Ethereum blijft technisch doorbouwen. Pectra ging live op 7 mei 2025. Fusaka volgde op 3 december 2025. Op de officiële roadmap staan Glamsterdam voor de eerste helft van 2026 en Hegotá voor de tweede helft van 2026. Dat is geen stil protocol, maar een keten die zichtbaar blijft doorontwikkelen.
De roadmap is niet het probleem
Pectra bracht meer dan alleen een nieuwe naam. Volgens de
Ethereum Foundation leverde de upgrade onder meer EIP-7702 op, waardoor gewone adressen tijdelijk slimcontractfunctionaliteit kunnen krijgen, plus een verdubbeling van de blob-throughput, een hogere maximale effectieve validatorbalans en snellere onboarding voor validators.
Fusaka bracht daarna PeerDAS naar mainnet en maakte verdere blobschaling mogelijk via aparte BPO-forks. Technisch is dat indrukwekkend.
Het probleem is alleen dat bijna niemand
ETH koopt omdat “enshrined proposer-builder separation” of “block-level access lists” lekker bekken. Op de roadmap staan die begrippen inmiddels gewoon onder Glamsterdam. Voor ontwikkelaars is dat logisch. Voor beleggers is het cognitieve frictie.
ETH klinkt niet meer als één simpele these
Daar zit de echte zwakte. ETH is vandaag tegelijk gas, staking-onderpand, activum, afwikkellaag, ecosysteembetaalmiddel en inzet op toekomstige tokenisatie. Dat is inhoudelijk rijk, maar narratief diffuus. Zelfs ethereum.org omschrijft ETH in meerdere rollen tegelijk: het wordt gebruikt voor transactiekosten, voor staking en als digitaal geld voor betalingen en investeringen.
En precies daar begint het waarderingsprobleem. Een markt kiest zelden het meest elegante systeem omdat het elegant is. Ze kiest meestal het verhaal dat op het beslissende moment het snelst te begrijpen is. Bitcoin heeft daar nog altijd een voordeel. Bij Ethereum moet de belegger steeds vaker eerst een mini-college volgen voordat de these überhaupt scherp wordt.
Hoe beter Ethereum wordt, hoe lastiger het verhaal soms klinkt
Dat is de paradox. Elke upgrade maakt Ethereum schaalbaarder, veiliger of bruikbaarder. Maar elke upgrade maakt het narratief ook technischer. Pectra, Fusaka, Glamsterdam en Hegotá zijn noodzakelijke stappen voor het netwerk, alleen zijn het geen woorden die vanzelf koopdruk oproepen.
Dat is geen oppervlakkig marketingprobleem. In crypto is communicatie onderdeel van marktstructuur. Zeker als kapitaal moet kiezen tussen Bitcoin, snellere L1’s, gereguleerde producten en nieuwe thematische trades, verliest een activum terrein zodra het verhaal achter de waardering te veel uit elkaar valt. Dat is een analyse, maar wel een analyse die direct aansluit op hoe ETH vandaag wordt uitgelegd.
Europa maakt die zwakte zichtbaarder
Voor Europese beleggers wordt dit nog scherper. De AFM stelde op 16 april 2026 dat cryptodienstverleners wel stappen hebben gezet in reclame en kosteninformatie, maar nog te vaak onjuiste, onduidelijke of misleidende informatie geven. Van de 33 onderzochte partijen hadden 14 significante tekortkomingen in reclame-uitingen en 19 in kosteninformatie.
Dat raakt ook ETH. In een markt waar aanbieders minder vrijblijvend mogen communiceren, wordt “de roadmap is sterk” als verkooppraatje dunner. Dan moet de waardepropositie van ETH zelf duidelijker worden dan een lijst met upgrades en technische verbeteringen. Die conclusie volgt logisch uit het strengere informatieklimaat dat de AFM schetst.
De sterkste these voor Europa is niet snelheid
Ethereum hoeft het Europese verhaal ook niet te winnen op “sneller en goedkoper”. De Europese Commissie schrijft zelf dat DLT en tokenisation kunnen leiden tot een “internet of value”, met minder frictie in betaling en settlement, meer programmeerbaarheid en efficiëntere liquiditeits- en reconciliatieprocessen.
Tegelijk maakt de ECB duidelijk dat tokenised markten in Europa idealiter verankerd blijven in centralebankgeld, en dat settlement in tokenised central bank money de primaire route moet blijven voor wholesale markten. Precies daar ligt Ethereum’s sterkere investeringsverhaal.
Niet als de luidste snelle chain, maar als kandidaat voor een neutrale infrastructuurlaag onder digitale activa, tokenisatie en programmeerbare financiële markten. Dat is een inference, geen officieel label van de EU of de Ethereum Foundation, maar het wordt wel ondersteund door de richting waarin zowel Ethereum als Europese instellingen publiek praten over schaal, settlement en financiële infrastructuur.
De vraag die te weinig ETH-bulls scherp stellen
De kernvraag is daardoor niet of Ethereum als ecosysteem relevant blijft. Die kans oogt nog steeds groot. De foundation spreekt in 2026 zelf over het versterken van Ethereum als “global financial settlement layer”, terwijl de protocolroadmap doorwerkt aan schaal, veiligheid en gebruikservaring.
De moeilijkere vraag is: wint ETH automatisch mee als dat lukt? ETH heeft duidelijke ankers. Je hebt het nodig voor gas. Het beveiligt het netwerk via staking. En meer gebruik van Ethereum kan in theorie leiden tot meer fee-activiteit en een sterkere monetaire premium voor het activum. Maar die brug van ecosysteemwinst naar assetwinst moet wel helder blijven. Ook dat is meer gevolgtrekking dan hard bewijs, maar het rust direct op de rol die ETH volgens ethereum.org in het netwerk speelt.
Dat is waarom dit nu telt
Ethereum zit niet meer in de fase waarin elke upgrade automatisch als bullish wordt gelezen. De markt is drukker geworden. Beleggers vergelijken ETH met bitcoinproducten, met snellere alternatieven, met stablecoin- en tokenisatiethema’s en met allerlei nieuwere sectorverhalen. In zo’n markt is technische correctheid niet genoeg meer. De waarderingsvraag moet ook uitlegbaar zijn.
En daar wringt het nu. Ethereum wordt als protocol volwassener. Maar voor veel beleggers klinkt ETH daardoor niet scherper, juist diffuser. Dat hoeft geen blijvend probleem te zijn. Alleen vraagt het wel om een eenvoudiger zin dan de markt nu vaak krijgt.
De conclusie is ongemakkelijk, maar niet bearish
Ethereum is niet kapot. De roadmap loopt. De upgrades worden geleverd. En de bredere Europese markt beweegt juist richting tokenisation, programmeerbare settlement en digitale infrastructuur. Maar Ethereum heeft wel een communicatieprobleem dat steeds meer op een waarderingsprobleem begint te lijken.
Het protocol wordt sterker, terwijl het investeringsverhaal minder compact klinkt. ETH hoeft geen meme te worden en ook geen kopie van Bitcoin. Maar het moet wel opnieuw in één heldere zin kunnen uitleggen waarom waarde uiteindelijk bij ETH landt — en niet alleen bij L2’s, apps, stablecoins of infrastructuur bovenop Ethereum.
Tot die tijd blijft Ethereum de keten die de toekomst bouwt, maar haar activum nog te vaak verkoopt alsof beleggers eerst het protocoldocument moeten lezen.