Nederland crypto fraude

Nederlander wil schuldsanering opnieuw laten beoordelen na crypto-oplichting

Europa•
€445.597 aan schulden bleef achter nadat een man geld uit zijn bouwrekening gebruikte tijdens een online fraudezaak. Een advocaat-generaal bij de Hoge Raad vindt nu dat de afwijzing van zijn schuldsanering niet goed genoeg is gemotiveerd.
Dat betekent niet dat zijn schulden verdwijnen. Ook is hij nog niet toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. De inzet is voorlopig alleen of zijn verzoek opnieuw moet worden beoordeeld.

Het begon met $100 voor online productreviews

De zaak begon in oktober 2023.
Volgens de conclusie van advocaat-generaal R.H. de Bock werd de man via LinkedIn benaderd door iemand die zich voordeed als klantenservice.
Hij moest eerst $100 sturen en kreeg opdrachten om producten te beoordelen. Daarmee zou hij geld kunnen verdienen.
Aanvankelijk gebruikte hij eigen geld. De beschreven werkwijze leverde eerst rendement op, dat in een cryptowallet verscheen.
Daarna werd steeds om nieuwe betalingen gevraagd. Toen zijn eigen middelen opraakten, begon hij geld uit een bouwrekening te gebruiken.
Volgens de stukken deed hij dat uit angst dat eerdere betalingen anders verloren zouden gaan.

Bouwrekening eindigt in restschuld van ruim €412.000

Die beslissing kreeg zware gevolgen.
De bouwrekening was gekoppeld aan een nieuwbouwwoning die hij met zijn toenmalige echtgenote had gekocht. Rabobank had daarvoor ook een bouwbudget van ruim €391.000 verstrekt.
Door de betalingsproblemen werd de woning op 1 november 2024 verkocht.
Daarna bleef een hypotheekrestschuld van €412.358,31 over. Daarnaast stond nog €33.239 aan belastingschulden open.
De totale schuldenlast kwam daarmee uit op €445.597,31.
Dat bedrag moet niet worden gelezen als het bedrag dat rechtstreeks via crypto of aan de fraudeurs is verdwenen. Het bestaat uit meerdere schulden die na de financiële problemen achterbleven.

Hof zag vooral eigen verantwoordelijkheid

De man vroeg vervolgens toegang tot de Wsnp, de wettelijke schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen.
De rechtbank Oost-Brabant wees dat verzoek in april 2026 af. Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch hield die beslissing op 4 juni in stand.
Het hof vond dat de man niet te goeder trouw was geweest bij het ontstaan van zijn schulden.
Daarbij omschreef het hof zijn handelen onder meer als speculatief handelen op de cryptomarkt. Volgens het hof had hij moeten begrijpen dat zijn keuzes grote financiële risico's meebrachten.
Ook twijfelde het hof eraan of hij zich voldoende voor zijn schuldeisers zou inzetten.

Kostgeld van €1.850 bleek al verlaagd

Daarbij speelde het bedrag dat de man maandelijks aan zijn ouders betaalde een belangrijke rol.
Het hof ging uit van bijna €1.850 kostgeld per maand. Dat vond het zo hoog dat schuldeisers volgens het hof werden benadeeld.
De Bock ziet daar een probleem.
Uit stukken die tijdens het hoger beroep waren ingebracht, bleek dat het kostgeld vanaf maart 2026 was verlaagd naar €1.300 per maand.
Dat bedrag lag dus al honderden euro's lager dan het bedrag waarop het hof zijn oordeel grotendeels baseerde.
De man stelde bovendien dat zijn financiële afspraken waren afgestemd met de gemeentelijke schuldhulpverlening.
Volgens de A-G had het hof deze informatie duidelijker in zijn beoordeling moeten meenemen.

Hardheidsclausule is juist bedoeld voor uitzonderingen

Het tweede geschilpunt gaat verder dan één maandbedrag.
De Wsnp kent een hardheidsclausule. Iemand die niet aan de normale eis van goede trouw voldoet, kan onder voorwaarden toch worden toegelaten.
Daarvoor moet aannemelijk zijn dat de oorzaken achter het ontstaan of onbetaald laten van de schulden onder controle zijn gebracht.
De man wees onder meer op zijn scheiding, zijn vaste baan en het feit dat hij geen nieuwe schulden meer maakte. Ook leefde hij volgens eigen zeggen al volgens afspraken uit de schuldhulp.
Het hof vond die verandering onvoldoende.
De A-G vindt de redenering daarachter te beperkt.

Eigen fouten blokkeren schuldsanering niet automatisch

Het hof legde veel gewicht bij het idee dat de financiële gevolgen voortkwamen uit riskante keuzes waarvoor de man zelf verantwoordelijk was.
Volgens De Bock kan dat niet automatisch het einde van de discussie zijn.
De hardheidsclausule bestaat juist voor situaties waarin iemand eerder niet te goeder trouw handelde, maar daarna aantoonbaar zijn gedrag en financiële situatie heeft veranderd.
Een rechter moet daarom kijken wat er sinds het ontstaan van de schulden is gebeurd.
Heeft iemand maatregelen genomen? Zijn de oorzaken beheersbaar geworden? Is de financiële situatie stabieler?
Volgens de A-G heeft het hof onvoldoende uitgelegd waarom de veranderingen bij deze man niet genoeg waren.

Was dit wel 'speculatief cryptohandelen'?

Opvallend is dat De Bock ook vraagtekens zet bij de taal van het hof.
Het hof sprak onder meer over speculatief handelen op de cryptomarkt en een risicovol crypto-avontuur.
De feitelijke gang van zaken leest volgens de A-G echter anders.
De man werd online benaderd, kreeg eerst kleine betalingen voorgespiegeld en werd vervolgens bewogen steeds meer geld over te maken. In zijn aangifte sprak hij over fraude, misleiding en bedrog.
De Bock merkt daarom op dat de omschrijving van het hof niet zonder meer aansluit bij wat er volgens de stukken gebeurde.
Over dat specifieke taalgebruik is in cassatie echter geen afzonderlijke klacht ingediend. De Hoge Raad hoeft daar dus niet zelfstandig een oordeel over te geven.

Hoge Raad heeft nog niet beslist

De conclusie van de A-G eindigt met een duidelijk advies: vernietig het arrest van het hof en verwijs de zaak voor een nieuwe beoordeling.
Dat advies is juridisch belangrijk, maar niet bindend.
De Hoge Raad kan de conclusie volgen, maar hoeft dat niet te doen. Op 14 oktober staat zaak 26/02267 nog tussen de lopende civiele zaken bij de Hoge Raad.
Zelfs als het arrest wordt vernietigd, is de man niet automatisch schuldenvrij.
Een andere rechter moet dan opnieuw beoordelen of hij aan de voorwaarden voor de Wsnp voldoet en of de hardheidsclausule in zijn geval ruimte biedt.
De zaak draait daarmee niet om de vraag of verkeerde financiële beslissingen zonder gevolgen blijven.
De juridische vraag is smaller: mag een rechter iemand vanwege die eerdere fouten blijven uitsluiten wanneer zijn gedrag en financiële situatie daarna aantoonbaar zijn veranderd?

Stop met te veel betalen voor je crypto. Bij de Amsterdamse exchange Finst handel je tegen de laagste tarieven van Nederland, zonder verborgen kosten.

👀 Bekijk Finst nu ›

Let op: Beleggen in crypto brengt risico’s met zich mee. Handel alleen met geld dat u kunt missen.

Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading