ABN AMRO en Rabobank sluiten zich aan bij Qivalis omdat de strijd om digitaal geld in Europa niet langer kan worden afgewacht. Het Amsterdamse consortium telt nu 37
banken en wil in 2026 een gereguleerde euro-stablecoin lanceren als Europees alternatief voor de door dollars gedomineerde stablecoinmarkt.
Wij meldde eerder al dat
25 extra banken zijn toegetreden tot Qivalis. Naast ABN AMRO en Rabobank gaat het onder meer om Nordea, Bank of Ireland, Sabadell en Bankinter. Daarmee groeit het project uit tot een pan-Europees bankeninitiatief met deelnemers uit 15 landen.
Qivalis wordt groter dan een crypto-experiment
De stap van ABN AMRO en Rabobank is meer dan een losse blockchainpilot. Qivalis wil een gereguleerde euro-stablecoin uitgeven die kan worden gebruikt voor digitale betalingen, settlement en tokenized assets.
ING schrijft dat meer deelnemende banken helpen om liquiditeit, distributie en adoptie te vergroten. Volgens de bank zijn dat noodzakelijke voorwaarden om
stablecoins voorbij de experimentele fase te brengen. De geplande lancering staat voor de tweede helft van 2026, afhankelijk van goedkeuring.
Dat maakt de uitbreiding belangrijk. Een stablecoin leeft niet alleen door techniek, maar door netwerkbereik. Banken kunnen zakelijke klanten, treasuryafdelingen, betalingsstromen, compliancekennis en institutioneel vertrouwen meebrengen.
CryptoBenelux schreef eerder al dat Qivalis met ABN AMRO, Rabobank, ING en KBC veel dichter bij Europese financiële infrastructuur komt dan bij een kleine fintechproef.
Nederlandse banken willen niet achter de dollar aanlopen
De timing is logisch. Dollar-stablecoins domineren de cryptomarkt al jaren. Reuters wijst erop dat Tether en Circle samen honderden miljarden dollars aan dollar-gekoppelde tokens in omloop hebben, terwijl euro-alternatieven nog nauwelijks schaal hebben. De euro-stablecoin van Société Générale’s SG-FORGE had volgens Reuters slechts 105,6 miljoen euro in circulatie.
Dat verschil is precies waarom Europese banken nu bewegen. Als digitale settlement, tokenized assets en internationale betalingen straks vooral op dollarstablecoins draaien, blijft Europa opnieuw afhankelijk van infrastructuur buiten de eurozone.
Qivalis is dus niet alleen een cryptoproject. Het is een poging om euro-liquiditeit op chain beschikbaar te maken voordat de marktstandaard definitief door dollars wordt bepaald.
CryptoBenelux schreef eerder al dat de markt voorlopig nog dollars kiest, hoe hard Europa ook probeert. Dat blijft de nuchtere uitdaging voor Qivalis: een gereguleerde euro-stablecoin is pas relevant als er ook echte liquiditeit, handelsparen, wallets, zakelijke flows en settlementtoepassingen ontstaan.
ABN AMRO ziet settlement als kernprobleem
ABN AMRO legt zelf vrij duidelijk uit waarom de bank instapt. Volgens de bank versnelt de adoptie van digitale marktinfrastructuur in Europa, met toepassingen in grensoverschrijdende betalingen, effectenafwikkeling en liquiditeitsbeheer.
De bank stelt dat er tot nu toe geen schaalbaar en gereguleerd digitaal euro-instrument voor on-chain settlement beschikbaar is. Daardoor vallen veel digitale transacties alsnog terug op klassieke off-chain processen en traditionele settlementcycli. Met Qivalis wil ABN AMRO juist toegang krijgen tot een digitale euro op chain voor concrete klanttoepassingen.
Dat is een belangrijk onderscheid. Dit gaat niet in de eerste plaats om een munt waarmee consumenten morgen koffie betalen. Het gaat om een nieuwe financiële rail voor bedrijven, instellingen, platforms en tokenized assets.
Voor banken is een stablecoin dus minder een cryptohandelsmiddel en meer een programmeerbare euro die direct in digitale marktinfrastructuur kan bewegen.
ECB, banken en betaalsoevereiniteit botsen
De bredere Europese context maakt dit dossier nog gevoeliger. Reuters schreef vandaag dat de ECB en banken verdeeld zijn over de route naar minder afhankelijkheid van Amerikaanse betaalreuzen. Visa en Mastercard verwerken volgens Reuters bijna twee derde van de kaartbetalingen in de eurozone, terwijl de ECB werkt aan een digitale euro richting 2029.
Die digitale euro ligt gevoelig. Banken vrezen dat een publiek digitaal betaalmiddel hun rol en inkomsten kan aantasten. Tegelijk wil de ECB voorkomen dat Europa afhankelijk blijft van Amerikaanse netwerken of private geldvormen buiten haar invloed.
In dat spanningsveld duwen commerciële banken hun eigen oplossing naar voren. Qivalis kan voor hen een manier zijn om digitaal geld te moderniseren zonder de klantrelatie, balanslogica en distributie volledig uit handen te geven.
Dat maakt de komende jaren interessant. De digitale euro, euro-stablecoins, tokenized deposits en DLT-settlement in centralebankgeld kunnen elkaar versterken, maar ook concurreren om dezelfde rol: wie levert de basislaag voor digitaal eurogeld?
Amsterdam wordt een stablecoinknooppunt
Voor
Nederland is Qivalis extra belangrijk. Het bedrijf is gevestigd in Amsterdam en werkt toe naar toezicht door De Nederlandsche Bank als elektronischgeldinstelling. ABN AMRO verwijst in zijn eigen toelichting expliciet naar dat beoogde DNB-toezicht.
Daarmee is Nederland niet alleen gebruiker van deze infrastructuur, maar ook een ankerplaats ervan. ING, ABN AMRO en Rabobank zitten aan tafel, terwijl KBC de Belgische link versterkt.
CryptoBenelux meldde eerder al dat Qivalis onder DNB-toezicht wil bouwen en dat het project inmiddels veel breder is dan de oorspronkelijke bankencoalitie.
Dat is geopolitiek en commercieel relevant. Europa wil minder afhankelijk worden van dollarstablecoins en Amerikaanse betaalrails. Nederland krijgt met Qivalis een directe rol in de infrastructuur waarmee dat geprobeerd wordt.
Wat dit verandert voor Europese crypto
Voor cryptobedrijven en gebruikers in Europa kan Qivalis op termijn drie dingen veranderen.
Ten eerste kunnen exchanges, brokers en institutionele platforms makkelijker toegang krijgen tot gereguleerde euro-liquiditeit on-chain. Dat kan handelsparen, treasurybeheer en euro-afwikkeling eenvoudiger maken.
Ten tweede kan tokenisatie praktischer worden. Obligaties, fondsen en andere financiële producten worden pas echt efficiënt als settlement niet telkens terug hoeft naar oude bankprocessen. Een gereguleerde euro-stablecoin kan dan als afwikkelmiddel dienen.
Ten derde kan de machtsverhouding verschuiven. Wie de dominante euro-rail bouwt, krijgt invloed op compliance-standaarden, liquiditeit, handelsstromen en de koppeling tussen traditionele finance en crypto.
Dat betekent niet dat alle crypto-assets hiervan profiteren. De grootste waarde kan juist terechtkomen bij banken, vergunninghouders, custodians, infrastructuurproviders en platforms met distributie. Voor losse tokens zonder duidelijke rol in settlement of liquiditeit is dit geen automatische bullcase.
Europa heeft nog geen race gewonnen
De echte vraag is niet meer of Europese banken stablecoins serieus nemen. Dat doen ze inmiddels duidelijk wel.
De vraag is of ze snel genoeg zijn. Dollar-stablecoins hebben een enorme voorsprong in liquiditeit, handelsparen, beursintegraties en marktdiepte. Qivalis heeft banken, toezicht en Europese legitimiteit, maar moet nog bewijzen dat bedrijven en markten de munt echt gaan gebruiken.
Als banken, wetgevers en centrale banken elkaar versterken, kan Europa alsnog een geloofwaardig eigen model voor digitaal geld neerzetten. Maar als de digitale euro, private stablecoins en bankinitiatieven langs elkaar heen bewegen, wint waarschijnlijk niet de Europese euro-stablecoin.
Dan wint opnieuw de infrastructuur die er al is: diepe dollarliquiditeit, Amerikaanse betaalnetwerken en bestaande stablecoinreuzen. Daarom is de toetreding van ABN AMRO en Rabobank belangrijk, maar nog geen eindpunt. Het is het begin van de echte test: kan Europa van een goed gereguleerde euro-stablecoin ook een veelgebruikte euro-rail maken?