Belastingdienst crypto box 3

Box 3-plan voor crypto kan wijzigen: €473 miljoen staat centraal

Europa•
€473 miljoen. Zoveel moet één verhoging binnen Box 3 de schatkist in 2027 opleveren. Nederlandse Bitcoin- en cryptobezitters vallen in de vermogenscategorie waarop die ingreep aangrijpt.
Toch staat de maatregel nog niet vast. Tijdens het Kamerdebat van woensdag 30 september bleek dat er ruimte is om naar andere dekking te kijken. Het kabinet heeft een voorstel neergelegd, maar beide Kamers moeten daar nog mee instemmen.
Dat verschil is belangrijk.
Wie de eerste berichten over Box 3 leest, kan de indruk krijgen dat het forfait van 7,87% voor 2027 al definitief is. Dat is niet zo.

Nieuwe tabel legt €473 miljoen bloot

Minister van Financiën Eelco Heinen en staatssecretaris Eelco Eerenberg stuurden woensdag een nieuwe budgettabel naar de Tweede Kamer.
Daarin staat precies hoeveel de verschillende onderdelen van de Box 3-dekking moeten opleveren.
De verhoging van het forfait voor overige bezittingen verbetert het overheidssaldo volgens de raming met €473 miljoen in 2027. In 2028 volgt nog €203 miljoen. De verlaging van het heffingsvrije vermogen staat apart in dezelfde tabel en moet in 2027 €396 miljoen opleveren.
De negatieve tekens in die tabel kunnen verwarrend zijn. Het ministerie vermeldt dat een positief bedrag een verslechtering van het overheidssaldo betekent. Een bedrag van -€473 miljoen betekent hier dus juist €473 miljoen extra ruimte voor de overheid.
Crypto staat nergens als afzonderlijke opbrengstenpost genoemd.
Er kan daarom niet worden gezegd dat Nederlandse cryptobezitters samen €473 miljoen extra gaan betalen.
Wat wél vaststaat, is dat zij in de relevante vermogenscategorie zitten.

Crypto valt bij de Belastingdienst onder overige bezittingen

De Belastingdienst rekent cryptovaluta in het huidige Box 3-stelsel tot “beleggingen en andere bezittingen”. In dezelfde categorie zitten onder meer aandelen, obligaties, tweede woningen en andere beleggingen.
Wie privé Bitcoin, Ethereum of andere crypto bezit, geeft die waarde in beginsel in Box 3 aan. De Belastingdienst kijkt daarbij bij het forfaitaire stelsel naar de waarde op 1 januari.
Daarom raakt de voorgestelde verhoging cryptobezitters rechtstreeks wanneer zij boven de vrijstelling uitkomen.
Het gaat dus niet om een aparte cryptobelasting.
Het kabinet verhoogt een breder forfait waar crypto onder valt.

7,87% is niet het belastingtarief

Voor overige bezittingen lag voor 2027 een forfaitair rendement van 6,37% op het bestaande pad.
Het nieuwe voorstel verhoogt dat met 1,5 procentpunt. Daarmee komt het forfait uit op 7,87%.
Dat betekent niet dat de overheid 7,87% van iemands cryptovermogen inneemt.
Het percentage is het veronderstelde rendement waarmee binnen de forfaitaire berekening wordt gerekend. Over het berekende Box 3-inkomen wordt vervolgens belasting geheven.
Het Box 3-tarief voor 2027 staat in de officiële fiscale sleuteltabel op 36%. Diezelfde tabel ging vóór het nieuwe voorstel nog uit van €60.098 heffingsvrij vermogen per persoon.
Het kabinet wil die vrijstelling nu terugbrengen naar €30.846.
Daarmee verandert er voor houders van crypto in Nederland aan twee kanten tegelijk iets: meer vermogen komt boven de vrijstelling uit en dat vermogen krijgt een hoger forfait toegerekend.

€100.000 crypto laat het verschil zien

Neem een alleenstaande met €100.000 aan crypto.
Geen fiscale partner. Geen Box 3-schulden. Geen ander vermogen.
Met €60.098 heffingsvrij vermogen, een forfait van 6,37% en een tarief van 36% komt een vereenvoudigde berekening uit op ongeveer €915 Box 3-belasting.
Met de voorgestelde €30.846 vrijstelling en een forfait van 7,87% loopt dezelfde berekening op tot ongeveer €1.959.
Dat is circa €1.044 meer.
Dit is nadrukkelijk een rekenvoorbeeld, geen persoonlijke belastingberekening. Schulden, ander vermogen, een fiscale partner en de uiteindelijke regelgeving kunnen de uitkomst veranderen.
Ook de tegenbewijsregeling blijft van belang.
Vanaf belastingjaar 2025 kan iemand zijn werkelijke rendement in de aangifte doorgeven. De Belastingdienst vergelijkt dat met de forfaitaire uitkomst en gebruikt het voordeligste bedrag. Bij het werkelijke rendement tellen ook waardestijgingen en -dalingen van crypto mee.
Een forfait van 7,87% betekent daardoor niet automatisch dat iemand over 7,87% rendement belasting betaalt wanneer het werkelijk behaalde rendement aantoonbaar lager is.

Woensdag ontstond politieke ruimte

De opvallendste ontwikkeling kwam tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen.
SGP-Kamerlid Chris Flach richtte zich specifiek op 2027. Hij vroeg D66-Kamerlid Henk-Jan Oosterhuis of de verlaging van het heffingsvrije vermogen en de hogere belastingdruk op een andere manier konden worden gedekt.
Flach kondigde daarbij aan in de tweede termijn met een voorstel te komen.
Oosterhuis stelde als voorwaarde dat alternatieve dekking binnen het domein van vermogen blijft.
“Als de heer Flach een voorstel heeft dat aan die voorwaarden voldoet, ben ik bereid om daarnaar te kijken.”
Later herhaalde Oosterhuis tegenover ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis dat hij bereid is serieuze alternatieven binnen datzelfde vermogensdomein te bekijken.
Dat is nog geen besluit om het hogere forfait te schrappen.
Het toont ook niet dat daarvoor al een Kamermeerderheid bestaat.
Wel betekent het dat de manier waarop de nieuwe Box 3-plannen worden betaald nog onderwerp van parlementair overleg is.

Ook de lagere vrijstelling ligt op tafel

Die discussie beperkt zich niet tot het forfait voor overige bezittingen.
50PLUS-Kamerlid Corrie van Brenk vroeg tijdens hetzelfde debat naar de lagere vrijstelling in het toekomstige stelsel. Oosterhuis antwoordde dat hij bereid is alternatieven te bekijken.
In dat deel van het debat werd gesproken over ongeveer 850.000 mensen en een heffingsvrij resultaat van €1.000.
Hier moeten twee bedragen uit elkaar worden gehouden.
De €30.846 gaat over het heffingsvrije vermogen in het forfaitaire overgangsjaar 2027.
De €1.000 is het voorgestelde heffingsvrije resultaat voor het stelsel vanaf 2028. Dat gaat niet over hoeveel vermogen iemand bezit, maar over hoeveel rendement wordt vrijgesteld.
Die twee begrippen door elkaar halen levert al snel verkeerde belastingberekeningen op.

Box 3-hervorming kost eerst miljarden aan inkomsten

De reden achter de extra dekking ligt vanaf 2028.
Het kabinet wil sneller richting een vermogenswinstbelasting. Daarbij wordt waardegroei bij bepaalde bezittingen pas belast wanneer de winst wordt gerealiseerd.
Dat verschuift belastinginkomsten naar latere jaren.
De nieuwste budgettabel zet voor de uitbreiding van de vermogenswinstbelasting alleen al in 2028 een verslechtering van het overheidssaldo van €3,018 miljard neer. In 2029 gaat het om €3,108 miljard.
Daar staan verschillende dekkingsmaatregelen tegenover.
Het hogere forfait voor overige bezittingen is er één van. De lagere vrijstelling is een andere.
Dat verklaart waarom juist 2027 belangrijk wordt voor cryptobezitters: een deel van de rekening wordt al opgehaald voordat de grotere hervorming moet beginnen.

Voor crypto vanaf 2028 blijft een vraag open

Daar zit nog een tweede onzekerheid.
De tabel van Financiën spreekt over uitbreiding van de vermogenswinstbelasting in 2028 en een volledige overstap in 2030.
De huidige Belastingdienstregels plaatsen cryptovaluta apart onder beleggingen en andere bezittingen. Crypto is geen banktegoed en wordt in de fiscale uitleg ook niet simpelweg als traditioneel effect behandeld.
Daardoor is voor rechtstreeks aangehouden crypto nadere uitwerking van de nieuwe regels van belang.
Op basis van de nu voorliggende stukken is nog niet verstandig om te stellen dat rechtstreeks aangehouden Bitcoin in 2028 gegarandeerd exact dezelfde behandeling krijgt als aandelen, obligaties of andere financiële instrumenten.
Dat onderscheid kan vooral belangrijk worden voor bezitters die kiezen tussen rechtstreeks aangehouden crypto en beursproducten.
Het huidige Box 3-dossier rond crypto is daarmee op twee punten nog open: hoeveel er in 2027 wordt opgehaald en hoe direct aangehouden crypto daarna precies wordt ingedeeld.

Donderdag volgt het antwoord van het kabinet

De discussie gaat morgen verder.
De Tweede Kamer heeft voor donderdag 1 oktober vanaf 10.16 uur het antwoord van het kabinet in eerste termijn gepland. Minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg kunnen dan reageren op de vragen en alternatieven uit de Kamer.
Voor cryptobezitters zijn vooral het hogere forfait en de lagere vrijstelling relevant.
Blijft de verhoging met 1,5 procentpunt overeind? Blijft €30.846 de voorgestelde vrijstelling? En wordt duidelijker hoe rechtstreeks aangehouden crypto in de overgang vanaf 2028 wordt behandeld?
Tot daar politieke besluiten over zijn genomen, blijft één onderscheid leidend.
De €473 miljoen staat zwart-op-wit in de raming. Maar de maatregel waarmee het kabinet dat bedrag wil ophalen, is nog geen definitieve belastingregel. De Rijksoverheid zegt zelf dat belastingplannen tijdens de behandeling kunnen wijzigen en pas na goedkeuring door beide Kamers definitief zijn.

Stop met te veel betalen voor je crypto. Bij de Amsterdamse exchange Finst handel je tegen de laagste tarieven van Nederland, zonder verborgen kosten.

👀 Bekijk Finst nu ›

Let op: Beleggen in crypto brengt risico’s met zich mee. Handel alleen met geld dat u kunt missen.

Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading