Zeven miljoen testtransacties en NIST-cryptografie tegen een toekomstige quantumdreiging. Frame heeft zijn private testnet geopend en zet daarbij direct ML-DSA-87 in voor digitale handtekeningen.
Maar één ding moet meteen duidelijk zijn: het mainnet is nog niet live.
The
Crypto Company maakte op 30 september bekend dat Frame in private bèta draait. Volgens het bedrijf zijn op dat netwerk inmiddels ruim zeven miljoen post-quantum testtransacties verwerkt.
Het cijfer komt van het bedrijf zelf. Frame is nog niet openbaar toegankelijk en resultaten uit deze testfase zeggen nog weinig over prestaties onder echte marktbelasting.
Frame kiest vanaf het begin voor post-quantum beveiliging
Frame wordt gebouwd als een nieuwe Layer 1-
blockchain voor gebruikers, bedrijven en softwarematige AI-agents.
Voor het ondertekenen van transacties gebruikt het netwerk ML-DSA-87.
Dat is geen zelfverzonnen cryptostandaard van een nieuw cryptoproject. ML-DSA maakt deel uit van FIPS 204, de post-quantum standaard voor digitale handtekeningen van het Amerikaanse National Institute of Standards and Technology.
NIST schrijft dat ML-DSA ontworpen is om veilig te blijven tegen aanvallers die over een grootschalige quantumcomputer beschikken. Binnen de drie ML-DSA-configuraties heeft ML-DSA-87 de hoogste opgegeven beveiligingscategorie: categorie 5.
Frame bouwt die keuze vanaf het begin in het netwerk.
Dat verschilt van oudere blockchains, die mogelijk ooit hun cryptografische handtekeningen moeten vervangen wanneer quantumcomputers sterk genoeg worden om huidige technieken aan te vallen.
Zeven miljoen transacties bewijzen nog geen mainnet
Die ruim zeven miljoen transacties klinken stevig.
Alleen zijn het testtransacties.
The Crypto Company waarschuwt daar zelf ook voor in zijn SEC-documentatie. Resultaten op het testnet hoeven niet representatief te zijn voor snelheid, veiligheid of stabiliteit wanneer Frame uiteindelijk met echt geld en externe gebruikers draait.
Daar zit het verschil tussen een technische mijlpaal en bewezen gebruik.
Een ontwikkelteam kan miljoenen transacties genereren onder gecontroleerde omstandigheden. Pas bij een openbaar netwerk wordt zichtbaar hoe validators, applicaties, gebruikers en onverwachte belasting op elkaar reageren.
Frame bevindt zich dus duidelijk verder dan alleen een ontwerp.
Maar zeven miljoen testtransacties zijn nog geen zeven miljoen betalingen van echte gebruikers.
'Quantum-resistent' vraagt eveneens nuance
Hetzelfde geldt voor het woord quantum-resistent.
Frame gebruikt een algoritme dat NIST specifiek voor een post-quantum wereld heeft gestandaardiseerd. Dat is technisch relevant.
Maar NIST waarschuwt expliciet dat het correct toepassen van een cryptografische standaard niet automatisch bewijst dat het volledige systeem veilig is. Implementatiefouten, sleutelbeheer en andere onderdelen kunnen nog steeds zwakke plekken veroorzaken.
Een blockchain bestaat uit meer dan alleen handtekeningen.
Validators, softwareclients,
wallets, netwerkcommunicatie en cross-chainmechanismen moeten allemaal standhouden.
Frame heeft dus een post-quantum fundament gekozen.
Of de hele keten ook onder publieke omstandigheden robuust blijkt, moet nog worden bewezen.
Bitcoin en Ethereum hoeven niet morgen te vluchten
De komst van Frame betekent ook niet dat
Bitcoin of
Ethereum morgen door een quantumcomputer worden opengebroken.
De discussie gaat vooral over voorbereiding.
Veel bestaande blockchains zijn ontworpen voordat NIST zijn eerste post-quantum standaarden definitief vastlegde. Als voldoende krachtige quantumcomputers ooit bruikbaar worden, kunnen bepaalde bestaande cryptografische handtekeningen onder druk komen.
Migreren is mogelijk, maar op een groot netwerk kan dat technisch en organisatorisch zwaar worden.
Frame probeert dat probleem voor te zijn door vanaf de eerste versie met een post-quantum handtekeningsysteem te werken.
Dat is de weddenschap.
AI-agents moeten zelfstandig kunnen betalen
Frame koppelt quantumbeveiliging tegelijk aan een tweede verhaal: AI-agents.
The Crypto Company wil dat autonome software op het netwerk zelfstandig waarde kan verplaatsen. Denk aan een AI-agent die een digitale dienst koopt, een betaling uitvoert of activa tussen verschillende netwerken verplaatst.
Dat idee staat nog vroeg.
Maar het verklaart waarom Frame snelheid, programmeerbaarheid en verbinding tussen verschillende blockchains tegelijk probeert te bouwen.
Volgens het bedrijf is het netwerk ontworpen voor settlement binnen ongeveer twee seconden. Ook cross-chaintransacties moeten via de eigen validators kunnen lopen zonder dat een externe bridge de activa tijdelijk bewaart.
Ook die prestaties zijn voorlopig ontwerpdoelen en testnetclaims.
Het mainnet moet ze nog waarmaken.
Frame wil meerdere crypto-economieën aan elkaar knopen
De tweede grote inzet draait om versnippering.
Bitcoin, Ethereum, Solana en andere netwerken hebben hun eigen applicaties, gebruikers en liquiditeit. Wie daar tussen beweegt, gebruikt vaak bridges of aparte diensten.
Frame wil daar één verbindende laag tussen plaatsen.
The Crypto Company beschreef het netwerk al in maart als een Layer 1 die verschillende blockchain-ecosystemen aan elkaar moet koppelen. Het bedrijf nam toen via dochterbedrijf Frame Intelligence de Frame-assets over, waaronder broncode, software, documentatie en validatorgerelateerde onderdelen.
De ambitie is dus groter dan alleen een quantumveilige chain bouwen.
Frame wil transacties tussen bestaande ecosystemen eenvoudiger maken.
Dat is ook waar het project straks harder op zal worden afgerekend.
Private bèta heeft al wallet, namen en DEX
De huidige testfase bevat verschillende onderdelen die later onderdeel van het bredere netwerk moeten worden.
Frame heeft zijn eigen wallet, een naamdienst onder de naam Frame Names en een decentrale exchange. De officiële projectsite vermeldt dat het testnet momenteel alleen in private bèta draait en dat openbare toegang nog niet beschikbaar is.
Nieuwe gebruikers kunnen zich op een wachtlijst aanmelden.
Daarna staan grotere onderdelen op de planning.
Frame noemt onder meer cross-chain liquiditeit, een ontwikkelaarskit, betaalfuncties, optionele privacy en tokenized real-world assets. Een latere fase moet ook futures en perpetuals toevoegen.
De roadmap is breed.
Misschien té breed.
Een nieuwe Layer 1 moet niet alleen veilig zijn. Hij moet ook ontwikkelaars, liquiditeit en gebruikers aantrekken in een markt waar gevestigde netwerken al enorme voorsprongen hebben.
The Crypto Company kocht Frame in maart
Frame kwam eerder dit jaar onder The Crypto Company terecht.
Uit
een officiële SEC-melding blijkt dat het beursgenoteerde bedrijf in maart via Frame Intelligence de activa achter het Frame-project overnam. Daaronder vielen intellectuele eigendomsrechten, broncode, software-repositories, documentatie en toegang tot validatorgerelateerde systemen.
The Crypto Company zei destijds Frame nog in 2026 te willen lanceren.
Met de private bèta is een tastbare stap gezet, maar die oorspronkelijke ambitie is nog niet volledig bereikt.
Een openbaar mainnet heeft nog geen definitieve lanceringsdatum.
De echte test begint pas buiten de eigen omgeving
Zeven miljoen post-quantum transacties zijn genoeg om Frame serieus als technisch project te bekijken.
Ze zijn niet genoeg om al van bewezen schaal te spreken.
De volgende stap is moeilijker: externe ontwikkelaars toelaten, echte gebruikers binnenhalen en vervolgens aantonen dat de snelheid en beveiliging onder publieke belasting overeind blijven.
Daarna volgt nog de zwaarste vraag.
Kan een nieuwe Layer 1 daadwerkelijk genoeg gebruikers en liquiditeit aantrekken om naast Bitcoin, Ethereum, Solana en andere grote netwerken relevant te worden?
Frame heeft alvast één risico vroeg aangepakt: de cryptografie waarop transacties worden ondertekend.
Nu moet het project bewijzen dat er ook iemand op die quantum-resistente keten wil transacten wanneer het testgeld verdwijnt.