72 GPU’s in één rack. 31 TB aan HBM4-geheugen. En OpenAI als klant in de wachtrij.
AMD zet met
Helios eindelijk een
AI-wapen neer dat niet alleen uit chips bestaat. Dit is een complete datacenterblauwdruk waarmee het bedrijf
Nvidia’s Vera Rubin-aanpak rechtstreeks aanvalt.
Wat AMD Helios precies doet
Helios is een rackscale-ontwerp. Simpel gezegd: tientallen chips in één datacenterrack werken samen als één groot AI-systeem.
Volgens AMD combineert Helios 72 Instinct MI455X-GPU’s met EPYC “Venice”-processors, Pensando Vulcano-netwerkchips en ROCm-software.
Een volledig rack levert volgens AMD tot 2,9 exaflops FP4-rekenkracht en 1,4 exaflops FP8-rekenkracht. FP4 en FP8 zijn lagere precisieniveaus die vooral worden gebruikt om grote AI-modellen sneller en goedkoper te laten draaien.
Daarbij komt 31 TB HBM4-geheugen. Dat is belangrijk, want grote modellen vreten geheugen. Hoe meer lokaal beschikbaar is, hoe minder data traag tussen systemen hoeft te schuiven.
De MI455X zelf krijgt maximaal 432 GB HBM4 per GPU.
OpenAI geeft AMD geloofwaardigheid
De hardste naam bij dit verhaal is OpenAI. AMD en
OpenAI sloten eerder een meerjarige deal voor maximaal 6 gigawatt aan AMD-GPU’s.
De eerste fase gaat om 1 gigawatt aan MI450-systemen en moet in de tweede helft van 2026 starten.
Dat maakt Helios groter dan een productslide. Grote AI-labs kopen geen belofte. Ze kopen rekencapaciteit die op schaal moet werken.
OpenAI blijft Nvidia gebruiken, maar verdeelt zijn rekenmacht breder. Dat is precies wat AMD nodig heeft.
Niet één benchmark op een podium. Wel klanten die hun software en datacenters aanpassen.
Nvidia wordt niet geraakt door één GPU
De aanval op Nvidia gaat niet meer over losse accelerators. Dat tijdperk is voorbij.
AI-bedrijven kopen geen chip. Ze kopen throughput, stroomverbruik, geheugen, netwerk, koeling en software in één pakket.
Daar heeft Nvidia jarenlang aan gebouwd met CUDA, NVLink, Spectrum-X, BlueField en nu
Vera Rubin NVL72.
Vera Rubin NVL72 combineert 72 Rubin-GPU’s met Vera-CPU’s en een strak geïntegreerde stack. Nvidia claimt tot 10x lagere kosten per miljoen tokens tegenover Blackwell NVL72 bij lang-context-inference.
Dat is de lat waar AMD overheen moet.
Helios probeert hetzelfde spel anders te spelen: opener ontwerp, OCP Open Rack Wide, UALink, Ultra Ethernet en ROCm.
Nvidia verkoopt controle. AMD verkoopt keuze.
Dat klinkt goed voor cloudbedrijven die niet volledig in één ecosysteem willen blijven hangen. Maar keuze telt pas als de software soepel draait.
ROCm blijft de echte test
AMD’s grootste probleem zit niet alleen in hardware. Het zit in software.
Nvidia’s CUDA heeft een enorme voorsprong. Ontwikkelaars, libraries, tools en modellen zijn daar jarenlang op afgestemd.
AMD probeert dat gat te dichten met ROCm. Volgens AMD ondersteunt de softwarestack onder meer PyTorch, TensorFlow, JAX, ONNX Runtime, vLLM en Triton.
Dat is nodig. Zonder brede softwaresteun wordt Helios een snelle machine waar te weinig workloads goed op landen.
Voor OpenAI, Microsoft en andere grote klanten is dit dus een praktische vraag: kan ROCm stabiel draaien bij gigantische modellen, hoge bezettingsgraad en drukke productieomgevingen?
Als dat lukt, heeft AMD een echte ingang. Als het hapert, blijft Nvidia de veilige keuze.
Waarom dit crypto raakt
Helios verandert de prijs van
Bitcoin niet vanmiddag. Maar goedkopere AI-rekenkracht raakt wel het snijvlak van AI en crypto.
AI-agents die
blockchains analyseren, wallets aansturen, fraude zoeken of transacties controleren, gebruiken veel inference-capaciteit.
Inference betekent dat een getraind model antwoorden genereert of taken uitvoert.
Als AMD en Nvidia elkaar harder beconcurreren, kan die rekencapaciteit goedkoper worden. Dat helpt diensten rond on-chain analyse, compliance, securitymonitoring en agentic payments.
Ook projecten rond decentralized AI krijgen belang bij meer hardwarekeuze. Minder afhankelijkheid van één chipmaker is gezond.
Maar Helios is geen speelgoed voor kleine nodes. Het systeem is gebouwd voor grote datacenters, hyperscalers en gespecialiseerde AI-clouds.
De eerste winst gaat dus naar OpenAI, Microsoft, Anthropic, Meta en cloudpartijen. Pas later sijpelt lagere rekendruk mogelijk door naar crypto-apps.
Open standaarden zijn AMD’s breekijzer
AMD weet dat het Nvidia niet zomaar verslaat met ruwe specs. Daarom leunt Helios zwaar op open standaarden.
Open Rack Wide komt uit de OCP-hoek. UALink moet GPU’s op schaal verbinden. Ultra Ethernet moet datacenters minder afhankelijk maken van gesloten routes.
Dat is aantrekkelijk voor grote kopers. Zij willen onderhandelingsmacht, leveringszekerheid en minder vendor lock-in.
Nvidia heeft de betere softwarepositie. AMD probeert de bredere markt mee te krijgen met open bouwblokken.
Daar zit de machtsstrijd.
Helios is nog geen Nvidia-killer
De verleiding is groot om Helios direct een Nvidia-killer te noemen. Dat is te makkelijk.
AMD’s eigen claims moeten nog in echte productieomgevingen worden bewezen. Levering, stroomverbruik, uptime, ROCm-stabiliteit en werkelijke kosten per token gaan bepalen hoe sterk Helios is.
Interne vergelijkingen zeggen iets. Datacenterrealiteit zegt meer.
Toch is dit een duidelijke verschuiving. OpenAI, Microsoft en andere grote kopers laten zien dat zij hun AI-capaciteit over meerdere leveranciers willen verdelen.
Dat geeft AMD een kans die het eerder niet had.
Helios hoeft Nvidia niet meteen te verslaan om belangrijk te zijn. Het hoeft alleen groot genoeg te worden om Nvidia’s prijsmacht te breken.