De rechtbank Midden-Nederland heeft
KuCoin opgedragen klantgegevens en mutatieoverzichten te delen in een zaak rond ruim €166.000 aan verdwenen cryptovaluta. De uitspraak dateert van 15 april 2026, maar werd op 6 mei gepubliceerd.
Volgens
de zaak raakte het slachtoffer het geld kwijt na een nepadvertentie, waarna blockchainonderzoek van DataExpert een deel van het spoor uit liet komen bij adressen die aan een exchangeplatform van KuCoin waren gekoppeld. De rechter vindt dat voldoende concreet om inzage te gelasten.
Van walletadres naar identiteit
Precies daar zit de nieuwswaarde. Op de blockchain is vaak nog wel te zien waar geld heen beweegt, maar niet vanzelf wie daarachter zit. In deze zaak oordeelt de rechtbank dat KuCoin namen, geboortedata, laatst bekende woonadressen, bankrekeningnummers en mutatieoverzichten van de gekoppelde accounts moet verstrekken, op straffe van een dwangsom.
De rechtbank stelt daarbij dat het verzoek voldoende specifiek is en dat het slachtoffer een duidelijk belang heeft: zonder die gegevens blijven mogelijke daders buiten beeld en is civiel verhaal vrijwel onmogelijk. Het privacybelang van de accounthouders weegt hier volgens de rechter minder zwaar dan het belang van fraudebestrijding.
Privacy is niet automatisch een schild
Dat is een belangrijk signaal. De uitspraak zegt niet dat exchanges klantgegevens zomaar moeten delen. Wel laat zij zien dat die bescherming kan wijken als het geldspoor voldoende scherp is en het gevraagde materiaal direct nodig is om een fraudezaak civielrechtelijk verder te brengen.
Dat is ook praktisch relevant, omdat grote exchanges zulke gegevens doorgaans al verzamelen bij verificatie. KuCoin beschrijft in zijn eigen KYC- en privacydocumentatie dat het onder meer naam, geboortedatum, adres- en identiteitsgegevens verwerkt. Bitfinex noemt in zijn verificatie- en privacydocumentatie eveneens identiteitsbewijs, woonadres en bank- of adresdocumenten.
Bitfinex-zaak loopt nog
De KuCoin-uitspraak staat bovendien niet helemaal op zichzelf. In een vergelijkbare, nog lopende procedure probeert een man uit Dronten Bitfinex te dwingen om
gegevens van vermoedelijke fraudeurs te delen nadat hij volgens berichtgeving €70.000 aan crypto verloor. Daar is nog geen definitieve uitspraak: volgens recente verslaggeving wil de rechter eerst zekerheid dat Bitfinex volgens de internationale regels correct is opgeroepen. Uiterlijk 27 mei 2026 wordt daar een beslissing verwacht.
Dat onderscheid is belangrijk. Bij KuCoin ligt er nu een concrete uitspraak. Bij Bitfinex gaat het nog om een zaak die dezelfde route test, maar juridisch nog niet is afgerond.
Slachtoffers zoeken vaker de civiele route
De bredere lijn is wel zichtbaar. Een overzicht van Nederlandse rechtspraak over blockchaintracing en het bevriezen van exchange-accounts noemt al meerdere zaken uit 2024 waarin rechters gegevensverstrekking of bevriezing van crypto-accounts bij platforms als WhiteBIT, Huobi/HTX, Kyrrex en Bitvavo toewijzen. De KuCoin-zaak past dus in een route die al voorzichtig in beweging was en nu verder zichtbaar wordt.
Voor gedupeerde beleggers verandert daarmee niet alles. Een uitspraak als deze garandeert nog geen volledige teruggave van crypto, zeker niet als tegoeden al zijn doorgeschoven of leeggehaald. Maar de zaak tegen KuCoin maakt wel duidelijk dat een buitenlandse exchange niet automatisch een eindstation hoeft te zijn voor een Nederlandse fraudezaak.