Bijna 1,6 miljoen klantregistraties voor
MiCA-cryptoactiva liepen in 2025 via banken en beleggingsondernemingen die grensoverschrijdend in Europa actief zijn.
ESMA ziet
crypto daarmee terug in dezelfde verkoopkanalen waar miljoenen Europeanen al aandelen en fondsen afnemen.
Maar die 1,6 miljoen is geen telling van unieke cryptobezitters. Ook gespecialiseerde cryptodienstverleners ontbreken juist in het onderzoek.
Crypto komt uit op 8,4% van de productregistraties
Aandelen vormen met 7,3 miljoen klanten de grootste productcategorie. UCITS-beleggingsfondsen volgen met 6 miljoen.
Cryptoactiva onder
MiCA komen uit op bijna 1,6 miljoen. Dat vertegenwoordigt volgens ESMA 8,4% van de gerapporteerde productholdings. CFD’s volgen met ongeveer 1,3 miljoen.
Die percentages moeten niet worden gelezen als marktaandelen onder unieke Europeanen.
Een klant kan meerdere producten bezitten. Iemand met aandelen én crypto telt daardoor in beide productcategorieën mee.
Eén belegger kan ook bij meerdere aanbieders meetellen
Er zit nog een tweede dubbeltelling in de data.
ESMA waarschuwt dat dezelfde klant vaker kan voorkomen wanneer die diensten afneemt bij verschillende buitenlandse ondernemingen.
De bijna 1,6 miljoen kan daarom beter worden gelezen als gerapporteerde klantregistraties dan als 1,6 miljoen afzonderlijke personen.
Het cijfer zegt evenmin hoeveel
Bitcoin,
Ethereum of andere crypto deze klanten bezitten.
ESMA telt klanten per productcategorie. Niet hun wallets of de totale waarde van hun munten.
Grote cryptoplatforms vallen buiten deze telling
Dat maakt de afbakening nog belangrijker.
Het onderzoek omvat kredietinstellingen en beleggingsondernemingen. Gespecialiseerde Crypto-Asset Service Providers, of CASP’s, zijn niet meegenomen.
Daarmee meet ESMA slechts één deel van de Europese cryptomarkt.
Een consument die uitsluitend crypto koopt via een gespecialiseerde cryptodienstverlener hoeft dus helemaal niet in deze 1,6 miljoen te zitten.
Het cijfer laat vooral zien hoe ver crypto is doorgedrongen bij traditionele financiële ondernemingen die al grensoverschrijdend andere beleggingsproducten aanbieden.
Ook niet iedere buitenlandse klant valt onder het onderzoek
Zelfs binnen banken en brokers is de telling niet volledig.
ESMA kijkt specifiek naar dienstverlening vanuit het ene
EU- of EER-land aan particuliere klanten in een ander land. Het gaat om dienstverlening zonder lokale vestiging.
Activiteiten van een onderneming in het eigen thuisland worden niet meegeteld. Diensten via buitenlandse filialen vallen eveneens buiten deze specifieke verzameling.
Daarnaast nam ESMA alleen ondernemingen mee die in een gastland meer dan vijftig particuliere klanten bedienen.
De 1,6 miljoen is daardoor een afgebakende toezichtsmeter, geen Europese cryptovolkstelling.
Totale grensoverschrijdende markt groeit met 47%
Het grotere onderzoek laat wel een stevige verschuiving zien.
ESMA telt over alle productcategorieën ongeveer 15,5 miljoen grensoverschrijdende particuliere klantrelaties in 2025.
Dat is 47% meer dan de 10,5 miljoen uit 2024. Vergeleken met 2023 ligt het aantal 94% hoger.
Die groei mag niet automatisch aan crypto worden toegeschreven. ESMA geeft dat groeipercentage voor de volledige onderzochte markt, niet afzonderlijk voor cryptoactiva.
Het aantal ondernemingen veranderde veel minder. Dat steeg van 370 naar 379.
Er zitten dus gemiddeld veel meer grensoverschrijdende klanten achter iedere aanbieder dan een jaar eerder.
Luxemburg blijft een belangrijk Europees vertrekpunt
Voor de Benelux valt vooral Luxemburg op.
Van de 379 onderzochte financiële ondernemingen was ongeveer 14% in Luxemburg gevestigd. Alleen Cyprus zat hoger, terwijl Duitsland daarachter volgde.
Samen waren Cyprus, Luxemburg en Duitsland goed voor bijna de helft van alle ondernemingen in het onderzoek.
Dat bevestigt de positie van Luxemburg als vertrekpunt voor financiële diensten die vanuit één Europees land aan klanten elders in de EU en EER worden verkocht.
Voor toezicht levert dat meteen een verdeling van verantwoordelijkheden op.
De toezichthouder in het thuisland houdt toezicht op de onderneming. De klant kan honderden kilometers verderop in een ander land zitten.
Nederlandse klant kan met buitenlandse cryptopartij zaken doen
Dat mechanisme is ook zichtbaar in Nederland.
Het
cryptoregister van de AFM bevat CASP’s met een vergunning of notificatie van de AFM óf een andere Europese toezichthouder.
Het register vermeldt vervolgens welke activiteiten zo’n aanbieder in Nederland mag uitvoeren.
Dat AFM-register is niet dezelfde dataset als het ESMA-onderzoek. Het illustreert wel waarom landsgrenzen bij financieel toezicht minder zeggen dan vroeger.
Een Nederlandse klant hoeft geen Nederlandse aanbieder te gebruiken. De onderneming kan elders in Europa gevestigd en vergund zijn.
ESMA gaat in 2027 opnieuw tellen
ESMA gebruikt de jaarlijkse meting om zulke grensoverschrijdende diensten beter te volgen.
De toezichthouder ziet dat een relatief klein aantal vestigingslanden miljoenen klanten verspreid over Europa bedient. Dat maakt informatie-uitwisseling tussen nationale toezichthouders belangrijker.
De volgende gegevensverzameling staat voor 2027 gepland.
De bijna 1,6 miljoen vertelt daarom niet hoeveel Europeanen crypto bezitten.
Het vertelt iets anders: crypto zit niet meer alleen bij gespecialiseerde cryptobedrijven. Het heeft inmiddels ook een meetbare plek gekregen in de grensoverschrijdende verkoopkanalen van Europese banken en brokers.