Een nieuw dekkingsplan voor
Box 3 wordt waarschijnlijk pas eind oktober duidelijk. Voor cryptobezitters betekent dat vooral dat de politieke richting zichtbaar wordt, maar de uiteindelijke fiscale rekening nog niet vaststaat.
Volgens het ANP werken kabinet en Kamer nog aan manieren om de verschuiving richting vermogenswinstbelasting te betalen. Tegelijk heeft het kabinet op 2 oktober al besloten om via een novelle zoveel mogelijk bezittingen onder
belasting bij gerealiseerde winst te brengen. Voor dat aangepaste voorstel is spoedadvies gevraagd aan de Raad van State.
Kabinet wil meer belasting heffen bij realisatie
Het huidige wetsvoorstel voor Box 3 werkt met een combinatie van verschillende systemen.
Bij een vermogensaanwasbelasting kan ook een waardestijging meetellen zolang een belegging nog niet is verkocht. Bij een vermogenswinstbelasting ontstaat de heffing pas wanneer winst daadwerkelijk wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld bij verkoop.
Het kabinet wil volgens de officiële toelichting via de nieuwe novelle zoveel mogelijk richting die tweede methode bewegen.
Dat klinkt aantrekkelijk voor beleggers die grote ongerealiseerde winsten hebben, maar levert de overheid in de eerste jaren minder belastingopbrengst op.
Precies daar ontstaat het dekkingsprobleem.
Eerder voorstel voor lagere vrijstelling stuitte op weerstand
Een van de besproken oplossingen was een lagere heffingsvrije grens.
Volgens de kabinetsreactie van 2 oktober wilde de Kamer kleinere spaarders en beleggers daar niet mee belasten. Het kabinet heeft daarom toegezegd deze groep bij het nieuwe dekkingsvoorstel te ontzien.
Ook andere mogelijkheden liggen politiek gevoelig.
Daarbij worden onder meer maatregelen in Box 2 en aanpassingen rond schenk- en erfbelasting besproken. Geen van die opties ligt op dit moment definitief vast.
Dat maakt de verwachte presentatie eind oktober vooral een begrotingsmoment: wie betaalt voor de lagere inkomsten in de eerste jaren van een vermogenswinststelsel?
Nieuwe Box 3-wet is nog niet definitief
Ook de hoofdlijn van het nieuwe stelsel is nog geen geldende wet.
De Tweede Kamer nam de Wet werkelijk rendement Box 3 op 12 februari 2026 aan. De Eerste Kamer heeft het voorstel inmiddels plenair behandeld, maar de stemming werd uitgesteld in afwachting van de aangekondigde novelle.
De
Rijksoverheid houdt nog steeds 1 januari 2028 aan als beoogde ingangsdatum.
Een novelle is een apart wetsvoorstel waarmee een al bij de Eerste Kamer liggend voorstel wordt aangepast.
De Senaat krijgt daardoor uiteindelijk het oorspronkelijke wetsvoorstel én de aanpassing voorgelegd.
Voor crypto gelden voorlopig de huidige regels
Voor particuliere cryptobezitters verandert door deze onderhandelingen vandaag niets.
De
Belastingdienst rekent
crypto in de gebruikelijke particuliere situatie tot Box 3. Bezitters geven de waarde in het economische verkeer op 1 januari aan, op basis van de koers van het gebruikte omwisselplatform.
Dat geldt bijvoorbeeld voor
Bitcoin, Ethereum en andere cryptobezittingen die als normaal privévermogen worden aangehouden.
Wie activiteiten verricht die verder gaan dan normaal vermogensbeheer, kan fiscaal anders worden behandeld. De precieze beoordeling hangt af van de feiten en omstandigheden.
Realisatieheffing kan voor crypto groot verschil maken
Voor cryptobeleggers zit de toekomstige impact vooral in het moment waarop winst wordt belast.
Stel dat iemand voor €20.000 aan crypto bezit en de waarde stijgt naar €35.000 zonder dat iets wordt verkocht.
Onder een vermogensaanwasmodel kan die waardestijging al onderdeel van het belastbare rendement worden. Bij een zuivere vermogenswinstbelasting komt de belastingheffing pas aan bod wanneer de winst wordt gerealiseerd.
Voor volatiele bezittingen kan dat verschil groot zijn.
Een koerswinst in december kan in januari alweer grotendeels verdwenen zijn. Belasting over gerealiseerde winst voorkomt dat iemand direct belasting verschuldigd raakt over een papieren winst die later verdampt.
Daar staat tegenover dat belastinginkomsten voor de overheid later binnenkomen.
Huidige wetsvoorstel blijft voorlopig de basis
De officiële tijdlijn van de Rijksoverheid noemt het aangenomen wetsvoorstel nog steeds als basis voor Box 3 vanaf 2028.
Het kabinet onderzoekt sinds juni hoe dat voorstel verder kan worden aangepast richting meer vermogenswinstbelasting.
De stap van 2 oktober gaat verder: het kabinet heeft de novelle daadwerkelijk vastgesteld en naar de Raad van State gestuurd voor spoedadvies.
Dat betekent dat de politieke discussie niet meer alleen draait om of er aanpassingen komen.
De vraag verschuift nu naar hoe breed de vermogenswinstmethode wordt toegepast en hoe de miljardenrekening daarvan wordt gedekt.
Eind oktober is dus geen nieuwe cryptobelasting
Dat onderscheid is belangrijk.
Het verwachte dekkingsplan eind oktober bepaalt niet meteen hoeveel belasting een cryptobezitter in 2028 betaalt. Daarvoor moeten de novelle, parlementaire behandeling, uiteindelijke wetstekst en uitvoeringsregels eerst duidelijk worden.
Tot die tijd blijven twee dossiers door elkaar lopen: hoe winst op vermogen straks wordt gemeten en wie de tijdelijke lagere belastingopbrengst betaalt.
Voor cryptobezitters is vooral dat eerste dossier doorslaggevend.
Pas wanneer de aangepaste wet er ligt, wordt duidelijk of een koerswinst op crypto straks tijdens het bezit wordt belast of pas wanneer die winst daadwerkelijk wordt gerealiseerd.