Banken geven hun deposito’s dezelfde snelheid en programmeerbaarheid als
stablecoins. Daarbij hoeven zij hun klanten, kredietrelaties of plek op de balans niet af te staan.
Voor zakelijke betalingen vormt dat een directer gevaar dan de digitale euro. De ECB bouwt een nieuw publiek betaalmiddel. Banken veranderen het geld dat bedrijven vandaag al gebruiken.
Bankgeld krijgt een programmeerbare verpakking
Tokenized deposits zijn getokeniseerde bankdeposito’s. Ze blijven een directe vordering op de bank die ze uitgeeft en moeten tegen pari kunnen worden omgezet in gewoon bankgeld of centralebankgeld.
De
Bank for International Settlements ziet zulke deposito’s als een bouwsteen voor programmeerbare financiële markten. Betalingen, effecten en bankreserves kunnen zo binnen één gekoppeld systeem worden afgehandeld.
Juridisch verandert de aard van het deposito niet alleen omdat het op een gedeeld digitaal register staat. De klant houdt een vordering op zijn bank, niet op een afzonderlijke stablecoin-uitgever.
Dat geeft banken een sterk vertrekpunt. Zij voegen nieuwe technische functies toe zonder het bestaande geldproduct te vervangen.
Stablecoins trekken geld weg van de klantrekening
Wanneer een klant euro’s of dollars omzet in een stablecoin, verdwijnt het oorspronkelijke retaildeposito van diens rekening. Afhankelijk van de reserveconstructie keert dat geld mogelijk als een groter zakelijk deposito terug bij enkele banken.
De BIS waarschuwt dat die verschuiving banken afhankelijker kan maken van geconcentreerde en minder stabiele financiering. Bij brede stablecoinadoptie kunnen daardoor ook de financieringskosten en de prijs van krediet stijgen.
Voor banken is dit meer dan een strijd om betalingen. Deposito’s vormen een belangrijke basis onder leningen en andere commerciële activiteiten.
Tokenized deposits houden die positie intact. Het geld blijft op de bankbalans, terwijl de klant toch vrijwel direct en programmeerbaar kan betalen.
Banken hoeven
stablecoins niet te verbieden. Ze hoeven alleen hun beste functies over te nemen zonder de klantrelatie weg te geven.
Citi laat zien dat het model al werkt
Citi bracht op 9 juli samen met Siam Commercial Bank een toepassing met echte klanten live. De combinatie van Citi Token Services en 24/7 dollarclearing maakte een grensoverschrijdende betaling tijdens een Amerikaans feestdagenweekend mogelijk.
De transactie liep van een Citi-rekening in Londen naar een begunstigde bij de Thaise bank. Volgens de
officiële bekendmaking van Citi werd het bedrag vrijwel direct verwerkt.
Citi Token Services gebruikt een private blockchain. De getokeniseerde deposito’s blijven binnen het gereguleerde netwerk van de bank.
Daarmee valt een van de sterkste verkooppunten van stablecoins aan: geld verplaatsen wanneer traditionele systemen gesloten zijn.
Een internationale onderneming hoeft in dit model geen externe token te kopen. Zij gebruikt haar bestaande bankrekening, bestaande controles en bestaande tegenpartijen.
Amerikaanse banken bouwen een gezamenlijke route
The Clearing House kondigde in juni een breder Amerikaans initiatief aan. Het systeem moet de clearing en afwikkeling van getokeniseerde bankdeposito’s tussen verschillende banken mogelijk maken.
Deelnemende banken willen de digitale laag koppelen aan bestaande betaalnetwerken zoals RTP en CHIPS. Daardoor kan geld bewegen tussen gewone bankrekeningen en on-chain systemen, zonder dat commerciële banken hun rol verliezen.
Bank of America, Citi, JPMorgan en meerdere andere grote instellingen
spraken publiek steun uit. Het systeem moet ook toegankelijk worden voor kleinere Amerikaanse banken.
De officiële aankondiging noemt nog geen vaste lanceringsdatum. Claims over een eerste operationele fase in de eerste helft van 2027 zijn daarom nog niet bevestigd door The Clearing House.
De richting is wel duidelijk. Banken proberen niet ieder hun eigen afgesloten depositotoken te bouwen. Ze werken aan een gezamenlijke afwikkelingslaag die versnippering moet beperken.
Project Agorá test het publieke anker
De BIS bracht met Project Agorá zeven centrale banken en meer dan veertig gereguleerde financiële instellingen samen. Zij bouwden een prototype voor grensoverschrijdende betalingen met getokeniseerde bankdeposito’s en centralebankreserves.
Het prototype ondersteunt betalingen in meerdere valuta en atomic settlement. Dat betekent dat alle onderdelen van een transactie tegelijk doorgaan of allemaal worden geannuleerd.
Ook compliancevoorwaarden en betaalinstructies kunnen rechtstreeks in de transactie worden verwerkt. Volgens het
Project Agorá-rapport kan het systeem in een productieversie buiten gewone openingstijden werken.
De BIS wil de test uitbreiden naar transacties met echte waarde. Het project is dus nog geen commercieel betaalnetwerk, maar de technische proef is afgerond.
Het grotere doel is behoud van het bestaande geldstelsel. Centrale banken leveren het uiteindelijke afwikkelgeld, terwijl commerciële banken klanten bedienen en krediet verstrekken.
Dat model geeft stablecoins wel ruimte, maar niet automatisch de hoofdrol.
De digitale euro beweegt op een ander tempo
De digitale euro richt zich vooral op consumenten en dagelijkse betalingen. De ECB wil een publieke digitale vorm van cash aanbieden, naast bankbiljetten en munten.
Een pilot met 36 betaaldienstverleners moet in de tweede helft van 2027 beginnen en twaalf maanden duren. De ECB mikt op een mogelijke eerste uitgifte in 2029, mits de Europese besluitvorming volgens planning wordt afgerond.
Dat maakt de digitale euro politiek zichtbaarder, maar commercieel trager. Banken kunnen tokenized deposits per klantgroep of toepassing invoeren zonder te wachten op een volledige retailuitrol in de eurozone.
Een bank kan beginnen met intern cashmanagement. Daarna kunnen grensoverschrijdende betalingen, effectenafwikkeling en automatische betalingen volgen.
Stablecoins groeiden op vergelijkbare wijze. Ze begonnen niet bij de supermarkt, maar als geldlaag voor handel en afwikkeling binnen crypto.
Banken vallen nu precies die zakelijke kern aan.
Qivalis toont dat banken meerdere wapens kiezen
De Benelux laat zien dat banken zich niet aan één vorm van digitaal geld vastleggen. ING, KBC, ABN AMRO, Rabobank en de Luxemburgse Spuerkeess behoren tot het sterk gegroeide Qivalis-consortium.
Qivalis telt 37 financiële instellingen uit vijftien Europese landen. De in Amsterdam gevestigde onderneming wil een volledig door euro’s gedekte stablecoin uitbrengen onder toezicht van DNB.
De lancering staat voor de tweede helft van 2026 gepland, afhankelijk van toestemming. Het product moet 24 uur per dag gebruikt kunnen worden voor betalingen, treasury en de afwikkeling van getokeniseerde activa.
Dat lijkt op het eerste gezicht een overwinning voor stablecoins. Het toont vooral dat banken meerdere vormen naast elkaar willen zetten.
Voor open markten kunnen zij een MiCA-gereguleerde stablecoin gebruiken. Voor besloten zakelijke netwerken kunnen tokenized deposits geschikter zijn.
Later kan de digitale euro daar als publiek betaalmiddel naast staan. Banken hoeven dus niet te voorspellen welk model wint.
Ze zorgen dat zij bij ieder model tussen klant en geld blijven staan.
Banken verkopen meer dan een digitale munt
Een onafhankelijke stablecoin-uitgever verdient vooral aan de reserves achter zijn tokens. Een bank kan inkomsten halen uit betalingen, valutaomwisseling, krediet, cashmanagement, bewaring en klantadvies.
Daardoor kan een bank tokenized deposits goedkoop aanbieden. Het product beschermt namelijk veel grotere commerciële relaties.
Een bedrijf dat zijn deposito’s op dezelfde rekening kan programmeren, hoeft minder snel geld naar een externe uitgever te verplaatsen. Ook bestaande kredietlijnen en rapportages blijven beschikbaar.
Dat is een voordeel dat niet eenvoudig in transactiesnelheid is uit te drukken. De bank verkoopt geen losse token, maar een compleet financieel pakket.
Voor treasury-afdelingen kan dat zwaarder wegen dan open toegang tot iedere publieke keten.
Stablecoins houden hun sterkste terrein
Tokenized deposits hebben ook een duidelijke zwakte. Een deposito bij Bank A is niet vanzelf hetzelfde als een deposito bij Bank B.
Zonder gedeelde standaarden ontstaan afgesloten netwerken. Toegang kan beperkt blijven tot gecontroleerde bedrijven, regio’s en transacties.
Stablecoins kunnen juist tussen wallets, exchanges en DeFi-protocollen bewegen. Gebruikers hoeven niet bij dezelfde bank te zitten en kunnen tokens rechtstreeks bewaren.
Dat maakt stablecoins sterker voor wereldwijde cryptohandel, open markten en gebruikers buiten goed bediende banksystemen.
Ook bedrijven kunnen open stablecoins blijven verkiezen wanneer zij geld over meerdere ketens of handelsplatforms willen verdelen. Banken kunnen die brede bereikbaarheid niet zonder meer kopiëren.
De markt splitst zich daarom waarschijnlijk op.
Tokenized deposits krijgen de beste kaarten bij zakelijke betalingen, treasury en bankgebonden
tokenisatie. Stablecoins blijven sterker waar wereldwijde verhandelbaarheid en directe walletoverdracht nodig zijn.
De gevaarlijkste zone ligt in het midden
De grootste druk ontstaat bij stablecoins die geen dominante wereldwijde liquiditeit hebben, maar zich wel richten op gereguleerde Europese betalingen.
Zij concurreren aan de ene kant met grote bestaande dollarstablecoins. Aan de andere kant komen banken met depositotokens, Qivalis en mogelijk later de digitale euro.
Alleen sneller betalen is dan geen onderscheid meer. Programmeerbaarheid evenmin.
Onafhankelijke uitgevers moeten bewijzen dat hun open bereik, integraties en liquiditeit voordelen bieden die een bank niet gemakkelijk kan nabouwen.
Voor USDT en USDC ligt die verdediging bij hun bestaande wereldwijde gebruik. Voor kleinere eurostablecoins wordt de positie moeilijker.
Banken absorberen blockchain zonder hun macht af te staan
De ECB blijft een grote speler, maar haar digitale euro is niet de enige bedreiging voor private tokens. De bankensector beweegt sneller in het zakelijke deel van de markt.
Citi heeft een live toepassing. The Clearing House bouwt een gezamenlijke route en Project Agorá gaat richting tests met echte waarde.
De Benelux-banken dekken tegelijk meerdere uitkomsten af via Qivalis. Ze kunnen daarnaast eigen getokeniseerde deposito’s ontwikkelen en later de digitale euro distribueren.
Stablecoinbedrijven dachten dat zij banken zouden dwingen geld opnieuw uit te vinden. Banken kiezen een eenvoudiger antwoord.
Ze geven hun bestaande geld nieuwe functies en houden de rekening, de klant en het krediet zelf.