ECB-medewerkers gaan in 2027 echte betalingen uitvoeren met een proefversie van de
digitale euro. Ook personeel van negentien nationale centrale banken, 36 betaaldienstverleners en geselecteerde winkeliers doet mee.
De proef moet twaalf maanden duren en dagelijkse situaties nabootsen. Een succesvolle test betekent alleen nog niet dat Europeanen in 2029 automatisch een digitale euro krijgen.
ECB wil echte transacties buiten het laboratorium
ECB-directielid Piero Cipollone bevestigt de volgende stap in een
interview dat op 24 oktober werd gepubliceerd.
Het gesprek vond drie dagen eerder plaats.
Cipollone zegt dat de ECB in 2027 een pilot start met echte transacties door personeel van de ECB en nationale centrale banken.
Het doel is de techniek onder normale omstandigheden te testen.
Daarmee verschuift het project van technische voorbereiding naar een afgebakende proef waarin mensen daadwerkelijk betalingen uitvoeren.
Proef start in tweede helft van 2027
De
officiële pilotpagina van de ECB geeft een concretere planning.
De proef moet in de tweede helft van 2027 beginnen en naar verwachting twaalf maanden duren.
Deelnemers zijn:
- 36 betaaldienstverleners met een vergunning in het eurogebied;
- geselecteerde winkeliers;
- medewerkers van de ECB en negentien nationale centrale banken.
Zij testen onder meer betalingen in winkels en betalingen tussen personen.
De ECB wil daarbij zien of het systeem betrouwbaar, gebruiksvriendelijk en geschikt voor grotere aantallen gebruikers is.
Dit wordt nog geen publieke lancering
Voor consumenten in Nederland en België betekent de pilot niet dat zij volgend jaar automatisch een digitale-eurowallet krijgen.
De deelnemersgroep blijft beperkt.
De ECB spreekt zelf over een bètaversie die in praktijksituaties wordt getest.
De resultaten worden gebruikt bij de verdere voorbereiding op een mogelijke uitgifte.
Dat woord ‘mogelijke’ blijft belangrijk.
De ECB heeft nog geen definitief besluit genomen om de digitale euro daadwerkelijk uit te geven.
Winkeliers kunnen zich nog aanmelden
Voor webwinkels en aanbieders van mobiele handel loopt op dit moment nog een aparte inschrijving.
De ECB nodigt zulke bedrijven uit om mee te doen aan de proef.
De deadline ligt op 27 oktober 2026.
De geselecteerde partijen helpen betaalervaringen voor webshops en mobiele aankopen te testen.
Daarmee wil de ECB niet alleen controleren of de technische verwerking werkt, maar ook of een betaling voor winkelier en klant praktisch genoeg is.
Wetgeving blijft de politieke poort
De planning voor 2027 loopt parallel aan de onderhandelingen in Brussel.
Cipollone zegt dat de ECB hoopt dat de Europese verordening over de digitale euro voor het einde van 2026 wordt aangenomen.
Pas daarna kan de Raad van Bestuur van de ECB formeel beslissen over uitgifte.
De centrale bank kan dus software bouwen en een pilot voorbereiden zonder daarmee vooruit te lopen op het juridische eindbesluit.
Die twee processen zijn bewust gescheiden.
2029 blijft de vroegste beoogde uitgifte
Op de
centrale projectpagina noemt de ECB 2029 als moment waarop zij klaar wil zijn voor een mogelijke eerste uitgifte.
Dat tijdpad gaat ervan uit dat de benodigde
EU-regels in 2026 worden aangenomen.
Daarna hebben ook banken, betaaldienstverleners en winkeliers tijd nodig om hun eigen systemen aan te passen.
Een geslaagde test in 2027 betekent dus niet dat de digitale euro meteen daarna beschikbaar komt.
Tussen pilot en publieke uitgifte blijft nog een afzonderlijk besluit liggen.
Saldo krijgt een limiet, betalingen niet
Cipollone maakt in het interview ook een belangrijk onderscheid tussen bezit en uitgaven.
Er moet een maximum komen voor hoeveel digitale euro iemand kan aanhouden.
Dat is iets anders dan een maximumbedrag per betaling.
Wie bijvoorbeeld een grote aankoop doet waarvoor onvoldoende digitale euro in de wallet staat, zou het ontbrekende deel automatisch vanaf een gekoppelde bankrekening kunnen laten aanvullen.
De ECB noemt in het interview geen definitief bedrag voor de bezitslimiet.
Dat bedrag staat dus nog niet vast.
Een auto betalen kan ondanks laag walletsaldo
Cipollone gebruikt zelf een grote aankoop als voorbeeld.
Stel dat iemand minder digitale euro bezit dan nodig is voor een auto.
De betaling hoeft dan niet te worden geweigerd omdat de walletlimiet is bereikt.
Het ontbrekende bedrag kan via de gekoppelde betaalrekening worden aangevuld.
Dat mechanisme probeert twee doelen te combineren.
De digitale euro moet bruikbaar blijven voor gewone en grote betalingen, terwijl de ECB wil voorkomen dat grote hoeveelheden bankdeposito's permanent naar centralebankgeld verschuiven.
Bankapp of gezamenlijke Europese app
Gebruikers moeten volgens het huidige ontwerp twee manieren krijgen om toegang te krijgen.
Banken kunnen de digitale euro opnemen in hun bestaande apps.
Daarnaast wil het Eurosysteem een gezamenlijke app aanbieden met basisfuncties.
Ook bij gebruik van die Europese app opent de ECB geen persoonlijke rekening voor de consument.
De klantrelatie blijft volgens Cipollone bij een bank of andere bevoegde tussenpersoon.
Dat maakt de digitale euro anders dan een situatie waarin burgers rechtstreeks een gewone betaalrekening bij de ECB zouden krijgen.
Digitale euro is geen stablecoin
De betaalvorm moet centralebankgeld in digitale vorm worden.
Dat verschilt fundamenteel van een private
stablecoin.
Bij een stablecoin staat een private uitgever achter het token en de bijbehorende reserves of andere dekking.
Bij de digitale euro zou de verplichting rechtstreeks bij het Eurosysteem liggen, net zoals fysiek eurobankgeld centralebankgeld is.
De ECB positioneert het daarom als digitale aanvulling op contant geld, niet als cryptomunt.
Geen openbare blockchain vereist
Ook technisch moet de digitale euro niet worden verward met Bitcoin of andere openbare netwerken.
Cipollone spreekt over een gezamenlijk Europees systeem dat speciaal voor de digitale euro wordt gebouwd door Europese aanbieders.
De ECB presenteert geen openbaar
blockchain-netwerk waarop iedereen zelf validator kan worden of transacties kan opnemen.
De digitale euro gebruikt dus wel digitale betaaltechniek, maar volgt niet automatisch het ontwerp van publieke crypto-netwerken.
Ook offline betalen blijft onderdeel van het ontwerp
De ECB wil de digitale euro uiteindelijk ook zonder internet bruikbaar maken.
Cipollone beschrijft betalingen waarbij twee apparaten direct met elkaar communiceren.
Dat moet bijvoorbeeld tijdens een internetstoring of op plekken met slechte dekking kunnen werken.
Bij zulke offline betalingen zouden transactiegegevens volgens hem tussen betaler en ontvanger blijven.
De pilot van 2027 moet helpen beoordelen hoe verschillende onderdelen van het ontwerp zich buiten een testomgeving gedragen.
Nederland en België doen via het Eurosysteem mee
De digitale euro is bedoeld voor het volledige eurogebied.
Dat maakt de ontwikkeling rechtstreeks relevant voor Nederland en België.
De pilot omvat personeel van negentien nationale centrale banken en betaaldienstverleners uit het eurogebied.
Dat betekent nog niet dat gewone Nederlandse of Belgische consumenten al in 2027 worden toegelaten.
Voor hen komt een bredere beschikbaarheid pas in beeld als de wetgeving rond is, de ECB tot uitgifte besluit en marktpartijen klaar zijn.
2027 wordt de test, niet het eindbesluit
De komende pilot maakt de digitale euro tastbaarder.
Er worden niet alleen schermen en technische onderdelen getest, maar echte betaalhandelingen door echte deelnemers.
Toch blijft de beslissende grens juridisch.
De ECB kan in 2027 laten zien dat het systeem werkt.
Brussel en vervolgens de Raad van Bestuur bepalen of die proef ooit uitmondt in een digitale euro die miljoenen Europeanen daadwerkelijk kunnen gebruiken.