Larry Fink verkoopt
tokenisatie als toegang voor miljarden mensen. De kleine belegger krijgt een digitale wallet, lagere drempels en een breder menu aan producten.
Maar toegang is geen macht. En een kleinere minimale inleg maakt een belegger nog geen mede-architect van het financiële systeem.
In zijn
jaarlijkse brief aan beleggers schetst de CEO van
BlackRock een toekomst waarin beleggen net zo simpel wordt als betalen. Aandelen, obligaties, fondsen, private kredietproducten en digitaal geld kunnen in één gereguleerde wallet samenkomen.
Dat klinkt als financiële spreiding. Het kan ook iets anders worden: BlackRock dat zijn producten, data en risicotechnologie dieper in de financiële keten drukt.
Toegang verandert de machtsverhouding niet
Fink raakt een echt probleem. Vermogen groeit sneller bij mensen die al financiële activa bezitten.
Wie vooral leeft van loon en spaargeld, mist een groot deel van die groei. AI kan die kloof verder vergroten wanneer de opbrengsten vooral terechtkomen bij eigenaren van modellen, chips, data en platforms.
Finks antwoord is bredere marktdeelname. Meer mensen moeten kunnen beleggen, zodat zij niet alleen werken voor economische groei, maar er ook bezit in krijgen.
Tokenisatie kan daarbij helpen. Een duur fonds of een illiquide lening kan worden opgesplitst in kleinere digitale eenheden.
Maar hier begint de verwarring. Een belegger die voor €10 een fractie van een privaat kredietfonds koopt, krijgt toegang tot een product.
Die belegger krijgt niet automatisch invloed op kosten, voorwaarden, kredietselectie, datagebruik of liquiditeitsregels.
De drempel daalt. De poortwachter blijft staan.
De wallet wordt geen neutrale laag
Fink spreekt over een digitale wallet alsof die vooral gebruiksgemak brengt. In werkelijkheid wordt die wallet een machtspunt.
Wie de wallet beheert, bepaalt welke producten zichtbaar zijn, welke netwerken worden ondersteund en welke activa als onderpand mogen dienen.
Dezelfde wallet kan identiteit, risicoprofiel, transactiegeschiedenis en beleggingsvoorkeuren samenbrengen. Daarmee wordt zij meer dan een wallet.
Ze wordt distributiekanaal, controlepunt en databron tegelijk.
Finks visie is bovendien nadrukkelijk gereguleerd. Hij wil bescherming van kopers, normen rond tegenpartijrisico en digitale identiteitscontrole tegen illegale geldstromen.
Dat kan beleggers beschermen. Maar het betekent ook dat deze wallet weinig lijkt op een vrije cryptowallet.
De gebruiker mag handelen zolang zijn identiteit klopt, de uitgever het product toestaat en tussenpartijen de transactie accepteren.
De technologie wordt nieuwer. De toegangspoorten verdwijnen niet.
BlackRock is geen neutrale hervormer
BlackRock heeft een direct belang bij deze toekomst.
Het bedrijf wil private marktproducten, technologie en data dichter bij nieuwe klantgroepen brengen. Dat past bij de uitbreidingen rond private kredietverlening, datadiensten en portefeuillesoftware.
BlackRock kocht
Preqin om zijn positie in private marktdata te versterken. Het bedrijf koppelde Preqin daarna aan zijn Aladdin-platform voor private activa.
Volgens
BlackRock Aladdin kunnen institutionele klanten daarmee hun private beleggingen, data en operationele processen op één plek beheren.
Dat is niet vreemd. Het is een sterke bedrijfsstrategie.
Maar noem het geen zuivere democratisering. BlackRock kan tegelijk fondsaanbieder, dataleverancier, technologiepartner en risicobeheerder zijn.
Tokenisatie maakt dan niet alleen beleggen makkelijker. Het maakt BlackRock moeilijker te omzeilen.
Fractionalisering kan verkoopmachine worden
Een sterk argument voor tokenisatie is fractionalisering. Grote of dure activa worden kleiner verhandelbaar.
Dat kan nuttig zijn. Niet iedere belegger heeft toegang tot private markten, infrastructuurfondsen of dure obligatieportefeuilles.
Maar kleinere tickets maken complexe producten niet simpel.
Private kredietfondsen, private equity en infrastructuurprojecten zijn vaak minder liquide en lastiger te waarderen dan beursgenoteerde aandelen of ETF’s. Een token verandert dat niet vanzelf.
De interface kan zelfs misleidend werken. Eén swipe kan voelen als het kopen van een liquide ETF, terwijl het onderliggende product veel minder makkelijk verkoopbaar is.
Gebruiksgemak versterkt distributie. De financiële sector weet dat al tientallen jaren.
Tokenisatie kan die les perfectioneren.
Een product wordt niet democratisch omdat het in kleinere stukjes wordt verkocht. Het wordt vooral makkelijker te distribueren.
Fink erkent zelf het zwakke punt
De hardste kritiek op Finks verhaal zit in zijn eigen analyse.
Veel huishoudens hebben helemaal geen ruimte om te beleggen. Wie de huur, boodschappen of een onverwachte rekening niet zeker kan betalen, heeft weinig aan een tokenized fonds met een minimale inleg van €10.
Vermogensongelijkheid ontstaat niet vooral doordat aandelen technisch lastig overdraagbaar zijn.
Ze ontstaat door ongelijke inkomens, buffers, woningbezit, belastingregels en toegang tot goedkoop krediet.
Tokenisatie kan financiële processen goedkoper maken. Ze creëert geen besteedbaar inkomen bij mensen die nauwelijks kunnen sparen.
De deur kan dus verder open. Maar veel mensen missen nog steeds het geld om naar binnen te lopen.
Europa bouwt aan dezelfde rails
Voor Nederland, België en Luxemburg is Finks visie geen Amerikaans bijverhaal.
Europa werkt zelf aan digitale kapitaalmarkten. De
Savings and Investments Union moet spaargeld sterker verbinden met beleggingen en bedrijven in de EU.
Ook het Eurosysteem bouwt verder. Met
Pontes en Appia wil de ECB DLT-platforms verbinden met bestaande TARGET-diensten en later een meer geïntegreerde oplossing voor getokeniseerde activa onderzoeken.
Daarbovenop komt de
EU Digital Identity Wallet. Die moet uiterlijk eind 2026 beschikbaar zijn voor burgers, inwoners en bedrijven in de EU.
De bouwstenen liggen dus klaar: digitale identiteit, getokeniseerde activa, gereguleerde wallets en snellere afwikkeling.
De vraag is wie de producten, data en klantkanalen bezit.
Als Europese wallets vooral Amerikaanse fondsen distribueren en Europese instellingen afhankelijk blijven van wereldwijde platforms voor data en risicoanalyse, verandert er weinig aan de machtsbalans.
Dan digitaliseert Europa zijn kapitaalmarkten, maar verplaatst het de controle niet.
Crypto moet niet te vroeg juichen
Cryptobeleggers horen “tokenisatie” en denken snel aan hogere koersen voor Ethereum, XRP, Solana of andere netwerkassets.
Dat verband is zwakker dan het klinkt.
Fink zegt niet dat financiële markten per se permissionless blockchains nodig hebben. BlackRock kan publieke netwerken gebruiken, maar ook private ledgers, gereguleerde netwerken of klassieke databases.
Zelfs wanneer een fonds op
Ethereum wordt uitgegeven, blijft BlackRock de productmacht houden.
Het fonds, de voorwaarden, de klantrelatie en de kostenstructuur blijven bij de uitgever. De blockchain registreert eigendom en transacties, maar krijgt niet automatisch de marge.
Ook bij
stablecoins geldt dat onderscheid. De token kan snel bewegen, maar de uitgever en poortwachters bepalen vaak de echte spelregels.
Crypto levert dan de rails. TradFi houdt de klant.
De echte test voor democratisering
Tokenisatie kan markten beter maken. Snellere afwikkeling, lagere minimale bedragen en minder administratieve frictie zijn nuttig.
Maar een digitaal fondsdeel is nog geen machtsverschuiving.
De test is scherper. Wie bepaalt de voorwaarden? Wie kan toegang intrekken? Wie bezit de data? Wie krijgt de terugkerende inkomsten?
Finks toekomst geeft beleggers waarschijnlijk een mooiere app en een groter aanbod. BlackRock krijgt de kans om zijn fondsen, data en technologie dieper in het systeem te plaatsen.
De belegger krijgt een wallet.
BlackRock krijgt de laag achter die wallet.