Contant geld DNB

Nederlanders vertrouwen betalingen, maar vrezen cyberaanvallen en digitale uitval

Europa11 sep , 10:44
74% van de Nederlandse huishoudens vertrouwt het betalingsverkeer. Tegelijk vrezen consumenten cyberaanvallen, technische storingen en de gevolgen van een betaalsysteem dat steeds digitaler wordt.
Dat spanningsveld komt uit de nieuwste jaarlijkse vertrouwensmeting van De Nederlandsche Bank. Voor het eerst vroeg DNB daarin expliciet hoeveel vertrouwen Nederlandse huishoudens hebben in het betalingsverkeer. DNB publiceerde de resultaten op 8 september.
De uitkomst zegt iets belangrijks over digitaal geld. Vertrouwen ontstaat niet doordat een betaaltechniek nieuw of snel is, maar doordat zij op het moment dat het nodig is gewoon werkt.

Drie op de vier Nederlanders vertrouwen betalingen

DNB ondervroeg bijna 2.100 Nederlandse huishoudens.
Van hen zegt 74% vertrouwen te hebben in het Nederlandse betalingsverkeer. De dagelijkse ervaring speelt daarbij de grootste rol.
Betalingen worden normaal gesproken snel verwerkt en leveren weinig problemen op. Ook toezicht, regels en de betrouwbaarheid van de achterliggende systemen worden genoemd.
“Betalingen verlopen doorgaans snel en probleemloos.”
Het vertrouwen in de financiële sector als geheel liep eveneens op. Dat steeg van 52% in 2025 naar 57% dit jaar.
Banken gingen van 56% naar 62%. Het vertrouwen in verzekeraars bleef met 45% gelijk.

Juist digitalisering creëert nieuwe kwetsbaarheid

De hoge score betekent niet dat huishoudens denken dat er niets mis kan gaan.
DNB noemt drie zorgen expliciet: cyberaanvallen, technische storingen en de grotere kwetsbaarheid doordat betalen steeds digitaler wordt.
Dat is geen vreemde combinatie.
Nederlanders pinnen, bankieren mobiel en sturen elkaar betaalverzoeken zonder daar nog bij stil te staan. Juist omdat digitaal betalen zo normaal is geworden, komt een grote storing harder aan.
DNB waarschuwde in maart al dat geopolitieke spanningen en cyberdreigingen de risico's vergroten. Ook afhankelijkheid van een beperkt aantal partijen maakt betalen volgens de centrale bank kwetsbaarder. DNB beschreef die risico's in zijn betaalstrategie voor 2026-2028.

DNB wil dat Nederlanders drie dagen zonder pinnen aankunnen

De waarschuwing heeft een opvallend tastbaar gevolg: cash.
DNB en andere partijen binnen het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer adviseren huishoudens voldoende contant geld achter de hand te houden voor 72 uur.
De richtlijn bedraagt €70 per volwassene en €30 per kind. DNB legt het noodadvies hier uit.
Dat geld is bedoeld voor noodzakelijke uitgaven wanneer pinbetalingen, geldautomaten of internetbankieren tijdelijk uitvallen.
Ook meerdere betaalmogelijkheden helpen.
Wie normaal met een telefoon betaalt, doet er volgens DNB goed aan ook een fysieke betaalpas beschikbaar te hebben. Een rekening bij meer dan één bank kan de afhankelijkheid van één storing eveneens verkleinen.
Dat is eigenlijk redundantie voor consumenten: valt route één weg, dan moet route twee nog werken.

Europa wil minder afhankelijk zijn van buitenlandse betaalbedrijven

Die gedachte speelt ook op grotere schaal.
Nederland leunt volgens DNB sterk op niet-Europese betaaldienstverleners. De centrale bank wil daarom dat consumenten en bedrijven meer Europese alternatieven krijgen.
Wero is daar één voorbeeld van. De Europese betaaloplossing wordt vanaf 2026 in Nederland uitgerold en richt zich onder meer op online betalingen en betalingen tussen personen.
Daarnaast werkt Europa aan de digitale euro.
Als de politieke besluitvorming volgens planning verloopt, verwacht DNB dat consumenten vanaf 2029 met zo'n digitale euro kunnen betalen. Een opvallende eigenschap is dat betalingen ook offline mogelijk moeten worden.
Juist tijdens een internetstoring kan zo'n offline functie relevant worden.

Stablecoins moeten tegen dezelfde meetlat worden gelegd

Daar raakt het onderzoek direct aan crypto.
Stablecoins beloven digitaal geld dat snel en vaak 24 uur per dag kan bewegen.
Dat kan aantrekkelijk zijn wanneer traditionele betalingsroutes gesloten of traag zijn.
Maar snelheid alleen bouwt geen vertrouwen.
Een gebruiker wil ook weten wie het token uitgeeft, hoe de reserves worden beheerd en wat er gebeurt wanneer een dienst uitvalt.
Daar komt nog een praktisch verschil bij. Wie geld zelf in een wallet bewaart, krijgt meer directe controle, maar draagt ook meer verantwoordelijkheid voor sleutels en beveiliging.
De DNB-meting laat daardoor indirect zien hoe hoog de lat voor nieuwe betaalvormen ligt.

Toezicht blijkt zwaar mee te wegen

Nederlandse huishoudens koppelen vertrouwen bovendien duidelijk aan toezicht.
Zes op de tien respondenten zeggen dat toezicht door DNB bijdraagt aan hun vertrouwen dat financiële instellingen hun verplichtingen kunnen nakomen.
78% vindt het belangrijk dat toezichthouders onafhankelijk zijn van de politiek.
Voor crypto raakt dat aan MiCA.
Europese cryptoregels stellen eisen aan aanbieders en bepaalde digitale activa. Maar een vergunning voorkomt geen technische storing of verkeerde transactie.
Toezicht en techniek lossen dus verschillende problemen op.
De gebruiker wil uiteindelijk beide.

DNB kijkt zelf ook naar blockchaintechniek

Opvallend genoeg zet DNB digitale vernieuwing niet weg als bedreiging.
De centrale bank zegt juist toepassingen van distributed-ledgertechnologie door banken en financiële partijen te willen ondersteunen. DNB onderzoekt ook hoe transacties op zulke platforms kunnen worden afgerekend met geld van centrale banken. Dat staat in de DNB-strategie voor 2026-2028.
Ook blockchain krijgt daarmee een plek binnen de vernieuwing van traditionele financiële systemen.
DNB noemt daarnaast verschillende toekomstige vormen van digitaal geld naast elkaar: stablecoins, getokeniseerde bankdeposito's en de digitale euro.
De strijd gaat dus minder over digitaal versus traditioneel.
Het gaat om welke digitale vorm onder druk overeind blijft.

Nederlanders vertrouwen technologie zolang die onzichtbaar werkt

Daar zit uiteindelijk de belangrijkste boodschap van de meting.
Nederlanders lijken digitaal betalen niet te wantrouwen. Integendeel: drie op de vier spreken vertrouwen uit.
Maar dat vertrouwen is praktisch.
Een betaling moet aankomen. De app moet openen. Het geld moet beschikbaar blijven. En wanneer één methode uitvalt, moet er een alternatief zijn.
Voor banken, de digitale euro én crypto geldt daarmee dezelfde test.
De winnaar is niet automatisch het systeem met de nieuwste techniek.
Het is het systeem waarvan gebruikers pas merken hoe ingewikkeld het is wanneer het níét meer werkt.

Stop met te veel betalen voor je crypto. Bij de Amsterdamse exchange Finst handel je tegen de laagste tarieven van Nederland, zonder verborgen kosten.

👀 Bekijk Finst nu

Let op: Beleggen in crypto brengt risico’s met zich mee. Handel alleen met geld dat u kunt missen.

Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading