al bestaat. Dan verandert de drager, niet per se de totale vraag naar dollars.
In open economieën met sterke centrale banken en goede betaalsystemen ziet het IMF minder directe druk richting buitenlandse stablecoins. Daar kunnen voordelen zitten in goedkopere grensbetalingen en meer concurrentie.
Het risico is groter waar dollarvraag al onder de oppervlakte zit, maar toegang beperkt is.
Precies daar kan een dollar-stablecoin werken als digitale nooduitgang.
Een lokale stablecoin houdt gebruikers niet vast als de beste liquiditeit aan de andere kant van de swap zit.
Ook euro-stablecoins raken dit probleem
De analyse gaat vooral over opkomende economieën, maar het mechanisme raakt ook Europa.
Een euro-stablecoin bestaat niet in isolatie zodra die op dezelfde netwerken handelt als grote dollarcoins. Die koppeling maakt overstappen makkelijk.
Voor de eurozone is dat minder acuut dan voor landen met zwakke valuta. Toch raakt het de discussie rond
MiCA, stablecoinuitgevers en de digitale euro.
MiCA stelt eisen aan cryptoaanbieders en bepaalde stablecoins in Europa. Maar regels rond uitgifte lossen niet vanzelf de vraag op waar gebruikers naartoe swappen.
De
ECB wil met de digitale euro juist publieke betaalruimte houden in een markt die steeds meer door private partijen wordt bediend.
Het IMF laat zien waarom dat debat niet alleen over techniek gaat. Het gaat ook over muntmacht.
Toezicht moet naar de swaplaag kijken
Katz stelt dat landen lokale en buitenlandse stablecoins samen moeten bekijken. Een lokale munt op een chain kan immers toegang geven tot buitenlandse tokens.
Dat betekent dat toezicht niet alleen naar uitgevers moet kijken. Ook exchanges, liquiditeitspools,
wallets en buitenlandse platforms tellen mee.
Een wallet is hier niet alleen een bewaarplek. Het is ook de plek waar een gebruiker kan wisselen, betalen en waarde naar een andere munt schuiven.
Daarom wordt samenwerking tussen toezichthouders belangrijker. Een stablecoinroute stopt niet netjes bij de landsgrens.
Sterke munt blijft beste verdediging
Het IMF eindigt niet bij software. De hardste bescherming blijft ouderwets beleid.
Landen met lage inflatie, geloofwaardig monetair beleid, gezonde overheidsfinanciën en goed werkende betalingen geven inwoners minder reden om naar digitale dollars te vluchten.
Dat is de kern van Katz’ waarschuwing. Stablecoins maken bestaande zwaktes zichtbaarder en sneller verhandelbaar.
Voor crypto is dat belangrijk. Stablecoins worden vaak verkocht als betaaltool. Voor centrale banken zijn ze steeds meer een valutakanaal.
Lokale stablecoins kunnen daarbij helpen. Maar ze kunnen ook de brug naar de dollar worden.
En als die brug eenmaal liquide is, bepaalt niet de overheid welke munt gebruikers kiezen. Dan bepaalt de markt waar het geld heen stroomt.