De Belastingdienst haalde in 2025 €139 miljoen binnen bij de aanpak van verborgen inkomen en vermogen. Cryptoactiva worden daarbij expliciet genoemd als een van de digitale financiële producten waar de fiscus scherper naar kijkt.
Dat bedrag kwam niet volledig uit
crypto.
De grotere verandering zit ergens anders: cryptodienstverleners verzamelen sinds 1 januari 2026 gegevens die vanaf volgend jaar rechtstreeks bij belastingdiensten terechtkomen.
€139 miljoen uit bredere aanpak van verborgen vermogen
De
Belastingdienst maakte op 1 september bekend dat in 2025 €139 miljoen aan belastingen en boetes werd geïncasseerd.
Het programma richt zich op niet-opgegeven inkomen en vermogen.
Daaronder vallen buitenlandse bankrekeningen, buitenlandse juridische constructies en digitale financiële producten zoals crypto.
De fiscus publiceert niet welk deel van de €139 miljoen specifiek uit cryptodossiers kwam.
Crypto is dus onderdeel van het probleemgebied, niet de verklaring voor het volledige bedrag.
Bijna 1.500 signalen onderzocht
In totaal behandelde de Belastingdienst 1.495 signalen van mogelijk verborgen vermogen.
Dat was 12,5% meer dan in 2024.
Van die dossiers leidden er 522 tot een correctie.
De gemiddelde opbrengst per gecorrigeerd dossier bedroeg ruim €266.000.
De grootste opbrengst kwam uit buitenlandse rechtspersonen.
Die categorie leverde €66,5 miljoen op.
Internationale data bracht €40,6 miljoen binnen
Ook internationale gegevensuitwisseling speelde al een grote rol.
Daaruit kwam in 2025 €40,6 miljoen voort.
Nog eens €16,3 miljoen volgde uit vrijwillige verbeteringen van belastingplichtigen die eerder verzwegen vermogen alsnog meldden.
Volgens de Belastingdienst wisselen inmiddels 134 landen automatisch financiële gegevens uit.
Crypto krijgt daar nu een eigen rapportagelaag bovenop.
DAC8 draait sinds 1 januari om cryptodata
Sinds 1 januari 2026 moeten rapporterende cryptodienstverleners gegevens over gebruikers en transacties verzamelen.
Daaronder vallen aanbieders met een
MiCA-vergunning.
Ook bepaalde exploitanten zonder zo'n vergunning kunnen onder de rapportageplicht vallen.
Het systeem sluit aan op het internationale Crypto-Asset Reporting Framework, oftewel CARF.
Dit soort gegevens wordt verzameld
De rapportage gaat verder dan alleen naam en woonplaats.
Aanbieders moeten onder meer identificerende gegevens vastleggen, zoals naam, adres, fiscale woonplaats en fiscaal identificatienummer.
Daarnaast worden bepaalde omwisseltransacties gerapporteerd.
Denk aan crypto naar euro's, dollars of andere cryptoactiva.
Ook soort crypto, aantallen, brutobedragen en marktwaarde kunnen onderdeel van de rapportage zijn.
Ook transfers naar externe wallets kunnen meetellen
De regels kijken niet uitsluitend naar koop en verkoop op een
exchange.
De Belastingdienst noemt ook bepaalde overboekingen tussen gebruikers.
Transfers naar
wallets kunnen eveneens worden gerapporteerd wanneer de aanbieder niet kan vaststellen dat de ontvangende wallet bij een andere cryptodienstverlener hoort.
Ook bepaalde grote retailbetalingen vallen binnen het gegevenspakket.
Dat betekent niet dat iedere beweging op iedere blockchain automatisch rechtstreeks naar de fiscus gaat.
De rapportage loopt via dienstverleners die onder
DAC8 of CARF vallen.
Nederlandse deadline ligt op 31 januari 2027
Daar zit een belangrijke datum voor aanbieders.
Gegevens over kalenderjaar 2026 moeten in
Nederland uiterlijk 31 januari 2027 bij de Belastingdienst liggen.
De dienstverlener moet klanten ook informeren over welke gegevens worden doorgegeven.
Daarna kan internationale uitwisseling volgen.
De Europese Commissie stelt dat de eerste uitwisseling tussen belastingdiensten over rapportagejaar 2026 uiterlijk 30 september 2027 plaatsvindt.
Dat zijn dus twee verschillende deadlines.
Nederland voerde wet pas in april formeel in
De Nederlandse invoering kende bovendien een opvallende timing.
Het bijbehorende uitvoeringsbesluit volgde later die maand.
De regels kregen terugwerkende kracht tot 1 januari 2026.
Dienstverleners moeten daardoor gegevens over het volledige jaar verzamelen, ook al verscheen de formele Nederlandse wet pas in april.
Ook volledig Nederlandse transacties vallen eronder
Nederland koos ervoor de rapportageplicht niet alleen te gebruiken voor grensoverschrijdende gevallen.
Het uitvoeringsbesluit maakt duidelijk dat ook volledig binnenlandse transacties binnen de Nederlandse rapportage kunnen vallen.
Een Nederlandse klant bij een Nederlandse rapporterende cryptodienstverlener verdwijnt dus niet automatisch buiten beeld omdat er geen buitenlandse partij bij betrokken is.
Dat maakt DAC8 voor de Belastingdienst bruikbaarder dan alleen als internationaal uitwisselingsmechanisme.
Nieuwe regels veranderen belastingplicht zelf niet
Voor cryptobezitters is dit onderscheid belangrijk.
DAC8 creëert geen nieuwe aparte cryptobelasting.
De Belastingdienst zegt expliciet dat de fiscale behandeling van crypto door deze rapportage niet verandert.
Of iemand
belasting verschuldigd is, hangt nog steeds af van zijn persoonlijke situatie en de geldende Nederlandse belastingregels.
Wat verandert, is vooral hoeveel informatie de fiscus beschikbaar krijgt om aangiftes te controleren.
Een exchange-account wordt daardoor veel transparanter
Wie crypto uitsluitend op een openbare
blockchain bekijkt, ziet adressen en transacties.
DAC8 voegt daar informatie van dienstverleners aan toe.
Dat kan een naam koppelen aan een fiscale woonplaats.
Een omwisseling koppelen aan een bedrag.
En bepaalde transfers koppelen aan een klantaccount.
Precies die combinatie maakt belastingcontrole veel krachtiger dan alleen blockchainanalyse.
Eigen wallet valt niet buiten ieder zicht
Ook self-custody betekent daarom niet automatisch dat een transactie fiscaal onzichtbaar is.
Een eigen wallet rapporteert zelf niets aan de Belastingdienst.
Maar wanneer crypto vanuit een rapporterende dienstverlener naar zo'n wallet wordt gestuurd, kan die uitgaande transfer wel onderdeel zijn van de gegevens die de aanbieder moet vastleggen.
Andersom kan een latere storting bij een dienstverlener opnieuw een datapunt opleveren.
De volledige eigendomsketen is daarmee niet automatisch bekend.
Er ontstaan wel meer aanknopingspunten.
Administratie wordt belangrijker voor beleggers
Voor Nederlandse cryptobezitters zit daar de praktische verandering.
Wie via meerdere platforms handelt, tokens onderling wisselt of geld naar eigen wallets stuurt, doet er goed aan zelf een sluitende administratie bij te houden.
Niet omdat DAC8 ineens nieuwe belastingregels creëert.
Wel omdat de Belastingdienst straks gegevens van aanbieders naast een aangifte kan leggen.
Een verschil dat jarenlang onzichtbaar bleef, kan daardoor sneller vragen oproepen.
2026 is het jaar waarin de database wordt gevuld
De €139 miljoen uit 2025 kijkt terug.
DAC8 kijkt vooruit.
De eerste volledige Nederlandse cryptorapportage komt pas in januari 2027 binnen.
Daarna volgt de Europese gegevensuitwisseling.
Dat betekent dat 2026 feitelijk het eerste jaar is waarin het nieuwe systeem met transactiedata wordt gevuld.
Voor cryptobezitters verandert de belastingwet daardoor niet automatisch. De informatieachterstand van de Belastingdienst wordt wel een stuk kleiner.