Bitcoin hangt tussen twee niveaus die volgens Michaël van de Poppe het volgende koersscenario kunnen bepalen.
Onder $80.000 kijkt de Nederlandse analist naar $78.400 tot $79.700 als mogelijke interessezone. Boven $82.900 gebeurt juist het tegenovergestelde: dan vervalt volgens hem het dalende patroon en komt ruimte vrij voor nieuwe toppen.
Bitcoin stond bij een meting op 23 oktober rond $81.674.
De
koers zat daarmee precies tussen beide routes in.
Van de Poppe houdt rekening met diepere correctie
In zijn
analyse van 22 oktober schrijft Van de Poppe dat een nieuwe daling hem niet zou verbazen.
Zijn aandacht gaat dan vooral naar de zone tussen $78.400 en $79.700.
Vanaf de gemeten $81.674 betekent $79.700 een daling van ongeveer 2,4%.
Voor $78.400 is circa 4% nodig.
Die percentages maken de afstand zichtbaar. Ze zeggen niets over de waarschijnlijkheid dat bitcoin daar daadwerkelijk komt.
Onder $80.000 ligt geen gegarandeerde bodem
De lagere zone moet bovendien niet als vastgesteld steunniveau worden gelezen.
Van de Poppe vergelijkt de huidige koersstructuur met eerdere bewegingen waarbij bitcoin eerst boven recente niveaus uitkwam, daarna terugviel en vervolgens nieuw opwaarts momentum vond.
Dat is technische patroonvergelijking.
Het bewijst niet dat dezelfde volgorde opnieuw verschijnt.
Bitcoin kan de zone bereiken en verder dalen. De koers kan ook al eerder herstellen en $80.000 nooit doorbreken.
Van de Poppe noemt daarom een gebied waar hij op zou letten, geen gegarandeerde bodem.
$82.900 is belangrijker voor zijn dalende scenario
Aan de bovenkant is zijn grens scherper.
Een beweging boven $82.900 zou volgens Van de Poppe het dalende patroon ontkrachten.
Vanaf $81.674 ligt dat niveau ongeveer 1,5% hoger.
Daarmee is de afstand naar zijn technische invalidering kleiner dan de afstand naar de onderkant van zijn lagere interessezone.
| Bitcoinbeweging | Betekenis binnen zijn analyse |
| $78.400–$79.700 | Zone waar hij bij verdere daling naar kijkt |
| Boven $82.900 | Dalend patroon volgens hem ongeldig |
| Daarna hogere toppen | Mogelijk vervolg als de uitbraak standhoudt |
Dat laatste blijft een verwachting.
Een tik boven $82.900 garandeert niet dat bitcoin daarna automatisch verder stijgt.
Een invalideringsniveau maakt de analyse toetsbaar
Juist het hogere niveau is belangrijk.
Een technische verwachting zonder punt waarop zij ongeldig wordt, kan achteraf bijna altijd worden aangepast.
Van de Poppe geeft wel zo'n grens.
Zolang bitcoin onder $82.900 blijft, houdt hij rekening met de lagere route. Breekt de koers volgens zijn criteria boven dat niveau, dan moet het neerwaartse scenario worden herzien.
Dat maakt de
analyse voorwaardelijk in plaats van absoluut.
Hij zegt dus niet dat bitcoin eerst naar $78.400 moet.
Bitcoin zat bij de meting midden tussen beide zones
Bij de
CoinGecko-meting van CryptoBenelux op 23 oktober rond 14.34 uur Nederlandse tijd noteerde bitcoin ongeveer $81.674.
Dat was boven de psychologische grens van $80.000.
Maar ook nog onder Van de Poppes $82.900.
Op dat moment was daardoor geen van beide routes bevestigd.
Een koers tussen twee technische niveaus is geen signaal op zichzelf.
De eerstvolgende overtuigende beweging bepaalt welke kant van zijn analyse relevanter wordt.
$80.000 heeft vooral psychologische waarde
De ronde grens van $80.000 valt op.
Maar Van de Poppe noemt niet exact $80.000 als zijn lagere koop- of bodemniveau.
Zijn zone begint daaronder, bij $79.700, en loopt tot $78.400.
Dat onderscheid voorkomt dat iedere korte beweging onder $80.000 meteen als bevestiging van zijn volledige scenario wordt behandeld.
Een koers van $79.950 zit technisch onder $80.000.
Maar nog niet in de door hem genoemde zone.
Een technische zone zegt niets over de oorzaak van de daling
Ook de reden voor een eventuele beweging blijft buiten deze analyse.
Een daling kan ontstaan door verkoopdruk op spotmarkten, derivatenposities, macrodata of een combinatie daarvan.
De grafiek vertelt achteraf waar kopers en verkopers elkaar vonden.
Hij vertelt niet automatisch waarom zij daar handelden.
De niveaus van Van de Poppe moeten daarom worden gelezen als technische beslispunten, niet als verklaring voor de markt.
Ether krijgt een eigen lagere zone
Van de Poppe kijkt tegelijkertijd naar Ethereum.
In een
afzonderlijke analyse noemt hij prijzen onder $2.300 als gebied waar hij sterk geïnteresseerd zou raken.
Bij dezelfde marktmeting stond ether rond $2.400.
ETH moest vanaf dat niveau dus ruim 4% dalen om onder $2.300 uit te komen.
Van de Poppe verwacht vanaf zijn lagere zone een relatief snelle ommekeer en houdt daarna rekening met nieuwe toppen.
Ook daar koppelt hij geen vaste datum aan.
Bitcoin hoeft niet eerst omlaag
Dat is uiteindelijk de belangrijkste grens rond zijn analyse.
De lagere bitcoinzone is geen verplichte tussenstop.
Van de Poppe schetst twee routes.
Zakt bitcoin verder, dan kijkt hij naar $78.400–$79.700.
Breekt bitcoin eerst boven $82.900, dan vervalt volgens hem juist de neerwaartse technische opzet.
Bij $81.674 zat de markt ertussenin.
De interessantste koers is daarom niet het midden.
Het is welke grens als eerste breekt.