AI-bots bij cryptoplatforms mogen in Europa niet langer stilletjes doen alsof ze mensen zijn. Sinds 2 augustus 2026 gelden nieuwe transparantieregels onder de
EU AI Act.
De regels noemen crypto niet apart. Toch raken ze exchanges, walletbouwers en handelsapps die AI inzetten voor klantenservice, promotie, marktupdates of agents die transacties voorbereiden.
Voor gebruikers moet duidelijk worden wanneer zij met AI praten, wanneer content synthetisch is en wie verantwoordelijkheid draagt voor publicatie.
Artikel 50 is nu actief
De Europese Commissie schrijft in haar
richtsnoeren over artikel 50 dat de transparantieverplichtingen sinds 2 augustus 2026 gelden.
Die regels draaien om drie hoofdpunten.
Aanbieders van AI-systemen die direct met mensen communiceren, moeten hun systemen zo bouwen dat gebruikers weten dat zij met AI te maken hebben.
Aanbieders van generatieve AI-systemen moeten synthetische of gemanipuleerde output voorzien van machineleesbare markeringen.
Bedrijven die AI gebruiken, moeten in bepaalde gevallen zelf een zichtbaar label geven. Dat geldt onder meer bij deepfakes en bij AI-gegenereerde teksten over onderwerpen van publiek belang zonder menselijke redactie.
Chatbots moeten herkenbaar zijn
Veel exchanges gebruiken al automatische ondersteuning voor vragen over accounts, transacties, verificatie en producten.
Wanneer zo’n systeem rechtstreeks met een klant praat, moet duidelijk zijn dat de gesprekspartner AI is.
Dat kan ook gelden voor geavanceerdere agents. Denk aan bots die marktinformatie samenvatten, een
wallet helpen bedienen of een transactie voorbereiden.
Een algemene zin in de voorwaarden is dan te mager. De gebruiker moet tijdens de interactie weten dat hij met software praat.
Dat label geeft een gebruiker geen volledige bescherming. Het zegt alleen wie of wat aan de andere kant van het gesprek zit.
Toestemming, beveiliging, privacy en financiële regels blijven daarnaast gewoon gelden.
AI-agent mag niet zomaar tekenen
Voor crypto is dat punt scherp.
Een chatbot die uitlegt hoe een storting werkt, brengt een ander risico mee dan een agent die een transactie klaarzet.
Nog zwaarder wordt het wanneer software namens een gebruiker keuzes maakt. Bijvoorbeeld welk token wordt gekocht, welke route wordt gebruikt of wanneer een order wordt geplaatst.
De AI Act geeft zo’n agent geen vrijbrief.
Een cryptobedrijf moet blijven uitleggen welke bevoegdheden de agent heeft, waar menselijke goedkeuring nodig is en welke logs worden bewaard.
De vraag is niet alleen: staat er “AI” bij? De vraag is ook: mag deze bot iets doen met mijn geld?
Een label maakt een AI-agent herkenbaar. Het maakt hem nog niet bevoegd.
Deepfake-promotie wordt riskanter
De nieuwe regels raken ook cryptomarketing.
Denk aan een AI-video waarin een bekende ondernemer zogenaamd een token aanbeveelt. Of een nagebootste stem van een analist. Of een gemanipuleerd fragment waarin een exchangebestuurder iets zegt wat nooit is gezegd.
Wanneer zulke beelden, audio of video realistisch lijken, kunnen ze onder de deepfake-regels vallen.
De partij die de content publiceert, moet dan duidelijk maken dat het materiaal kunstmatig is gemaakt of bewerkt.
Voor cryptobedrijven is dat geen klein detail. De sector kampt al jaren met nepadvertenties, valse endorsements en scamvideo’s.
Een platform dat AI-promotie gebruikt, moet dus niet alleen kijken of de tekst juridisch klopt. Het moet ook duidelijk maken wanneer beeld of geluid niet echt is.
Machineleesbaar is iets anders dan zichtbaar
De AI Act maakt onderscheid tussen technische markering en zichtbare informatie.
Aanbieders van generatieve AI-systemen moeten output in beginsel machineleesbaar markeren. Dat helpt technische detectie.
Maar een gebruiker ziet zo’n markering niet altijd.
Daarom kan de partij die de content publiceert alsnog een zichtbaar label moeten toevoegen. Zeker bij deepfakes of AI-tekst over publieke onderwerpen zonder menselijke controle.
De Commissie noemt ook uitzonderingen. Standaardbewerkingen vallen niet altijd onder de markeringsplicht wanneer de betekenis van het materiaal niet wezenlijk verandert.
Voor generatieve AI-systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, geldt volgens de Commissie een overgangsperiode voor de technische markeringsplicht tot december 2026.
Voor deepfakes die vóór 2 augustus zijn gemaakt, is geen algemene plicht met terugwerkende kracht. Labelen wordt wel aangemoedigd.
Niet iedere AI-tekst vraagt groot label
De regels betekenen niet dat iedere AI-geholpen cryptotekst automatisch een groot waarschuwingslabel nodig heeft.
Bij tekst gaat het vooral om publicaties die het publiek informeren over onderwerpen van publiek belang en die zonder menselijke beoordeling of redactionele controle zijn gepubliceerd.
Een exchange die AI gebruikt voor een eerste versie van een marktupdate, maar daarna menselijke eindredactie toepast, zit anders dan een platform dat volledig automatisch nieuws of koerscommentaar publiceert.
Dat onderscheid wordt belangrijk voor cryptomedia, exchanges en walletapps.
AI mag helpen. Maar wie publiceert zonder menselijk toezicht, krijgt sneller een labelplicht.
Boetes kunnen oplopen
De handhaving ligt niet bij één partij.
Nationale markttoezichthouders, het Europese AI Office en de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming krijgen ieder een rol, afhankelijk van de toepassing en de betrokken organisatie.
Voor overtredingen van artikel 50 kunnen boetes oplopen tot €15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet.
Bij de hoogte van een sanctie tellen onder meer ernst, duur, schade, omvang van het bedrijf en genomen maatregelen mee.
Voor start-ups en kleinere bedrijven moeten boetes proportioneel blijven. Dat betekent niet dat zij de regels kunnen negeren.
Crypto krijgt een extra regel laag
Voor cryptobedrijven stapelen de verplichtingen zich op.
Onder
MiCA moeten vergunde cryptodienstverleners onder meer letten op klantinformatie, governance, belangenconflicten en zorgvuldige dienstverlening.
De AI Act voegt daar transparantie over AI-gebruik aan toe.
Een exchange kan bijvoorbeeld een externe AI-chatbot gebruiken. De modelaanbieder kan verantwoordelijk zijn voor technische markering. De exchange blijft verantwoordelijk voor hoe die chatbot aan klanten wordt getoond.
Bij synthetische promotie geldt hetzelfde. De AI-leverancier maakt de output. Het cryptobedrijf publiceert de boodschap.
Die rolverdeling moet vooraf helder zijn. Niet pas wanneer een gebruiker klaagt.
Wat cryptobedrijven nu moeten nalopen
De eerste stap is inventarisatie.
Waar praat AI rechtstreeks met klanten? Waar wordt AI gebruikt in klantenservice, marketing, handelsapps, walletinterfaces of risicowaarschuwingen?
Daarna komt de zwaardere vraag: wie controleert de output?
Een cryptobedrijf moet weten waar menselijke beoordeling plaatsvindt, waar zichtbare labels nodig zijn en waar technische markeringen worden gebruikt.
Ook moet duidelijk zijn welke externe leverancier waarvoor verantwoordelijk is.
Een lijst met gebruikte AI-tools is dus niet genoeg. Het gaat om de volledige route van model naar gebruiker.
Relevantie voor CryptoBenelux-lezers
Voor Nederlandse en Belgische gebruikers wordt AI in crypto steeds minder onschuldig.
Een simpele chatbot kan uitleg geven. Een agent kan straks orders voorbereiden, risico’s samenvatten of interactie hebben met wallets.
Dan moet de gebruiker weten of een mens spreekt, een bot adviseert of software een actie klaarzet.
De AI Act verplicht cryptobedrijven niet om daarvoor blockchaintechnologie te gebruiken. Maar de regels vergroten wel de vraag naar duidelijke toestemming, logboeken, herkenbare agents en bewijs van goedkeuring.
Dat raakt vooral wallets en handelsapps die AI dichter bij de transactie brengen.
Het echte probleem zit na het label
Een klein “gemaakt met AI”-label onder een post is niet de grote strijd.
De echte vraag is wie verantwoordelijk is wanneer een AI-agent een fout maakt.
Wat gebeurt er als een bot een risicovol token aanraadt? Wie draagt schade wanneer een agent een transactie verkeerd voorbereidt? Hoe bewijst een gebruiker dat hij toestemming gaf, of juist niet?
De transparantieregels lossen dat niet allemaal op.
Ze openen wel de deur naar strengere eisen rond identiteit, toestemming en aansprakelijkheid bij autonome financiële software.
Voor crypto is dat geen randzaak. Zodra AI dichter bij geld komt, wordt herkenbaarheid slechts de eerste verdedigingslinie.