XRP lijkt maar niet stuk te krijgen. Terwijl de markt vol optimisme zit, komt er nu weer een belangrijke ontwikkeling uit de VS die het vertrouwen in
Ripple en
XRP verder verstevigt.
Het Amerikaanse Hof van Beroep voor het Negende Circuit heeft op 27 januari 2026 een memorandum uitgebracht waarin het de claims van investeerders in een oude zaak afwijst. Dit geeft meer zekerheid over de vroege distributies van
XRP en helpt
Ripple om eindelijk vooruit te kijken op regelgevingsvlak.
Achtergrond van de zaak
De zaak draait om Bradley Sostack, die in 2018
XRP kocht op Poloniex en daarna een collectieve rechtszaak aanspande. De zaak sleepte zich jaren voort: in 2019 werd Sostack officieel hoofdeiser en kwam er een aangepaste aanklacht.
Hij trad op als hoofdeiser en beschuldigde
Ripple Labs,
XRP II LLC en topman Brad Garlinghouse van het verkopen van niet-geregistreerde effecten. Dit zou in strijd zijn met artikel 12(a)(1) van de Securities Act van 1933.
Focus op verjaringstermijn
Het Ninth Circuit keek vooral naar één cruciale vraag: vielen deze federale claims wel binnen de driejarige verjaringstermijn? Na het doornemen van alle onbetwiste feiten concludeerde het hof helder: nee.
De claims zijn verjaard. De districtsrechtbank had gelijk toen die een vonnis in het voordeel van
Ripple en de anderen uitsprak. De rechters legden uit dat zo'n verjaringstermijn er niet voor niets is. Het biedt zekerheid en zorgt voor een definitieve afhandeling.
Je kunt oude claims niet zomaar oprakelen omdat de markt later verandert of omdat er nieuw gedrag is. Dat zou de hele boel onvoorspelbaar maken.
Waarom vroege XRP-distributies overeind blijven
Uit de documenten blijkt dat de
XRP Ledger al rond 2012 publiek gelanceerd was.
Ripple verkocht toen honderden miljoenen XRP via de ingebouwde exchange van de ledger. Volgens het hof kwalificeerden die verkopen als echte openbare aanbiedingen onder de effectenwetten.
Sostack probeerde nog te betogen dat het escrow-programma van
Ripple en de maandelijkse vrijgaven vanaf 2017 een nieuwe aanbieding vormden. Dat hield geen stand.
Het panel oordeelde dat er geen wezenlijk nieuw feit was dat aantoonde dat de verkopen in 2017 los stonden van de oorspronkelijke lancering. Dus begon de verjaringstermijn al in 2013, toen
XRP voor het eerst echt aan het publiek beschikbaar kwam.
De klacht kwam pas in 2018 en Sostack diende zijn eigen aanklacht in 2019 in. Te laat, aldus de rechters. Ze veegden ook argumenten over integratietoetsen en economische realiteit van tafel. Die zouden de voorspelbaarheid die verjaringsregels juist moeten bieden, ondermijnen.
Wat betekent dit voor Ripple en de markt?
De uitspraak geldt specifiek voor de federale claims die onder Rule 54(b) gecertificeerd waren. Andere claims op basis van staatsrecht blijven buiten dit hoger beroep.
Maar het effect is duidelijk: vroege, transparante tokendistributies krijgen nu meer juridische stevigheid. Dat versterkt het vertrouwen bij investeerders en helpt
Ripple om zich te focussen op groei in plaats van eindeloze rechtszaken.
Met de SEC-zaak grotendeels achter de rug en dit soort uitspraken die oude dreigingen wegnemen, ziet de toekomst voor
XRP er een stuk rooskleuriger uit. Het vertrouwen in het project en de langetermijnvooruitzichten op regelgevingsgebied krijgen een flinke duw in de rug. Precies wat de markt nu kan gebruiken te midden van al dat hernieuwde optimisme.