Twee blocks. Daarna stilte.
De omstreden BIP-110-softfork heeft
Bitcoin dit weekend daadwerkelijk in twee ketens getrokken. Maar de nieuwe minderheidsketen kwam vrijwel direct zonder rekenkracht te zitten.
Rond 12:26 Nederlandse tijd stond de reguliere
Bitcoin-chain op block 961.722. De BIP-110-handhavende keten stond op 961.633, blijkt uit de
BIP-110-monitor.
Dat is een gat van 89 blocks.
De markt kreeg daarmee geen tweede gelijkwaardige Bitcoin. Zij kreeg een harde demonstratie van gebrek aan minersteun.
BIP-110 raakt de strijd om blockruimte
BIP-110 heet officieel Reduced Data Temporary Softfork. Het voorstel wil ongeveer één jaar strengere regels opleggen aan datavelden in Bitcoin-transacties.
De kern: minder ruimte voor niet-financiële data.
Het voorstel beperkt onder meer grote scriptvelden, zet een limiet van 83 bytes op OP_RETURN-outputs en verbiedt bepaalde Taproot-constructies die veel data kunnen dragen.
Daarmee richt BIP-110 zich direct op Ordinals, inscriptions en andere manieren om tekst, afbeeldingen of tokenachtige data in de blockchain te plaatsen.
Voorstanders zien dat als verdediging van Bitcoin als geldnetwerk. Zij vinden dat arbitraire data nodes onnodig belast en blockruimte wegdrukt bij betalingen.
Tegenstanders zien een gevaarlijke grens.
Wie bepaalt waarvoor betaalde blockruimte gebruikt mag worden?
Split begon bij block 961.632
De splitsing kwam door de activatiemethode.
BIP-110 gebruikt een aangepaste versie van BIP9. Miners konden steun tonen door bit 4 in blocks te signaleren. Voor vroege lock-in was 55 procent nodig binnen een difficultyperiode van 2.016 blocks.
Die steun kwam niet.
De laatste volledige periode voor de verplichte fase telde volgens de monitor 51 signaling blocks op 2.016 blocks. Dat is 2,53 procent.
Daarna begon bij block 961.632 de verplichte signalingperiode voor nodes die BIP-110 afdwingen.
Die nodes weigeren blocks zonder het vereiste signaal. Reguliere Bitcoin-nodes doen dat niet.
Vanaf dat moment konden beide groepen een andere keten als geldig zien.
Dat is een echte chainsplit.
Minderheidsketen loopt vast
Het probleem voor BIP-110 is simpel: te weinig
mining.
Een afgesplitste keten neemt de hoge Bitcoin-difficulty mee. Zij krijgt niet automatisch een lagere moeilijkheidsgraad omdat minder miners meedoen.
Als bijna alle hashpower op de reguliere chain blijft, wordt het vinden van nieuwe blocks op de minderheidsketen extreem traag.
Dat gebeurde.
De monitor toonde een BIP-110-handhavende chain op block 961.633. Het laatste block lag daar al ongeveer twaalf uur terug.
De reguliere chain liep wel door.
Dat maakt de machtsverhouding zichtbaar. Niet in posts, niet in discussies, maar in proof-of-work.
Geen tweede Bitcoin Cash-moment
De split betekent niet dat Bitcoin nu twee grote netwerken heeft.
Bij Bitcoin Cash ontstond in 2017 een afzonderlijke keten met eigen markt, exchanges, wallets en herkenbare economische steun.
BIP-110 heeft dat op dit moment niet.
Technisch bestaat er sinds block 961.632 een afwijkende ketengeschiedenis voor nodes die de nieuwe regels afdwingen. Economisch blijft de bestaande Bitcoin-chain dominant.
Daar zit het verschil.
Een fork kan technisch bestaan en tegelijk economisch vrijwel niets wegen.
Zonder miners, exchanges, liquiditeit en gebruikers wordt een keten vooral een protest met blockheaders.
Wat BIP-110 nu nog nodig heeft
De officiële specificatie zegt dat de verplichte signalingperiode loopt van block 961.632 tot en met 963.647. Lock-in gebeurt uiterlijk op 963.648. De strengere regels zouden daarna actief worden op block 965.664.
Maar dat schema geldt praktisch alleen als de BIP-110-keten die hoogte bereikt.
Zonder veel meer hashpower kan dat lang duren. De reguliere chain kan dan duizenden blocks verder lopen terwijl de minderheidsketen nauwelijks beweegt.
Daarmee verschuift de hele vraag naar miners.
Als grote pools niet overstappen, blijft BIP-110 opgesloten in een keten die zichzelf moeilijk vooruit krijgt.
Nodes tonen regels, miners leveren tempo
Deze gebeurtenis laat een harde spanning in Bitcoin zien.
Nodes bepalen welke blocks zij accepteren. Miners leveren de proof-of-work waarmee een keten vooruitgaat.
Als genoeg economische nodes en miners dezelfde regels draaien, krijgt een softfork gewicht. Als alleen een kleine groep nodes afdwingt en miners wegblijven, ontstaat een dunne keten.
BIP-110 toont precies dat probleem.
De handhavende nodes kunnen non-signaling blocks weigeren. Ze kunnen miners alleen niet dwingen om op hun keten te bouwen.
Daarvoor is economische druk nodig. Exchanges, custodians, betaalverwerkers, miners en gebruikers moeten de nieuwe keten als waardevol behandelen.
Dat bewijs is er nu niet.
Ordinals-debat is niet klaar
Toch is de discussie niet dood.
BIP-110 ontstond uit een echte breuk binnen Bitcoin. De ruzie over inscriptions, Ordinals en niet-financiële data blijft bestaan.
De ene kant ziet zulke toepassingen als misbruik van schaarse blockruimte. De andere kant ziet blockruimte als neutrale markt: wie betaalt, mag schrijven.
Die vraag verdwijnt niet doordat deze fork bijna stilvalt.
Maar de machtsvraag is voorlopig beantwoord.
De markt en miners kiezen niet massaal voor BIP-110.
Voor gewone gebruikers telt één waarschuwing
Gebruikers moeten niet zomaar proberen coins op een minderheidsfork te verplaatsen.
Bij forks kunnen replayrisico’s, verkeerde walletondersteuning en verwarring over ketens ontstaan. Zeker als een keten nauwelijks blocks produceert, is afwikkeling traag en onzeker.
Wie geen diep technisch begrip heeft, doet er goed aan niets met forkcoins te doen.
Gewone Bitcoin op de dominante chain blijft doordraaien. De BIP-110-keten is het risicogebied.
Dat onderscheid is belangrijk voor
wallets, beurzen en nodebeheerders.
De fork is vooral een referendum
BIP-110 wilde Bitcoin terugduwen naar striktere monetaire blockruimte.
De eerste praktijkproef laat iets anders zien: zonder breed draagvlak wordt een softfork geen machtsmiddel, maar een afgescheiden keten zonder tempo.
Dat maakt dit weekend belangrijk.
Niet omdat Bitcoin twee gelijke netwerken kreeg. Wel omdat een omstreden UASF-poging tegen de harde grens van miner- en marktsteun liep.
Bitcoin splitste.
Maar de minderheidsketen bleef staan waar de rest van het netwerk doorliep.