FIU-Nederland ziet crypto in 2025 niet als losstaand witwasprobleem, maar als schakel in bredere geldstromen. Het jaaroverzicht noemt derdenbetalingen, katvangers, zorgfraude en crypto als routes waarmee criminelen opbrengsten slimmer verhullen.
De financiële inlichtingendienst ontving vorig jaar 3.055.362 meldingen van ongebruikelijke transacties. Daarvan verklaarde FIU-Nederland 92.043 transacties verdacht, verdeeld over 15.068 dossiers.
- Cryptomeldingen daalden fors.
- Crypto verdween niet uit de patronen.
- MiCAR verschuift vooral waar meldingen terechtkomen.
MiCAR drukt de Nederlandse meldstroom
Cryptodienstverleners meldden in 2025 nog 327.826 ongebruikelijke transacties bij FIU-Nederland. In 2024 waren dat er 578.312. Dat is een daling van 44 procent.
Die daling klinkt groot, maar
FIU-Nederland wijst niet naar een schonere cryptomarkt als hoofdverklaring. De verklaring zit vooral bij nieuwe Europese regels. Sinds 30 december 2024 geldt MiCAR voor cryptodienstverleners in
Nederland.
Veel aanbieders die Nederlandse klanten bedienen, maar hun hoofdkantoor elders in de EU hebben, vallen daardoor niet langer onder de Nederlandse meldplicht. Ook verviel een objectieve indicator: voorheen moest elke crypto-gerelateerde transactie van 15.000 euro of meer worden gemeld.
Wat meldt de FIU?
Een ongebruikelijke transactie is een melding van een poortwachter.
FIU-Nederland analyseert zulke meldingen.
Pas na analyse kan een transactie verdacht worden verklaard.
Die informatie gaat dan naar opsporings- en veiligheidsdiensten.
FIU-Nederland stelt dat de informatiepositie daardoor niet automatisch verslechtert. Europese FIU’s blijven relevante transacties onderling uitwisselen. Dat maakt MiCAR vooral een verschuiving van meldroutes, geen verdwijntruc voor crypto.
Crypto zit tussen bankrekening en katvanger
Het jaaroverzicht haalt het simpele beeld onderuit dat crypto buiten het financiële systeem staat. FIU-Nederland ziet juist combinaties: bankrekeningen, betaalinstellingen, tussenpersonen, buitenlandse routes en wallets grijpen in elkaar.
Derdenbetalingen vormen daarbij een duidelijke rode draad. FIU-Nederland verklaarde in één analyse 2.000 transacties verdacht, samen goed voor 300 miljoen euro. Zulke betalingen kunnen legitiem zijn, maar verhullen soms wie de echte afnemer is en waar het geld vandaan komt.
Crypto kan in zulke constructies meerdere rollen krijgen. Criminele opbrengsten kunnen worden omgezet in digitale valuta, via exchanges bewegen of later weer als giraal geld terugkeren. FIU-Nederland noemt crypto daarom een veelzijdig instrument binnen criminaliteit, van drugs en ondergronds bankieren tot de aankoop van illegaal materiaal.
Die analyse is belangrijk voor de sector. Blockchainanalyse alleen is niet genoeg. Onderzoekers moeten walletadressen koppelen aan bankstromen, bedrijfsstructuren, betaalinstellingen en personen achter de schermen.
In 29 dossiers speelde crypto direct mee
Binnen cybercriminaliteit
noemt FIU-Nederland crypto concreet. In 29 dossiers met 524 transacties speelde cryptovaluta een rol. De onderzoeken gingen onder meer over darkwebmarktplaatsen, illegale cryptodienstverleners zonder vergunning en betalingen voor materiaal van seksueel kindermisbruik.
De totale waarde van deze crypto-onderzoeken kwam uit op 22 miljoen euro. Eén dossier was goed voor ruim de helft daarvan: 11 miljoen euro aan verdacht verklaarde transacties. Dat dossier draaide om
fraude met geld uit een bouwdepot, dat daarna in crypto werd gestoken.
FIU-Nederland noemt ook terrorismefinanciering. In onderzoeken zag de dienst onder meer ingezamelde gelden die naar crypto-exchanges gingen, het gebruik van exchanges door subjecten met aanwijzingen voor ondergronds bankieren en virtuele valuta richting wallets die onder controle van terroristische organisaties lijken te staan.
Dat is geen bewijs dat crypto als technologie verdacht is. Het laat wel zien dat walletsporen in veel soorten dossiers bruikbaar blijven.
Helpdeskfraude raakt gewone gebruikers
De meest herkenbare waarschuwing zit bij helpdeskfraude. FIU-Nederland ontving in 2025 meerdere meldingen waarbij klanten van een Nederlandse crypto-exchange werden benaderd door criminelen die zich voordeden als medewerkers van het platform.
Slachtoffers kregen via sms of telefoon te horen dat hun wallet gevaar liep. Daarna kregen zij het advies hun crypto over te boeken naar een zogenoemde veilige “trust wallet”. Na de overboeking sluisden de daders de tegoeden door naar externe wallets.
FIU-Nederland schrijft dat lage aangiftebereidheid bij cryptoverlies het zicht op slachtoffers en schade beperkt. In één zaak ging men eerst uit van circa een half miljoen euro schade, maar gemelde transacties lieten een bedrag zien dat vier keer zo hoog lag.
Voor gebruikers is de praktische les hard. Een echte exchange vraagt je niet telefonisch of per sms om crypto naar een externe “veilige wallet” te sturen. Dat is geen beveiliging. Dat is de aanval.
MiCA is geen eindslot op witwassen
MiCA maakt Europese cryptoregels duidelijker. Het jaaroverzicht laat alleen zien dat regulering geen volledige controle betekent. Geldstromen verplaatsen zich, meldroutes veranderen en criminelen combineren methodes.
Voor Nederlandse cryptogebruikers ligt de nuance daar. Een platform kan legaal in Nederland actief zijn, terwijl de primaire meldroute via een andere EU-lidstaat loopt. Dat kan juridisch kloppen en tegelijk de nationale cijfers sterk beïnvloeden.
FIU-Nederland waarschuwt ook dat de totale waarde van verdachte transacties voorzichtig moet worden gelezen. In crypto kan dubbele telling ontstaan wanneer iemand eerst crypto koopt en daarna met dezelfde crypto een aankoop doet. Dan kan de statistiek twee transacties tellen, terwijl economisch één bedrag beweegt.
Dat soort nuance maakt het rapport sterker. Het gaat niet om grote cijfers voor de schrik. Het gaat om patronen die anders onzichtbaar blijven.
Crypto blijft zichtbaar in het financiële web
Crypto is legaal en wordt door veel mensen gewoon gebruikt als belegging, betaalmiddel of self-custody-oplossing. Het FIU-rapport zegt niet dat iedere wallet verdacht is.
De boodschap is scherper. Crypto is volwassen genoeg om gewoon mee te draaien in witwasconstructies, fraudeonderzoeken en terrorismefinancieringsdossiers. Niet als los universum, maar als onderdeel van hetzelfde financiële web.
Voor de sector betekent dat meer druk op exchanges, walletanalyse, klantonderzoek en samenwerking tussen FIU’s. Voor gebruikers betekent het meer aandacht voor herkomst, bestemming en nephelpdesks.
De tijd dat crypto in straf- en witwasdossiers als exotische voetnoot gold, is voorbij. FIU-Nederland leest walletsporen nu als één schakel tussen bankrekening, katvanger en crimineel netwerk.