Crypto MiCA België Nederland

België geeft crypto langer ruimte dan Nederland: ontstaat er nu een MiCA-kloof in de Benelux?

Europa10 mrt , 6:53
Nederland en België laten zien dat MiCA in de praktijk nog allesbehalve volledig gelijk landt in Europa. De Europese cryptowetgeving moet juist zorgen voor één speelveld: dezelfde regels, dezelfde bescherming en minder nationale verschillen. Toch ontstaat er nu al een zichtbaar onderscheid in de manier waarop beide landen omgaan met de overgangsperiode.
Dat maakt van België geen toevluchtsoord voor cryptobedrijven. Wel onderstreept het dat de uitvoering van MiCA voorlopig nog sterk nationaal aanvoelt. En dat is relevant voor aanbieders, beleggers en bedrijven die actief zijn in de Benelux.

België geeft sommige partijen meer tijd

De Belgische toezichthouder FSMA is helder over de basislijn: alleen erkende CASP’s, oftewel Crypto-Asset Service Providers, mogen MiCA-diensten aanbieden.
Tegelijkertijd staat op de website van de toezichthouder dat sommige partijen die niet als CASP kwalificeren, onder voorwaarden nog mogen doorgaan tot 30 juni 2026. Die extra maanden geven bepaalde aanbieders meer ruimte om hun activiteiten aan te passen aan het nieuwe regime.

Nederland legt de druk eerder op EMT-diensten

In Nederland ligt het accent nadrukkelijker op de overlap tussen MiCA en PSD2, de Europese regels voor betaaldiensten. De Nederlandsche Bank (DNB) kijkt daarbij vooral scherp naar diensten rond electronic money tokens, oftewel EMT’s.
Voor zulke diensten geldt vanaf 1 maart 2026 in principe een PSD2-vergunning, tenzij een uitzondering van toepassing is of wordt gewerkt via een betaaldienstverlener. Tot dat moment gold een ruimere overgangsperiode met terughoudende handhaving.
De spanning zit vooral bij EMT-diensten die qua functie dicht tegen betaaldiensten aan liggen. DNB noemt daarbij twee situaties waarin een PSD2-vergunning, of een samenwerking met een vergunde partij, nodig is:
  • crypto-asset transfers met EMT’s namens klanten
  • custody en administratie van EMT’s wanneer de wallet ook betalingen aan derden mogelijk maakt, omdat die wallet dan als betaalrekening kan worden gezien
DNB maakt tegelijk duidelijk dat niet alles automatisch onder PSD2 valt. Pure exchange-diensten, zoals crypto naar euro of crypto naar crypto, en bemiddeling bij aankoop met EMT’s vallen daar niet onder.

Waarom Nederland eerder frictie voelt

Het verschil tussen Nederland en België zit vooral in het tempo waarmee de overlap tussen MiCA en PSD2 wordt ingevuld. België geeft bepaalde partijen tot eind juni 2026 extra ruimte. Nederland stelt bij EMT-gerelateerde betaaldiensten al sinds 1 maart strengere eisen.
Dat betekent niet automatisch dat Nederland strenger is en België soepeler. Het laat vooral zien dat beide landen een ander ritme hanteren in de overgang naar het nieuwe Europese kader.

Is België nu een logische uitwijkroute?

Vooralsnog is daar geen hard bewijs voor. Er zijn geen publieke signalen dat cryptobedrijven op grote schaal naar België vertrekken. Wie dat nu al als feit neerzet, loopt vooruit op de situatie.
Wel is het aannemelijk dat ongelijke overgangsdata invloed kunnen hebben op strategische keuzes. Internationale aanbieders kijken immers niet alleen naar de tekst van MiCA, maar ook naar de vraag waar de operationele druk het eerst voelbaar wordt.
Een paar maanden extra ruimte kan in de praktijk genoeg zijn om diensten anders in te richten, onboarding aan te passen of de nadruk tijdelijk naar een andere markt te verschuiven.

Wat betekent dit voor gebruikers?

Voor de meeste gebruikers verandert er op korte termijn weinig. Stortingen, spot-handel en reguliere wallets blijven in de kern gewoon beschikbaar.
De impact zit vooral bij diensten met betaalachtige functies, zoals EMT-transfers of wallets waarmee betalingen aan derden mogelijk zijn. In Nederland kunnen daarvoor sneller vergunningseisen of verplichte samenwerkingen gelden. In België hebben sommige partijen langer de tijd om dat op orde te brengen.
Dat verschil lijkt beperkt, maar kan later doorwerken in het productaanbod, de onboarding van klanten en de beschikbaarheid van specifieke functies.

MiCA is Europees, de uitvoering voelt nog nationaal

MiCA werd gepresenteerd als een stap naar harmonisatie van de cryptomarkt in Europa. In de praktijk blijkt de landing van die regels voorlopig nog per land te verschillen.
Nederland zit bij EMT-betaaldiensten al in een strakkere fase. België biedt bepaalde partijen nog tot eind juni 2026 meer ademruimte.
De kern is dus niet dat het ene land wint en het andere verliest, maar dat Europese cryptoregels in maart 2026 nog steeds verschillend kunnen aanvoelen, afhankelijk van het land en het type dienst.
Voor de Benelux is dat inmiddels geen detail meer, maar een factor die echt meeweegt in hoe de markt zich ontwikkelt. Eventuele verdere updates van DNB en FSMA zullen daarin bepalend blijven.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading