Bitcoin beweegt gemiddeld veel rustiger dan tijdens 2018. Toch telt 2026 tot nu toe méér koersdagen die extreem afwijken van het recente handelsritme.
Dat lijkt tegenstrijdig. Het is het niet.
Juist wanneer gewone dagen kalmer worden, hoeft een beweging minder groot te zijn om statistisch uit de toon te vallen. Lage volatiliteit betekent daarom niet automatisch dat onverwachte schokken verdwijnen.
Tien uitschieters tegenover acht in heel 2018
Een
analyse van dagelijkse Bitcoinbewegingen komt voor 2026 tot nu toe op tien dagen die minstens drie standaardafwijkingen afweken van het recente patroon.
In heel 2018 waren dat er acht.
Tegelijk ligt de geannualiseerde volatiliteit dit jaar rond 46%. Voor 2018 lag dat cijfer rond 84%.
De dagelijkse ruis is dus fors afgenomen, terwijl relatieve uitschieters vaker voorkomen.
Dat verschil is belangrijk.
Een beweging hoeft vandaag niet groter te zijn dan tijdens de bearmarkt van 2018 om statistisch uitzonderlijker te zijn.
Drie procent kan soms extremer zijn dan zes procent
De gebruikte maatstaf vergelijkt een koersbeweging met wat in de voorafgaande periode normaal was.
Stel dat Bitcoin wekenlang ongeveer 1% per dag beweegt. Een plotselinge beweging van 3% steekt daar hard tegen af.
Beweegt Bitcoin normaal 3% per dag, dan is dezelfde sprong veel minder bijzonder.
Daarom betekent een dag van drie standaardafwijkingen niet automatisch dat de absolute koersbeweging historisch gigantisch was.
Het zegt vooral dat die dag sterk afweek van de recente rust.
Lage volatiliteit kan handelaren te comfortabel maken
Daar zit de interessantste marktles.
Veel risicomodellen kijken sterk naar recente koersbewegingen. Worden die kleiner, dan daalt ook de gemeten volatiliteit.
Een portefeuille kan daardoor op papier veiliger ogen.
Maar een plotselinge beweging kan nog steeds hard aankomen, zeker wanneer handelaren hun posities tijdens die rustige periode hebben vergroot.
Dat speelt vooral bij hefboomposities. Wie weinig beweging verwacht, kan meer risico nemen om hetzelfde rendement na te jagen.
Dan hoeft de volgende uitschieter niet eens historisch groot te zijn om forse liquidaties te veroorzaken.
Volatiliteit vertelt niet hoe pijnlijk de staart wordt
Ook daarom gebruiken professionele risicomodellen meer dan één getal.
Value-at-Risk probeert bijvoorbeeld een verliesgrens te schatten die binnen een gekozen kansniveau normaal niet wordt overschreden.
Expected shortfall kijkt juist naar wat er gebeurt nadat die grens toch wordt doorbroken.
Het
Basel Committee gebruikt expected shortfall binnen zijn raamwerk voor marktrisico. Het doel daarvan is juist om meer aandacht te geven aan zware verliezen in de staart van de verdeling.
Voor Bitcoin is dat verschil goed zichtbaar.
Tien uitschieters vertellen hoe vaak de recente bandbreedte stevig werd doorbroken. Ze vertellen niet automatisch hoeveel geld tijdens iedere uitschieter verloren ging.
Een rustige maand kan de lat lager leggen
Er zit nog een addertje in de telling.
De referentie beweegt mee.
Als de voorgaande dertig dagen uitzonderlijk rustig waren, wordt de standaardafwijking kleiner. Daardoor kan een relatief bescheiden beweging sneller als statistische uitschieter worden aangemerkt.
Andersom kan een wilde periode de lat juist verhogen.
Een vaste procentuele beweging kan daardoor op het ene moment extreem zijn en enkele maanden later nauwelijks opvallen.
Dat maakt vergelijkingen tussen verschillende marktjaren lastiger dan een simpele telling suggereert.
Tien extreme dagen voorspellen niets over nummer elf
De cijfers geven ook geen handelssignaal.
Dat 2026 al tien relatieve uitschieters telt, betekent niet dat een nieuwe grote daling of stijging dichtbij is. De statistiek beschrijft wat al gebeurd is.
Ze zegt evenmin iets over de richting.
Een positieve koerssprong kan net zo goed meerdere standaardafwijkingen van het gemiddelde liggen als een forse daling.
Wie uit de telling een naderende correctie probeert af te leiden, voegt dus informatie toe die niet in de cijfers zit.
Rustiger Bitcoin betekent niet automatisch minder risico
De opvallendste verandering zit daarom niet in één spectaculaire koersdag.
Bitcoin kan volwassen worden in de zin dat de gemiddelde dagelijkse schommeling kleiner wordt, terwijl plotselinge afwijkingen nog steeds regelmatig door die rust heen breken.
Dat maakt één volatiliteitscijfer gevaarlijk simpel.
46% vertelt dat Bitcoin gemiddeld rustiger beweegt dan in 2018. De tien uitzonderlijke dagen laten zien wat dat gemiddelde kan verbergen.
Een kalme zee maakt een plotselinge golf niet groter. Je merkt hem alleen sneller.