USDT en DAI verdwijnen bij steeds meer gereguleerde Europese cryptoplatformen, terwijl
DNB waarschuwt dat een stablecoin zonder Europese vergunning niet automatisch dezelfde bescherming biedt.
Dat is één van de praktische gevolgen van
MiCA.
CryptoBenelux bekeek hoe Coinmerce, Coinbase, Bitvavo en Finst op 4 oktober met
stablecoins omgaan. De uitkomst laat zien dat de naam “stablecoin” weinig zegt over de rechten die een Nederlandse gebruiker daadwerkelijk heeft.
Niet alleen de token telt.
Ook de uitgever, de Europese vergunning en de dienst die een platform rond die token aanbiedt bepalen wat mogelijk is.
DNB: niet iedere stablecoin valt onder EU-toezicht
De Nederlandsche Bank waarschuwt daar expliciet voor.
MiCA verdeelt
stablecoins grofweg in twee groepen.
Een Electronic Money Token, of EMT, volgt de waarde van één officiële valuta, zoals de dollar of euro.
Een Asset-Referenced Token, of ART, verwijst naar andere activa of een combinatie daarvan.
DNB houdt toezicht op Nederlandse vergunninghoudende uitgevers van deze stablecoins. Andere Europese toezichthouders kunnen uitgevers uit hun eigen land goedkeuren, waarna zij via Europese regels ook elders diensten kunnen aanbieden.
Maar een stablecoin die een Nederlander kan kopen, staat daarmee nog niet automatisch onder dat Europese regime.
DNB schrijft dat ook binnen de
EU stablecoins kunnen worden gekocht die geen Europese vergunning hebben. Voor zulke tokens kunnen andere of geen vergelijkbare regels gelden. Zelfs het recht om de oorspronkelijke waarde terug te krijgen kan anders uitpakken.
MiCA geeft gereguleerde dollartokens concrete rechten
Voor gereguleerde EMT's is het verschil niet alleen theoretisch.
Artikel 49 van MiCA bepaalt dat houders een vordering hebben op de uitgever.
De uitgever moet een EMT tegen nominale waarde uitgeven en de token op verzoek weer tegen nominale waarde terugbetalen. Die terugbetaling moet in beginsel op ieder moment mogelijk zijn en mag volgens het artikel niet met een aparte redemption fee worden belast.
Bij een dollarstablecoin betekent dat in eenvoudige vorm: één token hoort tegenover één dollar aan nominale aanspraak te staan bij de gereguleerde uitgever.
Juist dat soort wettelijke rechten kan ontbreken of anders zijn wanneer een token buiten het Europese vergunningstelsel valt.
Een koers van $1 op een exchange bewijst dus niet dat iedere houder dezelfde juridische claim op de uitgever heeft.
Coinmerce verwijderde USDT, DAI en drie andere stablecoins
Coinmerce heeft dat onderscheid al naar zijn aanbod vertaald.
De huidige ondersteuningspagina van het Nederlandse platform noemt vijf stablecoins die het vanwege MiCA niet meer ondersteunt:
USDT, FDUSD, TUSD, USDP en DAI.
Kopen en storten werden eerder uitgeschakeld. Daarna stopten ook verkopen en opnames en werden resterende saldi naar USDC omgezet. Coinmerce zegt dat deze tokens niet tijdig aan de vereisten voldeden die het platform voor zijn Europese aanbod toepast.
Dat betekent niet dat USDT of DAI wereldwijd zijn verdwenen.
Het betekent dat Coinmerce ze binnen zijn Europese aanbod niet langer wil aanbieden.
Dat verschil is belangrijk.
MiCA verwijdert geen token van een
blockchain. Het bepaalt wel onder welke voorwaarden Europese partijen zo'n token mogen uitgeven en er diensten rond mogen leveren.
Coinbase trekt deadline op 30 oktober
Bij Coinbase loopt die overgang nog.
De beurs zegt dat klanten in de Europese Economische Ruimte bepaalde stablecoins niet langer kunnen kopen, verkopen of converteren.
Op de lijst staan onder meer USDT, DAI, PYUSD, GUSD, USDS en PAX.
Wie zo'n resterend saldo wil behouden, kan het volgens Coinbase nog tot 30 oktober 2026 opnemen naar een externe wallet, voor zover die opname technisch wordt ondersteund.
Na die datum volgt een automatische omzetting.
Coinbase zegt dat getroffen saldi naar USDC worden geconverteerd wanneer dat geschikt is. Waar dat niet kan, kan een andere ondersteunde crypto of valuta worden gebruikt.
Coinbase koppelt de maatregel rechtstreeks aan MiCA.
De overgangsperiode voor stablecoinuitgevers eindigde volgens het platform op 1 juli 2026. Stablecoins waarvan de uitgever niet onder MiCA is toegelaten, kunnen daardoor niet langer op dezelfde manier binnen het EER-aanbod worden ondersteund.
USDC zit juridisch anders in elkaar
USDC vormt een duidelijk tegenvoorbeeld.
Circle Internet Financial Europe staat in het openbare register van DNB als Franse elektronischgeldinstelling.
Het bedrijf staat onder toezicht van de Franse ACPR en heeft sinds juli 2024 een Europees paspoort voor grensoverschrijdende diensten in
Nederland. De registratie omvat uitgifte, distributie en redemption van elektronisch geld.
Dat is iets anders dan zeggen dat DNB Circle zelf een Nederlandse vergunning heeft gegeven.
De vergunning komt uit Frankrijk.
Het Europese paspoort maakt dienstverlening in Nederland mogelijk.
Die juridische constructie is precies waarom gebruikers niet alleen naar het logo van een stablecoin moeten kijken, maar ook naar de entiteit die de token uitgeeft.
Finst bouwt juist honderden handelsparen rond USDC
Finst koos deze zomer de andere richting.
Het Nederlandse platform lanceerde in juli meer dan 400 handelsparen met USDC. Iedere beschikbare cryptomunt kon daardoor rechtstreeks tegen zowel euro als USDC worden verhandeld.
Finst presenteert die uitbreiding nadrukkelijk als onderdeel van zijn gereguleerde Europese aanbod.
Dat laat zien wat MiCA op handelsplatformen kan veroorzaken.
Sommige stablecoins verdwijnen.
Andere krijgen juist een grotere rol als handelsvaluta.
Voor gebruikers verschuift daarmee liquiditeit tussen verschillende dollartokens zonder dat de dollar als rekeneenheid uit cryptohandel verdwijnt.
Maar zelfs een toegelaten stablecoin kan beperkingen hebben
Daar zit de volgende laag.
Een gereguleerde stablecoin betekent niet automatisch dat iedere
exchange alle mogelijke diensten ermee mag aanbieden.
Bitvavo laat dat goed zien.
Nieuwe accounts die na 1 maart 2026 zijn geopend, kunnen stablecoins zoals USDC, EURC, EUROP, EURCV en USDCV niet rechtstreeks storten of opnemen. Handel op het platform blijft wel mogelijk.
Coinmerce heeft een vergelijkbare scheiding bij USDC.
Sinds 2 maart ondersteunt het platform geen USDC-stortingen of -opnames meer. Gebruikers kunnen USDC volgens de eigen documentatie nog wel kopen, verkopen en aanhouden. Coinmerce wijst daarbij op aanvullende vergunningseisen voor diensten rond EMT's.
USDC zelf is dus niet het probleem.
De vraag is welke specifieke dienst een platform rond elektronisch geld mag leveren.
Twee vergunningvragen lopen daardoor door elkaar
Voor Nederlandse gebruikers ontstaan feitelijk twee controles.
De eerste gaat over de stablecoin:
Wie geeft hem uit en valt die uitgever onder MiCA?
De tweede gaat over het platform:
Welke diensten mag dit platform rond die stablecoin aanbieden?
Een token kan Europees gereguleerd zijn terwijl een bepaalde exchange geen stortingen of opnames ondersteunt.
Andersom kan een token technisch in een eigen
wallet staan terwijl de uitgever niet onder het Europese stablecoinregime valt.
Dat zijn juridisch verschillende situaties.
USDT en DAI verdwijnen niet uit wallets
Dat is ook waarom “Europa verbiedt USDT” te kort door de bocht is.
Coinbase geeft gebruikers bijvoorbeeld expliciet de mogelijkheid getroffen tokens vóór de deadline naar een externe wallet te sturen.
Een blockchain stopt niet bij de Europese grens.
Tokens kunnen buiten een Europees gereguleerd platform blijven bestaan en technisch tussen wallets worden verstuurd wanneer het betreffende netwerk dat toestaat.
Maar juist daar wordt DNB's waarschuwing relevant.
Dat iemand een token kan bezitten, betekent niet dat hij dezelfde Europese rechten heeft als bij een gereguleerde EMT.
Technische toegang en juridische bescherming zijn twee verschillende dingen.
Een dollarprijs van $1 zegt dus niet genoeg
Voor een gebruiker lijkt de keuze soms simpel.
USDT kost ongeveer één dollar.
USDC kost ongeveer één dollar.
Een andere dollarstablecoin eveneens.
Economisch proberen ze dezelfde rekeneenheid te volgen.
Juridisch kunnen de verschillen groot zijn.
Wie de uitgever is, waar die partij een vergunning heeft en welk recht op terugbetaling bestaat, bepaalt mede wat er gebeurt wanneer er problemen ontstaan.
MiCA probeert precies die laag zichtbaar te maken.
De verschuiving bij Coinmerce, Coinbase, Bitvavo en Finst laat zien dat die regels nu daadwerkelijk het productaanbod voor Nederlandse gebruikers veranderen.
Voor een stablecoinhouder is daarom niet langer alleen de vraag “blijft deze token op één dollar?”
De tweede vraag wordt minstens zo belangrijk:
“Wie is mij die dollar juridisch verschuldigd als het misgaat?”