Meer dan $40 biljoen Amerikaanse schuld hangt boven de
G20-bijeenkomst die maandag in North Carolina begint. Tegelijk staat de lange Amerikaanse rente rond niveaus die in bijna twee decennia niet zijn gezien.
Voor
Bitcoin levert dat een ongemakkelijke combinatie op.
Hoge obligatierentes trekken geld richting dollars en staatsleningen. Harder ingrijpen om die financieringskosten te drukken kan juist de discussie over schuld en koopkracht opnieuw aanjagen.
G20-ministers verzamelen in Asheville
De Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent ontvangt maandag 31 augustus en dinsdag 1 september de ministers van Financiën en centrale bankiers van de G20.
De
Amerikaanse Treasury bevestigt dat de bijeenkomst plaatsvindt in Asheville, North Carolina.
Plaatsvervangers en andere hoge functionarissen vergaderden daar zaterdag en zondag al.
Voor Bessent draait de bijeenkomst om groei, handelsonevenwichtigheden, schulden en geopolitieke druk rond Iran.
Maar zijn eigen obligatiemarkt zal eveneens aandacht trekken.
Amerikaanse schuld passeert $40 biljoen
De totale uitstaande Amerikaanse federale schuld ging op 19 augustus door $40 biljoen.
Daarbij is een onderscheid nodig.
De
Debt to the Penny-data van Treasury telt zowel schuld in handen van beleggers als schuld tussen onderdelen van de Amerikaanse overheid mee.
$40 biljoen staat dus niet gelijk aan $40 biljoen vrij verhandelbare staatsobligaties.
Het bedrag maakt de schaal van de Amerikaanse financieringsbehoefte wel zichtbaar.
Schuld is sinds 2017 ongeveer verdubbeld
De grens komt bovendien snel na eerdere records.
Sinds 2017 is de totale Amerikaanse schuld ongeveer verdubbeld.
Dat telt extra wanneer rentes hoog blijven.
Nieuwe schuld moet dan tegen hogere kosten worden uitgegeven.
Ook oude obligaties die aflopen, moeten tegen de huidige marktrente worden geherfinancierd.
Bij tientallen biljoenen dollars kan zelfs een beperkt verschil in gemiddelde rente uiteindelijk zwaar doorwerken in de begroting.
Dertigjaarsrente bereikt hoogste niveau in negentien jaar
Die druk werd deze maand zichtbaar op de obligatiemarkt.
De Amerikaanse 30-jaarsrente bereikte ongeveer 5,34%, het hoogste niveau in negentien jaar.
Beleggers vragen daarmee een hogere vergoeding om Washington voor tientallen jaren geld te lenen.
Daar zitten meerdere factoren achter.
Inflatie blijft hoog, begrotingstekorten zijn groot en de oorlog rond Iran heeft energie- en grondstoffenprijzen geraakt.
Ook de enorme hoeveelheid schuld die moet worden gefinancierd speelt mee.
Bessent verdubbelt bepaalde terugkoopoperaties
Op 19 augustus kwam Treasury met een opvallende reactie.
Het ministerie
verhoogt vanaf 9 september de maximale omvang van bepaalde terugkoopoperaties voor langlopende staatsobligaties.
Voor de segmenten van tien tot twintig jaar en twintig tot dertig jaar stijgt het maximum van $2 miljard naar minstens $4 miljard per operatie.
Die verhoging geldt voorlopig tot 4 november.
Daarna bekijkt Treasury de omvang opnieuw.
Dit is geen nieuwe QE
De vergelijking met geldcreatie door de Federal Reserve ligt snel op tafel.
Maar die klopt niet.
Treasury noemt de transacties officieel liquidity support buybacks.
Het ministerie koopt bestaande staatsobligaties terug om de handel in oudere obligaties soepeler te laten functioneren.
Dat verschilt van quantitative easing, waarbij de centrale bank haar balans vergroot om financiële voorwaarden ruimer te maken.
Ook wordt geen officiële maximale 30-jaarsrente vastgesteld.
Washington wil lange rente wel lager zien
Dat betekent niet dat de koersbeweging irrelevant is voor Treasury.
Een hoge Amerikaanse functionaris zei vlak voor de G20 dat lange obligatierentes boven een niveau waren gestegen dat het ministerie als een redelijke waardering beschouwt.
Washington wil die rentes volgens de functionaris lager krijgen.
Dat maakt de ingreep politiek gevoeliger.
Treasury hoort de Amerikaanse schuldmarkt traditioneel zo voorspelbaar mogelijk te bedienen.
Acties die worden gezien als pogingen om marktprijzen actief te sturen, krijgen daarom snel kritiek.
Druckenmiller valt Treasury hard aan
Stanley Druckenmiller behoort tot de bekendste critici.
De miljardair en voormalige mentor van Bessent noemde de grotere buybacks een fout.
Zijn bezwaar draait vooral om geloofwaardigheid.
Volgens hem moet Washington begrotingsproblemen oplossen via inkomsten en uitgaven, niet door liquiditeitsoperaties te gebruiken zodra lange rentes onaangenaam hoog worden.
Andere centrale bankiers volgen dezelfde discussie.
De Amerikaanse Treasury-markt is immers de basis voor prijzen van financiële producten wereldwijd.
Dat creëert twee tegengestelde krachten voor Bitcoin
Voor
BTC ontstaat daardoor geen eenvoudig positief of negatief scenario.
Hogere obligatierentes zijn meestal tegenwind.
Een belegger kan dan een aantrekkelijker rendement krijgen op Amerikaanse staatsleningen zonder het koersrisico van
Bitcoin te accepteren.
Dat verhoogt de concurrentie voor geld.
Ook financiering wordt duurder wanneer marktrentes stijgen.
Dat kan risicovolle posities raken.
Schuldzorgen werken juist de andere kant op
De tweede kracht is bijna het spiegelbeeld.
Wanneer beleggers gaan twijfelen aan de houdbaarheid van tekorten en schuld, kan de belangstelling voor schaarse bezittingen toenemen.
Daarom worden goud en Bitcoin steeds vaker samen genoemd in discussies over debasement.
Dat begrip verwijst naar angst dat geld op lange termijn koopkracht verliest door ruim beleid, grote tekorten of financiële ingrepen.
Bitcoin heeft daarvoor een eigenschap die de dollar niet heeft.
De maximale voorraad ligt vast op 21 miljoen BTC.
Dat maakt Bitcoin nog geen veilige haven
Ook hier is voorzichtigheid nodig.
Bitcoin heeft tijdens eerdere financiële paniekmomenten vaak juist hard verloren.
Wanneer beleggers snel cash nodig hebben, verkopen ze ook liquide crypto.
Een hoge schuld garandeert dus geen hogere Bitcoin-koers.
En een Treasury-buyback van $4 miljard is klein tegenover de totale Amerikaanse obligatiemarkt.
De relevantie zit vooral in het beleidsdebat dat eromheen ontstaat.
G20-landen zullen Bessent zelf vragen stellen
Dat maakt Asheville ongemakkelijk voor de Amerikaanse delegatie.
Washington wil andere landen aanspreken op handelsonevenwichtigheden en economische maatregelen die volgens de
VS oneerlijke concurrentie veroorzaken.
Andere deelnemers hebben genoeg eigen vragen.
De Amerikaanse schuld stijgt.
Importtarieven raken vrijwel alle G20-landen.
En de regering-Trump neemt een actievere houding aan op obligatie- en valutamarkten.
Bessent komt dus niet alleen om eisen te stellen.
Hij moet zijn eigen beleid verdedigen.
Alle G20-landen geraakt door nieuwe Amerikaanse tarieven
In juli legde Washington 10% of 12,5% aanvullende tarieven op aan zestig economieën vanwege vermeend onvoldoende optreden tegen dwangarbeid.
Alle G20-landen en de Europese Unie zaten in die groep.
Daarnaast riskeren zestien grote Amerikaanse handelspartners extra tarieven wegens vermeende industriële overcapaciteit.
Meer dan de helft daarvan behoort tot de G20.
Handel wordt daarmee waarschijnlijk een van de moeilijkste onderwerpen in Asheville.
China blijft centraal in discussie over overschotten
De VS richt zich vooral op grote mondiale handelsonevenwichtigheden.
China wordt daarbij niet altijd formeel genoemd, maar hangt duidelijk boven het dossier.
Chinese export steeg in juli zeer sterk.
Europa maakt zich eveneens zorgen over een grotere instroom van Chinese auto's, chips en andere goederen.
Washington wil dat economieën meer groeien door binnenlandse vraag en productiviteit in plaats van grote uitvoeroverschotten.
De Amerikaanse eigen begrotingstekorten maken die boodschap politiek kwetsbaar.
Iran brengt nog een tweede conflict naar tafel
Bessent wil daarnaast steun voor verdere economische isolatie van Iran.
Treasury
lanceerde op 24 augustus Operation Economic Outcast.
Daarmee zijn bijna zestig personen, ondernemingen en schepen aangepakt.
Washington breidde ook de mogelijkheid uit om buitenlandse partijen te sanctioneren wanneer ze zaken blijven doen binnen aangewezen Iraanse sectoren.
Digitale assets vallen daar expliciet onder.
Crypto zit zelfs rechtstreeks in Amerikaanse G20-agenda
Dat detail maakt de bijeenkomst nog relevanter voor CryptoBenelux-lezers.
Treasury noemt in zijn officiële G20-programma voor 2026 expliciet het stimuleren van een “vibrant digital assets ecosystem”.
Ook grensoverschrijdende betalingen, fraude en financiële regelgeving staan op de lijst.
Crypto is in Asheville dus niet alleen indirect aanwezig via Bitcoin en schuld.
Digitale assets maken deel uit van de formele Amerikaanse financiële agenda.
Hormuz houdt energieprijs als extra risico boven markt
Ook de oorlog rond Iran werkt door.
De Straat van Hormuz blijft zwaar verstoord, waardoor olie- en andere grondstoffenmarkten onder spanning staan.
Hogere energieprijzen kunnen inflatie langer hoog houden.
Dat raakt vervolgens de rente.
En die rente komt weer terug bij Bitcoin, aandelen en andere risicovolle bezittingen.
De G20 krijgt daardoor meerdere problemen die elkaar versterken, zoals:
- Schuld.
- Handel.
- Energie.
- Inflatie.
- Rente.
Bitcoin zit tussen hoge rente en angst voor hoge schuld
Dat is uiteindelijk de macro-economische spagaat.
Wanneer de Amerikaanse 30-jaarsrente verder oploopt, krijgt Bitcoin concurrentie van steeds aantrekkelijkere dollarobligaties.
Probeert Washington die rentestijging steeds actiever te dempen, dan groeit juist de discussie over overheidsschuld en financiële discipline.
Beide routes kunnen tegelijk zichtbaar zijn.
Dat maakt alleen naar de $40 biljoen kijken te eenvoudig.
De echte vraag is hoe beleggers reageren op de manier waarop Washington die schuld financiert.
Asheville draait daardoor ook om vertrouwen
De G20 zal de Amerikaanse schuld niet in twee dagen oplossen.
Ook verdwijnen handelstarieven en de Iran-oorlog niet door één slotverklaring.
De bijeenkomst kan wel duidelijk maken hoeveel steun Washington nog heeft voor zijn economische koers.
Voor Bitcoin is vooral de obligatiemarkt de thermometer.
$40 biljoen schuld is een indrukwekkend getal. Pas wanneer die schuld structureel hogere rentes of steeds actievere ingrepen afdwingt, wordt het voor Bitcoin een veel groter financieel verhaal.