$55,3 miljard aan
Bitcoin-futures staat nog open.
BTC handelt maandagochtend rond $77.300, terwijl Michael Saylor de bekende vierjaarscyclus al maanden doodverklaart.
Dat klinkt als een botsing. Dat is het niet helemaal.
Saylors echte punt is dat
Bitcoin steeds minder door één halvingritme wordt bepaald. ETF's, bedrijven, krediet en derivaten zouden samen zwaarder op de prijs drukken.
En juist die derivatenmarkt is nu enorm.
Bitcoin heeft $55 miljard aan open futures
De
actuele CoinGlass-data laten zien hoeveel geld er nog op tafel ligt.
Rond het meetmoment noteerde Bitcoin ongeveer $77.337. De open interest bedroeg circa $55,3 miljard.
In 24 uur ging ongeveer $56,46 miljard door de futuresmarkt. CoinGlass registreerde daarnaast circa $4,11 miljard spotvolume en $91,3 miljoen aan Bitcoin-liquidaties.
Open interest is de waarde van futurescontracten die nog niet zijn gesloten.
Dat cijfer vertelt niet of BTC omhoog of omlaag moet. Het laat wel zien hoeveel posities nog afhankelijk zijn van prijs, marge en hefboom.
En die stapel is fors.
Futures draaien veel harder dan spot
Op het CoinGlass-dashboard lag het futuresvolume tijdens de meting ruim dertien keer boven het gemeten spotvolume.
Daar moet wel een waarschuwing bij.
Futures worden veel sneller heen en weer verhandeld. Ook kan de dekking van spot- en derivatenbeurzen verschillen. De verhouding bewijst daarom niet dat dertien keer zoveel nieuw geld naar futures stroomt.
Ze toont wel waar een groot deel van de handelsactiviteit zit.
Bij futures.
Dat maakt kleine koersbewegingen gevaarlijker voor traders die veel hefboom gebruiken. Een paar procent tegen de positie in kan genoeg zijn om een exchange automatisch te laten verkopen.
CryptoBenelux zag dat mechanisme vorige week nog veel harder toeslaan, toen
Bitcoin-liquidaties en futuresvolume sterk opliepen.
De hefboom is dus niet verdwenen omdat BTC weer hoger staat.
Saylor verklaarde de vierjaarscyclus in april dood
Daar komt Michael Saylor binnen.
Op 4 april schreef de oprichter en executive chairman van Strategy op X:
“The four-year cycle is dead. Price is now driven by capital flows.”
Hij koppelde de volgende fase van Bitcoin aan geldstromen, banken en digitaal krediet.
Die uitspraak wordt snel gelezen alsof Saylor zegt dat de
Bitcoin-halving niet meer telt.
Dat is te simpel.
Saylor werkte zijn standpunt op 5 juli uitgebreider uit in
Bitcoin Evolves by Not Changing.
Daar schrijft hij juist dat de halving altijd van betekenis blijft. Iedere halving verlaagt de nieuwe productie van BTC.
Alleen noemt hij de vierjaarscyclus niet langer het dominante model.
Dat is een veel verdedigbaardere stelling.
De halving verdwijnt niet, haar gewicht kan wel dalen
De halving zit in de regels van Bitcoin.
Ongeveer iedere 210.000 blokken halveert de beloning die miners ontvangen. Daardoor komt steeds minder nieuwe BTC op de markt.
Dat verandert niet omdat Wall Street zich ermee bemoeit.
Wat wel verandert, is de verhouding tussen nieuwe productie en de hoeveelheid geld die dagelijks door Bitcoin-producten stroomt.
Een ETF kan miljarden dollars verwerken. Bedrijven kunnen grote BTC-posities op hun balans zetten. Futuresmarkten kunnen tientallen miljarden aan open contracten dragen.
Tegen die geldstromen wordt de dagelijkse hoeveelheid nieuw geminede bitcoin relatief kleiner.
Dat is de kern van Saylors argument.
Niet dat schaarste verdwijnt.
Wel dat de vraagkant steeds meer prijsgewicht krijgt.
Derivaten spreken Saylor daarom niet tegen
Hier zit de vreemde draai in het verhaal.
$55 miljard aan open futures lijkt op het eerste gezicht bewijs dat Bitcoin nog steeds een wilde speculatieve markt is.
Dat klopt deels.
Maar het spreekt Saylors theorie over kapitaalstromen niet tegen.
Hij noemt derivaten in zijn eigen stuk expliciet als een van de geldstromen die Bitcoin sterker gaan sturen. Daarnaast noemt hij
ETF's, bedrijfsreserves, banken, krediet en onderpand.
Leverage hoort dus juist bij de wereld die Saylor beschrijft.
Dat maakt zijn theorie alleen niet automatisch positief voor de koers.
Kapitaal kan binnenkomen.
Het kan ook vertrekken.
Meer institutioneel geld betekent niet minder geweld
Dat onderscheid wordt vaak vergeten.
Institutionalisering wordt makkelijk verkocht als een route naar een rustigere Bitcoin-markt. Grote fondsen zouden stabieler zijn dan particuliere traders.
De praktijk is smeriger.
Institutionele markten brengen ook futures, opties, krediet, onderpand en complexe financieringsconstructies mee.
Dat kan liquiditeit toevoegen. Het kan risico ook sneller door het systeem duwen.
Saylor waarschuwt daar zelf voor.
In zijn juli-stuk schrijft hij dat het financiële systeem rond Bitcoin te veel claims, leverage en ondoorzichtigheid kan creëren. Het Bitcoin-protocol kan daarbij gewoon blijven draaien terwijl beleggers buiten de chain zware verliezen pakken.
Dat is precies waarom $55,3 miljard open interest telt.
Niet omdat het de richting voorspelt.
Maar omdat het laat zien hoeveel financiële posities boven op BTC zijn gebouwd.
Strategy is zelf het grootste experiment met die nieuwe cyclus
Saylor kijkt bovendien niet van de zijlijn toe.
Strategy houdt volgens het laatst beschikbare officiële overzicht 843.775 BTC aan.
Het bedrijf heeft daarvoor niet simpelweg winst uit zijn softwarebedrijf gebruikt.
Strategy heeft een complete kapitaalmarktconstructie rond Bitcoin gebouwd. Aandelen, preferente effecten en andere financieringsvormen worden ingezet om de blootstelling aan BTC vorm te geven.
Saylor beschreef die gedachte in juni uitgebreider in
Bitcoin, Digital Credit, and Digital Money.
BTC vormt daarin de onderste laag.
Daarboven wil hij krediet- en beleggingsproducten bouwen die verschillende soorten beleggers toegang geven tot de economische beweging van Bitcoin.
Dit is zijn theorie in de praktijk.
De Bitcoin-cyclus wordt niet alleen een verhaal van miners en halvings. Banken, beursproducten en bedrijfsbalansen schuiven ertussen.
Alleen is de vierjaarscyclus nog niet bewezen dood
Daar moet de rem erop.
Bitcoin heeft maar een klein aantal volledige halvingcycli doorgemaakt.
Dat is te weinig data om met zekerheid te stellen dat één vast patroon bestond. Het is dus ook lastig om statistisch te bewijzen dat dit patroon nu definitief verdwenen is.
Bovendien liepen eerdere cycli nooit in een vacuüm.
Rente, dollarliquiditeit, regelgeving, faillissementen en risicobereidheid veranderden steeds mee.
De halving was één factor.
Niet de enige motor.
Saylor kan daarom gelijk krijgen dat kapitaalstromen tegenwoordig zwaarder wegen, zonder dat de invloed van de halving naar nul gaat.
Die twee ideeën kunnen tegelijk bestaan.
$91 miljoen liquidaties is nog geen grote schoonmaak
Ook de huidige liquidatiecijfers verdienen schaal.
CoinGlass registreerde rond het meetmoment ongeveer $91,3 miljoen aan Bitcoin-posities die in 24 uur gedwongen werden gesloten.
Dat klinkt groot.
Tegenover $55,3 miljard open interest is het echter geen volledige spoeling van de hefboommarkt.
Er blijft veel openstaan.
Dat betekent dat Bitcoin rond $77.000 relatief rustig kan handelen terwijl onder de koers nog steeds veel posities op beweging wachten.
Breekt BTC plotseling hard omhoog, dan kunnen shorts gedwongen terugkopen.
Valt de koers snel, dan worden juist longs kwetsbaar.
Hoge open interest is geen koersvoorspeller. Het maakt een snelle beweging vooral gevoeliger voor versterking.
De echte test voor Saylor zit niet in één koersdag
Of de vierjaarscyclus werkelijk zijn macht verliest, wordt niet beslist door Bitcoin op $77.337.
Ook $55 miljard aan futures geeft daarop geen definitief antwoord.
De interessantere vraag is welke geldstromen de komende jaren het zwaarst gaan wegen.
Blijven
Bitcoin-ETF's structureel grote bedragen verwerken? Kopen bedrijven meer BTC? Gaan banken krediet tegen bitcoin verstrekken? En hoeveel van de handelsactiviteit blijft uit hefboom bestaan?
Als die geldstromen uiteindelijk veel groter worden dan de economische invloed van nieuwe minerproductie, krijgt Saylor zijn gelijk.
Maar dat maakt Bitcoin niet automatisch rustiger.
Misschien sterft de oude vierjaarscyclus inderdaad langzaam.
Dan krijgt de markt er iets anders voor terug: een Bitcoin die minder afhankelijk is van de halvingkalender, maar veel sterker vastzit aan Wall Street, krediet en tientallen miljarden dollars aan posities die met één verkeerde beweging kunnen breken.