CME Group en Intercontinental Exchange kunnen volgens Jake Chervinsky uiteindelijk niet om publieke blockchains heen. De CEO van het Hyperliquid Policy Center verwacht dat grote
beurzen deze techniek binnen tien jaar moeten integreren om concurrerend te blijven.
Dat betekent niet dat CME of ICE zo'n stap al heeft aangekondigd.
Chervinsky schetst een toekomstscenario waarin een publieke
blockchain de technische basis levert, terwijl gereguleerde bedrijven daar hun eigen handelsdiensten bovenop bouwen.
Precies dat model probeert Payward nu al op kleinere schaal naar de Amerikaanse derivatenmarkt te brengen.
Hyperliquid hoeft volgens Chervinsky niet zelf de beurs te zijn
Chervinsky ziet Hyperliquid niet primair als een concurrent van Coinbase, Robinhood, CME of andere handelsplatforms.
Zijn visie zit één niveau lager.
De publieke keten verwerkt handel en marktdata. Bedrijven bouwen daar vervolgens klantgerichte producten bovenop.
Daarmee verschuift de concurrentie van “welke beurs wint?” naar “welke technische rails gebruikt een beurs achter de schermen?”
Het Hyperliquid Policy Center verdedigt die visie al sinds zijn oprichting. De organisatie noemt zichzelf een onafhankelijke onderzoeks- en belangenorganisatie die gereguleerde toegang tot onchainmarkten in de Verenigde Staten wil bevorderen.
Chervinsky vertegenwoordigt niet Hyperliquid Labs
Dat onderscheid is belangrijk.
Het Hyperliquid Policy Center is niet het ontwikkelingsteam dat het protocol bouwt.
De organisatie werd in februari 2026 opgericht als zelfstandige belangenorganisatie. De Hyper Foundation
stelde bij de start één miljoen HYPE beschikbaar voor de financiering ervan
Chervinsky spreekt dus vanuit een organisatie die expliciet pleit voor bredere acceptatie van onchainmarkten.
Zijn tienjaarsverwachting is daarmee een beleids- en marktvisie.
Geen onafhankelijk onderzoek dat bewijst dat CME of ICE deze route moet volgen.
Publieke keten, maar gecontroleerde toegang
De interessantste test van die visie komt momenteel van Payward, het moederbedrijf van Kraken.
Payward maakte op 16 september bekend dat het Amerikaanse klanten onchain perpetual futures wil aanbieden via Hyperliquid.
De transacties zouden op de publieke Hyperliquid-keten worden gematcht en vastgelegd. Toch zou niet iedereen automatisch toegang krijgen.
Alleen klanten die via NinjaTrader zijn toegelaten én op de vereiste toelatingslijsten staan, mogen volgens het plan handelen.
Een publieke keten betekent dus niet automatisch een volledig open financieel product.
Dat is precies waar deze constructie interessant wordt.
Bitnomial blijft verantwoordelijk voor de markt
Payward wil de gereguleerde taken niet aan het protocol overlaten.
Bitnomial, onderdeel van Payward, zou de perpetualmarkten creëren en beheren. Het bedrijf zou de contracten ook clearen en afwikkelen.
NinjaTrader Clearing zou de klantrekeningen voeren.
Beide bedrijven vallen binnen het Amerikaanse derivatentoezicht. Bitnomial beschikt over geregistreerde exchange- en clearingfuncties, terwijl NinjaTrader Clearing als futurescommissionair is geregistreerd.
De publieke keten voert dus een deel van de technische marktwerking uit.
De gereguleerde bedrijven blijven verantwoordelijk voor klanten, toelating en juridische verplichtingen.
HIP-3 zelf is niet gesloten
Daar zit een technische nuance.
Hyperliquid noemt HIP-3 zelf een systeem voor permissionless builder-deployed perpetuals.
Een partij die aan de technische en stakingvoorwaarden voldoet, kan een eigen perpetualmarkt opzetten. De deployer bepaalt onder meer het onderliggende product, de oracle en bepaalde risicolimieten.
Paywards geplande Amerikaanse markt legt daar vervolgens een gereguleerde toegangslaag bovenop.
Het onderliggende protocol kan dus open zijn, terwijl één specifieke markt alleen beschikbaar is voor goedgekeurde klanten.
Dat verschil wordt waarschijnlijk belangrijk wanneer meer traditionele financiële bedrijven met
DeFi-techniek gaan werken.
Geen directe toegang voor iedere Amerikaanse gebruiker
Paywards plan is bovendien nog niet live.
De onderneming schrijft expliciet dat de aanbieding afhankelijk is van het toepasselijke toezichtstraject.
Er is dus nog geen bewijs dat dit model op grote schaal werkt binnen de Amerikaanse gereguleerde derivatenmarkt.
Wel laat het ontwerp zien hoe een publieke keten en traditionele marktpartijen naast elkaar kunnen bestaan.
Dat is precies het soort combinatie waar Chervinsky op doelt.
Niet de bank of beurs verwijderen.
Wel een ander technisch fundament gebruiken.
Transparantie wordt verkoopargument
Chervinsky noemt openbare marktdata als een belangrijk voordeel.
Op een publieke keten kunnen transacties en marktbewegingen door meerdere partijen onafhankelijk worden bekeken.
Het Hyperliquid Policy Center voert datzelfde argument aan in zijn eigen beleidspublicaties: een gedeeld openbaar register kan prijsdata en toezicht beter controleerbaar maken.
Daar staat een andere vraag tegenover.
Traditionele markten hebben niet alleen behoefte aan zichtbaarheid.
Ze hebben ook regels nodig rond privacy, marktbewaking, klantidentificatie en aansprakelijkheid.
Een openbare orderregistratie vervangt die functies niet vanzelf.
Chervinsky vergelijkt de laag met grote publieke netwerken
Zijn redenering lijkt op de manier waarop applicaties bovenop publieke cryptonetwerken worden gebouwd.
Een netwerk zoals
Bitcoin of
Ethereum is niet hetzelfde als iedere dienst die erop draait.
Chervinsky past dat onderscheid toe op Hyperliquid.
De keten kan de technische marktlaag leveren.
Kraken, CME of een andere partij kan daar vervolgens een gereguleerd product bovenop zetten met eigen klanten, regels en toegang.
Of grote traditionele beurzen dat daadwerkelijk gaan doen, staat nog open.
CME en ICE hebben niets toegezegd
Daar moet de tienjaarsclaim dus worden begrensd.
Chervinsky noemt CME en ICE als voorbeelden van partijen die volgens hem uiteindelijk deze techniek nodig kunnen hebben.
Dat is geen bekendgemaakt plan van die ondernemingen.
Het bewijs voor zijn stelling moet de komende jaren uit daadwerkelijk gedrag komen.
Komen er meer gereguleerde markten op publieke ketens?
Verplaatsen gevestigde beurzen delen van matching of settlement onchain?
En blijven kosten en prestaties beter wanneer toezichtseisen worden toegevoegd?
Pas dan wordt duidelijk of Chervinsky een vroege structurele verandering ziet of vooral de visie verdedigt waarvoor zijn organisatie is opgericht.
Payward vormt de eerste serieuze test
Daarom is het Payward-plan belangrijker dan een theoretische voorspelling.
Het koppelt een publieke keten aan geregistreerde Amerikaanse marktpartijen.
De klanttoegang blijft gecontroleerd.
Clearing blijft bij een gereguleerde partij.
En de contracten moeten door het Amerikaanse toezichtstraject voordat handel kan beginnen.
Dat model laat zien dat “onchain” en “gereguleerd” niet elkaars tegenpolen hoeven te zijn.
De vraag voor CME, ICE en andere grote beurzen wordt daarmee minder of zij Hyperliquid letterlijk gaan gebruiken.
De grotere vraag is of publieke blockchains uiteindelijk goed genoeg worden om een deel van hun technische marktlaag over te nemen.
Als dat gebeurt, kan Chervinsky's voorspelling uitkomen zonder dat de bekende beursnamen verdwijnen.
Ze blijven aan de voorkant zichtbaar.
Alleen de rails eronder veranderen.