Een
MiCA-vergunning mag volgens
Frankrijk geen veiligheidsstempel worden voor
DeFi-diensten die buiten die vergunning vallen. Cryptobeurzen die klanten actief toegang geven tot externe protocollen, zouden daarom meer moeten doen dan alleen een risicowaarschuwing tonen.
De Franse AMF, Banque de France, ACPR en schatkist willen bij de herziening van
MiCA duidelijke verantwoordelijkheden voor zulke tussenpersonen vastleggen.
Frankrijk wil controles vóór toegang tot DeFi
Hun inzet voor
DeFi bestaat uit drie onderdelen.
Tussenpersonen moeten duidelijke verantwoordelijkheden krijgen. Er moeten passende onderzoeks- en controleplichten komen. Daarnaast steunt Frankrijk certificering van protocollen.
Dat verandert de rol van een cryptoplatform.
Een exchange die alleen zegt dat een externe dienst risico’s kent, zou niet automatisch klaar zijn.
Wie toegang organiseert, moet volgens het Franse voorstel ook beoordelen waar klanten naartoe worden gestuurd.
Aansprakelijkheid kan volgen op tekortschietende controle
De
volledige Franse consultatiereactie gaat verder in op die verantwoordelijkheid.
Daarbij wordt gedacht aan situaties waarin een cryptodienstverlener klanten actief met een DeFi-protocol verbindt.
Het platform zou vooraf onderzoek moeten doen en daarna relevante risico’s moeten blijven volgen.
Bij tekortschietende controles kan aansprakelijkheid in beeld komen.
Denk aan onvoldoende onderzoek vooraf of het negeren van bekende zwakke plekken.
Dat betekent niet dat een platform automatisch ieder verlies bij een DeFi-protocol moet vergoeden.
De Franse inzet koppelt verantwoordelijkheid juist aan de rol van de tussenpersoon en de kwaliteit van zijn controles.
Een externe smart contract blijft een afzonderlijk risico
Dat onderscheid is belangrijk.
Een klant kan een account hebben bij een volledig vergunde cryptobeurs en vanuit dezelfde app een externe financiële toepassing openen.
Het ene deel kan onder MiCA vallen.
Het andere product kan buiten dezelfde bescherming vallen.
Bij een DeFi-protocol wordt veel van de uitvoering geregeld via
blockchain-code en smart contracts.
Een fout in die code verdwijnt niet omdat een gereguleerde exchange er een knop naartoe aanbiedt.
Maar de Franse autoriteiten vinden dat die exchange daarmee ook niet iedere verantwoordelijkheid kan wegschuiven.
Certificering moet protocolrisico beter zichtbaar maken
Frankrijk steunt daarom een vorm van certificering voor DeFi-protocollen en smart contracts.
Zo’n beoordeling kan bijvoorbeeld kijken naar de technische werking, zwakke plekken en belangrijke afhankelijkheden.
Het doel is niet dat ieder protocol daarmee officieel “veilig” wordt verklaard.
Software kan veranderen.
Nieuwe kwetsbaarheden kunnen later ontstaan.
Ook externe onderdelen kunnen problemen veroorzaken.
Daarom moet certificering volgens de Franse lijn een aanvulling zijn op de eigen controle van een platform, geen vervanging daarvan.
Een certificaat wordt dus geen vrijbrief
Dat voorkomt een nieuwe versie van hetzelfde probleem.
Wanneer een cryptobeurs simpelweg kan wijzen naar een certificaat, verschuift de verantwoordelijkheid alleen naar de partij die de code beoordeelde.
Frankrijk wil juist dat de partij die DeFi aan klanten aanbiedt zelf blijft opletten.
Een protocolupdate kan bijvoorbeeld de eerder beoordeelde code veranderen.
Ook een bekende kwetsbaarheid die pas na certificering verschijnt, kan actie vragen.
Een platform zou dan niet moeten kunnen zeggen dat het ooit een certificaat heeft gezien en daarom niets meer hoefde te controleren.
ESMA waarschuwde al voor het ‘halo-effect’
De Franse voorstellen sluiten aan op een eerdere waarschuwing van ESMA.
De Europese toezichthouder waarschuwde in juli 2025 voor het zogenoemde
halo-effect.
Een gebruiker ziet dat een cryptobedrijf een MiCA-vergunning heeft.
Daarna kan de indruk ontstaan dat alle producten binnen dezelfde app onder dezelfde regels vallen.
Dat hoeft niet zo te zijn.
ESMA zegt daarom dat cryptodienstverleners tijdens het hele verkoopproces duidelijk moeten maken welke diensten gereguleerd zijn en welke niet.
Ook marketing mag die grens niet vertroebelen.
Frankrijk wil nu verder dan duidelijke communicatie
Daar zit het nieuwe element.
De ESMA-waarschuwing legt veel nadruk op informatie.
Vertel klanten duidelijk welk product zij gebruiken en welke bescherming daarbij hoort.
Frankrijk wil bij DeFi daarnaast kijken naar de handelingen van de tussenpersoon zelf.
Heeft de exchange het protocol onderzocht?
Heeft zij bekende risico’s gevolgd?
Waarom werd juist deze dienst aan klanten aangeboden?
En wat deed het platform toen een zwakke plek bekend werd?
Daarmee verschuift de discussie van alleen informeren naar aantoonbaar controleren.
Vergunning van de exchange blijft geen garantie
Ook met zulke regels zou een MiCA-vergunning geen verzekering tegen verlies worden.
Een smart contract kan falen.
Een token kan waarde verliezen.
Een gebruiker kan zelf een verkeerde transactie ondertekenen.
En een DeFi-protocol kan andere risico’s kennen dan de cryptobeurs die er toegang toe geeft.
De Franse voorstellen veranderen dat niet.
Ze proberen vooral duidelijker vast te leggen wie verantwoordelijk is voor het deel dat wél onder controle van de tussenpersoon staat.
Rechtstreeks via eigen wallet blijft een andere situatie
Er bestaat ook een fundamenteel verschil tussen toegang via een beurs en directe toegang.
Wie vanuit een eigen
wallet rechtstreeks met een protocol werkt, heeft geen cryptobeurs nodig om die stap mogelijk te maken.
Bij toegang via een gereguleerde app zit juist wel een bedrijf tussen gebruiker en protocol.
Die tussenlaag kan een protocol selecteren, tonen, promoten of technisch toegankelijk maken.
Frankrijk wil dat zulke keuzes ook verantwoordelijkheden krijgen.
Dat is iets anders dan ieder decentraal protocol zelf behandelen alsof het een traditionele financiële onderneming is.
Voor Nederland en België verandert vandaag nog niets
De voorstellen gelden nog niet als nieuwe Europese regels.
Frankrijk heeft gereageerd op de discussie over de herziening van MiCA.
Daarna moeten op Europees niveau verdere voorstellen, onderhandelingen en besluiten volgen voordat nieuwe verplichtingen kunnen gelden.
Nederlandse en Belgische cryptogebruikers krijgen door de publicatie van 21 oktober dus niet plotseling nieuwe rechten op schadevergoeding.
Ook cryptobeurzen krijgen vandaag geen nieuwe Franse
EU-plicht opgelegd.
De betekenis zit in de richting waarin een deel van Europa MiCA wil uitbreiden.
De knop naar DeFi kan juridisch zwaarder worden
Voor cryptoplatforms kan dat uiteindelijk een belangrijke grens worden.
Alleen een externe link tonen is iets anders dan een DeFi-product volledig in de eigen app opnemen.
Hoe actiever een platform de toegang organiseert, hoe sterker de vraag wordt welke controles daarbij horen.
Dat is precies de discussie die Frankrijk nu naar Brussel brengt.
Een MiCA-vergunning moet geen schijnzekerheid geven voor alles achter dezelfde login.
Maar wanneer een vergund platform zelf de deur naar DeFi opent, willen de Franse autoriteiten ook niet dat alle verantwoordelijkheid aan de andere kant van die deur blijft liggen.