Bijna €25 miljoen verdween bij 550 Nederlandse slachtoffers. De Nederlandse en Belgische
politie zetten nu ongeveer 700 gebruikte aliassen online om verdachten van
internationale beleggingsfraude onder druk te zetten.
De organisatie zou vanuit circa twintig callcenters hebben gewerkt. Volgens de politie liep de wereldwijde opbrengst op tot meer dan €100 miljoen per maand.
Operation Sunflower draait de rollen om
Op de officiële website
Operation Sunflower staan pseudoniemen die zogenoemde accountmanagers tijdens hun gesprekken gebruikten. De politie kondigde daarbij een aftelklok aan voor de publicatie van gedeeltelijk afgeschermde echte namen.
De betrokken personen zijn verdachten en niet automatisch veroordeelde daders. De site moet hen ontmoedigen, getuigen aan het praten krijgen en mogelijke nieuwe medewerkers afschrikken.
Accountmanagers ontvingen per brief of e-mail bericht over de actie. Informatie over geïdentificeerde verdachten is met hulp van Europol naar andere landen gestuurd.
De politie plaatst ook waarschuwingen in online groepen waar mensen voor fraudewerk worden geworven. Daarmee richt de operatie zich niet alleen op vervolging, maar ook op het personeelsbestand achter de
fraude.
Twintig callcenters werkten als één bedrijf
De organisatie zou sinds 2021 actief zijn geweest. Ruim 700 medewerkers werkten vanuit ongeveer twintig kantoren in verschillende landen.
Eén hoofdkantoor stuurde de overige locaties aan. Teams richtten zich ieder op slachtoffers uit een ander land en medewerkers gebruikten schuilnamen om hun identiteit te verbergen.
Dat maakt de zaak groter dan een verzameling losse oplichters. De politie beschrijft een professioneel bedrijf met technische teams, accountmanagers, leidinggevenden en eigen digitale systemen.
De geschatte buit van ruim €100 miljoen per maand is nog onderdeel van het lopende onderzoek. Het exacte aantal slachtoffers en de totale schade zijn niet vastgesteld.
Een kleine inleg opende de val
Slachtoffers kwamen vaak via een advertentie op een professioneel ogend beleggingsplatform terecht. Bekende Nederlanders of Belgen leken daarin lucratieve investeringen aan te bevelen.
Na het achterlaten van contactgegevens belde een vriendelijke accountmanager. Die begon meestal met een kleine investering en liet op een digitaal dashboard direct winst zien.
Het rendement bestond alleen op het scherm. Volgens de politie werd het geld niet belegd, maar belandde het veelal als cryptovaluta bij de organisatie.
Daarna begon de druk. Slachtoffers moesten meer storten om grotere winsten te behalen of een zogenaamd tijdelijk aanbod te benutten.
Wie geld wilde opnemen, kreeg nieuwe rekeningen. Er moesten belastingen, borgstellingen of andere verzonnen kosten worden betaald voordat uitbetaling mogelijk zou zijn.
Fraudeurs namen telefoons en computers over
Het Belgische onderzoek begon na de aangifte van een vrouw uit Koksijde. Zij maakte verspreid over 32 transacties een aanzienlijk bedrag over.
Onderzoekers stellen dat verdachten speciale software gebruikten om toegang te krijgen tot computers en telefoons. Vervolgens begeleidden zij slachtoffers bij het openen van cryptoaccounts.
Na de omzetting werden de cryptovaluta doorgestuurd naar wallets die volgens het parket bij de verdachten hoorden. Meer dan 200 Belgische slachtoffers zijn aan dezelfde organisatie gekoppeld.
“Criminelen verkopen slachtoffers een droomrendement, maar laten hen uiteindelijk achter met lege rekeningen en gebroken vertrouwen.”
De combinatie was sterk: een vertrouwd gezicht in een advertentie, een beleefde adviseur en een platform waarop de winst zichtbaar bleef stijgen.
Crypto was de geldroute, niet het lokmiddel
Niet ieder slachtoffer wilde bewust in Bitcoin of andere digitale munten beleggen. Crypto kwam vaak pas later in beeld, nadat de accountmanager vertrouwen had opgebouwd.
De fraudeurs hielpen slachtoffers bij het openen van accounts en het uitvoeren van transfers. Zo veranderde een gewone bankoverschrijving uiteindelijk in een internationale cryptostroom.
Dat maakt crypto bruikbaar als betaalroute, maar niet automatisch onzichtbaar. De politie onderzocht financiële sporen, IP-adressen en digitale apparatuur.
Ook commerciële partijen die servers, telecom- en cryptodiensten leverden, deelden volgens Operation Sunflower informatie. Delen van de gebruikte digitale systemen zijn vervolgens offline gehaald.
De fraude draaide dus niet op anonimiteit alleen. Ze draaide vooral op slachtoffers die zelf transacties uitvoerden onder begeleiding van iemand die zij vertrouwden.
Zes verdachten aangehouden
Op 26 mei werd op een Pools vliegveld een 46-jarige man aangehouden tijdens een reis vanuit Dubai. Hij heeft de Israëlische en Poolse nationaliteit en wordt verdacht van een sleutelrol binnen de organisatie.
De man is aan
Nederland overgeleverd. De rechter-commissaris plaatste hem na aankomst voorlopig veertien dagen in hechtenis.
Op 7 juli werden op Cyprus twee Nederlanders en een Belg opgepakt. Diezelfde dag arresteerde de Belgische politie in Ieper een vierde verdachte.
Drie dagen later volgde in Athene de aanhouding van een 44-jarige Nederlander. Daarmee kwam het totale aantal gemelde arrestaties in dit onderzoek op zes. Meer aanhoudingen worden niet uitgesloten.
Bij de actie op Cyprus namen agenten onder meer computers, telefoons, gegevensdragers en €50.000 contant geld in beslag. In
België werd een luxeauto meegenomen.
Nederlandse schade nadert €25 miljoen
De Nederlandse politie koppelt ongeveer 550 aangiftes aan de organisatie. Slachtoffers verloren samen bijna €25 miljoen.
De meeste Nederlandse gedupeerden raakten meer dan €10.000 kwijt. Sommige slachtoffers wisten tijdens het onderzoek nog niet dat hun vermeende beleggingen niet bestonden.
Agenten namen daarom zelf contact met hen op om verdere stortingen te stoppen. Wereldwijd zou het netwerk tienduizenden mensen hebben geraakt.
De Belgische schade is nog niet exact openbaar gemaakt. Het parket spreekt over tientallen miljoenen euro’s bij Belgische en Nederlandse slachtoffers samen.
Recoverybedrijven openen de tweede val
Na de eerste fraude kan een nieuw bedrijf contact opnemen. Zo’n herstelpartij belooft het verloren geld terug te halen tegen betaling van borg, belasting of juridische kosten.
De Nederlandse politie vermoedt dat sommige van deze recoverybedrijven bij dezelfde frauduleuze netwerken horen. Het slachtoffer wordt dan met kennis van het eerdere verlies opnieuw benaderd.
Dat maakt de tweede poging vaak overtuigender. De beller kent bedragen, namen en transacties uit de eerste fraude.
Een betrouwbare opsporingsdienst vraagt geen vooruitbetaling om gestolen crypto terug te halen. Ook politie en banken laten slachtoffers geen nieuwe wallet openen om geld te kunnen ontvangen.
Drie signalen die direct alarm moeten slaan
- Een onbekende vraagt software te installeren waarmee hij het scherm kan bekijken of bedienen.
- Een accountmanager begeleidt de opening van een cryptorekening en dicteert naar welk adres geld moet.
- Uitbetaling kan alleen na een nieuwe betaling voor belasting, borg of verificatie.
Wie een van deze patronen herkent, moet direct stoppen met overmaken en contact opnemen met de eigen bank en politie. Belgische gebruikers kunnen verdachte websites ook melden via Safeonweb.
Operation Sunflower laat zien dat de politie niet alleen achter leidinggevenden aan gaat. Ook de medewerker die maandenlang vriendelijk belt onder een valse naam, komt steeds nadrukkelijker in beeld.
De winst op het scherm was fictief. De digitale en financiële sporen die de accountmanagers achterlieten, blijken dat niet te zijn.